Font size
WorksheetsBrugklas V/G H4+H5
Total questions: 38
Worksheet time: 32mins
Wat is geen rijmschema?
AABB
ABAB
ABBB
ABCB
GEDICHT:
'Het voelt alsof ik vlieg' is een vorm van ...
(a)
Als ik leer voor geschiedenis pas ik de methode ... lezen toe
(a)
Kies de juiste tekstvorm:
Harry Potter DEEL 1
Informerend
Amuserend
Kies de juiste tekstvorm:
AD schrijft over schaarste in de woningmarkt
Informerend
Amuserend
Wat is geen tekstverband?
Uitleggend
Tegenstellend
Verhalend
Tijdsvolgorde
Wat is het juiste begrip bij de omschrijving?
'een mens of dier pijn doen'
Manipuleren
Zich begeven naar
Armlastig
Kwellen
Wat is het juiste begrip bij de omschrijving?
'wreed'
Obsessie
Obstakel
Bruut
Opzettelijk
Een synoniem van kijken is...
Luisteren
Zien
Bij redekundig ontleden, ontleed je ... de zin.
(a)
Bij taalkundig ontleden, ontleed je ... de zin.
(a)
Wat is kenmerk van een samengestelde zin?
Heeft 2 of meer PV's
Heeft 2 of meer OND's
Heeft 2 of meer LV's
Heeft 2 of meer zinsdeelstrepen
Bij een hoofdzin staan PV en OND ...
(a)
WAAR of NIET WAAR?
In een zin met een NG kan ook een LV staan.
WAAR
NIET WAAR
WAAR of NIET WAAR?
Een bijzin hoef je niet te ontleden.
WAAR
NIET WAAR
Wat is NIET een juiste manier om de PV te vinden in een zin?
Tijdsproef
Vraagproef
Getalproef
'Hun' is een ...
Persoonlijk voornaamwoord
Bezittelijk voornaamwoord
Zelfstandig naamwoord
Benoem het WW specifiek:
Morgen gaan wij samen naar school.
'gaan' = ...
(a)
Benoem het WW specifiek:
Hij is al jaren verliefd op zijn buurmeisje.
'is' = ...
(a)
Mijn broertje heeft gisteren mijn nieuwe speelgoed (slopen).
(a)
Heb je hem niets (vertellen)?
(a)
Wat is het verkleinwoord van:
'ketting'
(a)
Wat is het verkleinwoord van:
'oma'
(a)
Wat is het verkleinwoord van:
'baby'
(a)
Tijdens het lezen viel hij in slaap.
'tijdens het lezen' =
MV
PV
BWB
OND
Ik vroeg gisteren of hij met me mee wilde eten.
'gisteren' = ...
PV
OND
LV
BWB
Mijn moeder bakt een taart voor mijn oma.
'mijn moeder' =
PV
OND
LV
MV
Mijn moeder bakt een taart voor mijn oma.
'een taart' = ...
PV
OND
LV
MV
Mijn moeder bakt een taart voor mijn oma.
'voor mijn oma' = ...
PV
OND
LV
MV
De vier tekstdoelen van een tekst:
Informeren - ... - activeren - betogen
(a)
Een betoog heeft een (tweedeling/driedeling)
(a)
'daarom' is een ... verband
Redengevend
Concluderend
'dus' is een ... verband
Redengevend
Concluderend
Een ... geeft extra informatie in een zin.
BWB
OND
LV
*Antwoord in afkortingen
Gisteren is mijn fiets gestolen.
'gisteren' = ...
(a)
*Antwoord in afkortingen
Ik had hem voor mijn huis geparkeerd.
'voor mijn huis' = ...
(a)
*Antwoord in afkortingen
Ik had hem voor mijn huis geparkeerd.
'hem' = ...
(a)
*Antwoord in afkortingen
Ik had hem voor mijn huis geparkeerd.
'ik' = ...
(a)
