wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Herhaling Trim 1 NW2

Total questions: 24

Worksheet time: 24mins

Name
Class
Date
1.

Duid aan : de energiecentrales die kunnen opgeraken.

a)

Windmolen

b)

Waterkracht

c)

Aardgas

d)

Steenkool

2.

We gebruiken de meeste energie voor :

a)

Koelen en vriezen

b)

Huis verwarmen

c)

Ontspanning

d)

Verlichting

3.

In een generator wordt kinetische energie omgezet naar elektrische energie.

a)

Waar

b)

Niet waar

4.

Zonnecellen hebben een turbine en generator.

a)

Waar

b)

Niet waar

5.

Bij een windmolen wordt de turbine aangedreven door

a)

Water

b)

Wind

c)

Steenkool

d)

Aardgas

6.

Een kerncentrale produceert

a)

Kernafval

b)

CO2CO_2

c)

Geen afval

7.

Het systeem hoe de aarde zijn warmte vasthoud noemt Hierdoor is het ongeveer 15 °C\degree C

a)

De atmosfeer

b)

Het broeikaseffect

c)

Het versterkte broeikaseffect

8.

We produceren te veel CO2CO_2 , hierdoor ontstaat het

a)

De atmosfeer

b)

Het broeikaseffect

c)

Het versterkte broeikaseffect

9.

Welke centrales produceren CO2?

a)

Windmolen

b)

Aardgascentrale

c)

Biogascentrale

d)

Zonnecellen

10.

Welke centrale is CO2 neutraal?

a)

Windmolen

b)

Biogascentrale

c)

Waterkrachtcentrale

d)

Steenkoolcentrale

11.

Een lepel in een tas soep wordt warm.

a)

Geleiding

b)

Convectie

c)

Straling

12.

Een verwarming verwarmd de hele ruimte.

a)

Geleiding

b)

Convectie

c)

Straling

13.

Een hete luchtoven om een cake te bakken

a)

Geleiding

b)

Convectie

c)

Straling

14.

Je handen naast het vuur houden om ze te verwarmen.

a)

Geleiding

b)

Convectie

c)

Straling

15.

Straling kan zowel zichtbaar als onzichtbaar zijn.

a)

Waar

b)

Niet waar

16.

Dit is een voorbeeld van

a)

Gammastralen

b)

Radiogolven

c)

UV straling

d)

Zichtbaar licht

17.

Dit is een voorbeeld van

a)

Gammastralen

b)

Radiogolven

c)

UV straling

d)

Zichtbaar licht

18.

Een plant zet stralingsenergie om naar

a)

Chemische energie

b)

Kinetische energie

c)

Elektrische energie

d)

Thermische energie

19.

Plant verbruikt en om te kunnen groeien

a)

Stralingsenergie

b)

Chemische energie

c)

Thermische energie

d)

Kinetische energie

20.

Een plant heeft warmte en licht nodig om te groeien.

a)

Waar

b)

Niet waar

21.

Een plant geeft CO2 af bij de fotosynthese.

a)

Waar

b)

Niet waar

22.

Een plant maakt glucose aan bij de fotosynthese

a)

Waar

b)

Niet waar

23.

H2O + CO2 -> Glucose + ?

a)

Energie

b)

O2O_2

c)

Waterdamp

d)

C6H12O6C_6H_{12}O_6

24.

Dit zijn

a)

Huidmondjes

b)

Huidblaasjes

c)

Blaadjes

d)

Poortjes