WorksheetsFeedback
Total questions: 17
Worksheet time: 9mins
Hij toont belangstelling voor leerlingen
Vaak
Regelmatig
Soms niet,soms wel
Soms
Nooit
Hij heeft gezag
Vaak
Regelmatig
Soms niet,soms wel
Soms
Nooit
Bij hem heb je vrijheid
Vaak
Regelmatig
Soms niet,soms wel
Soms
Nooit
Je hebt bij hem eigen verantwoordelijkheid
Vaak
Regelmatig
Soms niet,soms wel
Soms
Nooit
Hij heeft gevoel voor humor
Vaak
Regelmatig
Soms niet,soms wel
Soms
Nooit
Hij is zelf aan het woord
Vaak
Regelmatig
Soms niet,soms wel
Soms
Nooit
Hij doet vriendelijk tegen leerlingen
Vaak
Regelmatig
Soms niet,soms wel
Soms
Nooit
Bij hem moet het stil zijn in de les
Vaak
Regelmatig
Soms niet,soms wel
Soms
Nooit
Er valt met hem te praten
Vaak
Regelmatig
Soms niet,soms wel
Soms
Nooit
Hij maakt een onzekere indruk
Vaak
Regelmatig
Soms niet,soms wel
Soms
Nooit
Hij is voor de orde in de les afhankelijk van de medewerking van de leerlingen
Vaak
Regelmatig
Soms niet,soms wel
Soms
Nooit
Hij kan kwaad worden
Nooit
Soms
Soms niet,soms wel
Regelmatig
Vaak
Hij zegt dat leerlingen weinig presteren
Nooit
Soms
Soms niet,soms wel
Regelmatig
Vaak
Hij is iemand op wie je kunt vertrouwen
Vaak
Regelmatig
Soms niet,soms wel
soms
Nooit
Je weet precies waar je bij hem aan toe bent
Vaak
Regelmatig
Soms niet,soms wel
soms
Nooit
Heb je nog een tip voor de les of docent.
Wat vind je goed gaan in de les?
(a)
