wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Nando 1 - Grote-einde-schooljaar-quiz

Total questions: 45

Worksheet time: 39mins

Name
Class
Date
1.

x + 3 = 15

a)

18

b)

12

c)

-12

d)

20

2.

-x - 2 = -2

a)

x = 0

b)

x = 2

c)

x = 4

d)

x = -4

3.

5 = 2x - 3

a)

x = 1

b)

x = 8

c)

x = 4

d)

x = 2

4.

de hoogte van de driehoek is:

a)

3 cm

b)

4 cm

c)

5 cm

d)

6 cm

5.

Definitie: Een natuurlijk getal is

a)

een getal zonder komma's.

b)

het resultaat van een deling.

c)

het resultaat van de telling van een eindig aantal dingen.

d)

een getal zonder breuken

6.

Definitie: Een rationaal getal is

a)

het quotiënt van twee gehele getallen waarbij het tweede niet nul is.

b)

een kommagetal.

c)

een breuk.

d)

een geheel getal voorzien van een toestandsteken.

7.

Duid alle mogelijkheden aan:

Het getal -12 is een element van

a)

de verzameling van de gehele getallen.

b)

de verzameling van de natuurlijke getallen.

c)

de verzameling van de rationale getallen.

8.

Duid alle mogelijkheden aan:

Het getal -0,36 is een element van

a)

de verzameling van de gehele getallen.

b)

de verzameling van de natuurlijke getallen.

c)

de verzameling van de rationale getallen.

9.

Duid alle mogelijkheden aan:

Het getal 128 is een element van

a)

de verzameling van de gehele getallen.

b)

de verzameling van de natuurlijke getallen.

c)

de verzameling van de rationale getallen.

10.

Welk symbool betekent "is een element van" ?

a)
b)
c)
d)
11.


Duid alle mogelijkheden aan:
2412\frac{-24}{12}  is een element van

a)

de verzameling van de natuurlijke getallen.

b)

de verzameling van de gehele getallen.

c)

de verzameling van de rationale getallen. 

12.

De verzameling van de gehele getallen som je op als

a)

{...,, -3, -2, -1, 1, 2, 3, ...}

b)

{0, 1, 2, 3, 4, ...}

c)

{..., -3, -2, -1, 0, 1, 2, 3, ...}

d)

{..., -3, -2, -1, 0}

13.

Bereken: -7 - 14 =

a)

-7

b)

7

c)

-21

d)

21

14.

Bereken: 14 : (-2) =

a)

7

b)

-7

15.

Bereken (-2)³ =

a)

-6

b)

6

c)

-8

d)

8

16.

Bereken (-3)² =

a)

-6

b)

6

c)

-9

d)

9

17.

Bereken -3² =

a)

-6

b)

6

c)

-9

d)

9

18.

Bereken -3³ =

a)

-9

b)

9

c)

-27

d)

27

19.

8  (5) =-8\ -\ \left(-5\right)\ =  

a)

-3

b)

-13

c)

13

d)

40

20.

18a + 39a =

a)

57a2

b)

57a

c)

57

d)

57aa

e)

ander antwoord

21.
1 meter is hoeveel cm? 
a)
10 cm
b)
100 cm
c)
1.000 cm
d)
10.000 cm
22.
5,5 kilometer is hoeveel meter?
a)
5 meter
b)
55 meter
c)
550 meter
d)
5500 meter
23.

Een tweedelig stelsel wordt ook wel een ... stelsel genoemd.

a)

binair

b)

tiendelig

c)

hexadecimaal

d)

octaal

24.

Rond af op 0,01 nauwkeurig.

27,0864

(a)  

25.

De uitkomst van een vermenigvuldiging wordt het ... genoemd.

(a)  

26.

Duid de juiste opsomming aan.

a)

{..., -3, -2, -1}

b)

{..., -3, -2, -1, 0}

c)

{..., -2, -1, 0, 1, 2, ...}

d)

{..., 3, 2, 1}

27.

Wat is de naam van deze voorstellingswijze?

a)

dotplot

b)

staafdiagram

c)

schijfdiagram

d)

bolletjes

voorstelling

28.

Wat is de modus hier?

a)

9

b)

8

c)

10

d)

11

29.

Dit is de ontwikkeling van een ...

(a)  

30.

De gevraagde hoekgrootte bedraagt ... °

(a)  

31.

Als je steeds met dezelfde snelheid rijdt, leg je na drie uur 270 km af. Hoeveel km leg je af in 5 uur?

(a)   km

32.

(0,03)3=\left(0,03\right)^3=  

(a)  

33.

(1,2)2=\left(-1,2\right)^2=  

(a)  

34.

0,50,522+30,25=0,5-0,5^2\cdot2+3\cdot0,25=  

(a)  

35.

Duid de juiste formule aan.

a)

y=2x-3

b)

y=5x

c)

y=2x+3

d)

y=3x+2

36.
a)

A

b)

B

c)

C

d)

D

e)

E

37.
a)

A

b)

B

c)

C

d)

D

e)

E

38.

Welke merkwaardige lijn wordt hier afgebeeld?

a)

bissectrice

b)

middelloodlijn

c)

hoogtelijn

d)

zwaartelijn

39.

Welke merkwaardige lijn wordt hier afgebeeld?

a)

bissectrice

b)

middelloodlijn

c)

hoogtelijn

d)

zwaartelijn

40.

Welke merkwaardige lijn wordt hier afgebeeld?

a)

bissectrice

b)

middelloodlijn

c)

hoogtelijn

d)

zwaartelijn

41.

Welke merkwaardige lijn wordt hier afgebeeld?

a)

bissectrice

b)

middelloodlijn

c)

hoogtelijn

d)

zwaartelijn

42.

34369=\frac{-3}{4}\cdot\frac{36}{9}=  

a)

3913\frac{-39}{13}  

b)

335\frac{-33}{5}  

c)

10836\frac{-108}{36}  

d)

-3

43.

0,03(0,002)=-0,03\cdot\left(-0,002\right)=  

(a)  

44.

Geef de juiste formule voor het volume van een kubus. ​ (a)  

45.

Geef de formule van de oppervlakte van een rechthoek.​ (a)