Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Begrippen H2 - Havo 5 2026

Total questions: 25

Worksheet time: 20mins

Name
Class
Date
1.

Welk begrip hoort bij deze omschrijving?

Het verschil tussen de beschikbare en benodigde hoeveelheid water.

(a)  

2.

Welk begrip hoort bij deze omschrijving?

Wind die van de subtropische hogedrukgebied richting de evenaar waait; op het noordelijk halfrond komt deze uit het noordoosten, op het zuidelijk halfrond uit het zuidoosten.

(a)  

3.

Welk begrip hoort bij deze omschrijving?

Stabiel lagedrukgebied rond de evenaar waar het warm is en door opstijgende lucht veel buien voorkomen.

(a)  

4.

Welk begrip hoort bij deze omschrijving?

Wind die van de subtropische hogedrukgebieden richting de evenaar waait, die vervolgens kruist en van richting verandert.

(a)  

5.

Welk begrip hoort bij deze omschrijving?

Het stromingspatroon van het zeewater in de oceanen.

(a)  

6.

Welke type stollingsgesteente is in de afbeelding te zien?

a)

Graniet

b)

Puimsteen

c)

Basalt

d)

Vulkanisch glas

7.

Welk begrip hoort bij deze omschrijving?

Landschapzone gekenmerkt door een lage hoeveelheid neerslag, waardoor woestijn en steppe overheersen.

(a)  

8.

Welk begrip hoort bij deze omschrijving?

Het in kleinere stukken breken van gesteente, waarbij het gesteente van samenstelling verandert.

(a)  

9.

Welk begrip hoort bij deze omschrijving?

Landschapszone op de overgang van de aride en gematigde zones, vaak gekenmerkt door droogtolerante vegetatie.

(a)  

10.

Welk begrip hoort bij deze omschrijving?

Stroperigheid van magma.

(a)  

11.

Welk begrip hoort bij deze omschrijving?

Een ernstige vorm van landdegradatie waarbij een gebied door natuurlijke of menselijke oorzaken steeds minder planten en gewassen groeien en waarbij het steeds meer woestijnachtige kenmerken krijgt.

(a)  

12.

Welk begrip hoort bij deze omschrijving?

Het doorspoelen van de bodem met zoet water en het afvoeren van het water om zouten uit de bodem te verwijderen.

(a)  

13.

Welk begrip hoort bij deze omschrijving?

Afname van de kwaliteit van de bodem of ondergrond door processen als versnelde bodemerosie en verzilting.

(a)  

14.

Welk begrip hoort bij deze omschrijving?

Het laten grazen van te veel vee, waardoor de vegetatie zich onvoldoende kan herstellen.

(a)  

15.

Welk begrip hoort bij deze omschrijving?

Kegelvormige afzetting van grof materiaal dat neergelegd is door een rivier op de grens van een berghelling en een vlakte, doordat de rivier zijn bedding opvult met puin.

(a)  

16.

Welk begrip hoort bij deze omschrijving?

Kegelvormige vulkaan opgebouwd uit laagjes lava en as.

(a)  

17.

Welk begrip hoort bij deze omschrijving?

Het neerleggen van sediment door water, wind en ijs.

(a)  

18.

Welk begrip hoort bij deze omschrijving?

Systeem waarbij minimale hoeveelheid irrigatiewater met slangen of buizen naar de gewassen worden gebracht.

(a)  

19.

Welk begrip hoort bij deze omschrijving?

Langgerekte laagte, die ontstaat doordat twee stukken aardkorst uit elkaar bewegen.

(a)  

20.

Welk begrip hoort bij deze omschrijving?

Opgeheven, geplooide stukken aardkorst, die ontstaan bij een convergente plaatbeweging.

(a)  

21.

Welke type sedimentgesteente hoort bij de afbeelding?

a)

Zandsteen

b)

Kalksteen

c)

Schalie

d)

Conglomeraat

22.

Welk begrip hoort bij deze omschrijving?

Trekkracht doe ontstaat bij de subductie van oceanische platen, doordat de zwaartekracht ze naar beneden trekt.

(a)  

23.

Welk begrip hoort bij deze omschrijving?

Gesteente dat in de aardkorst door hitte en/of hoge druk is omgezet uit andere gesteente.

(a)  

24.

Welk begrip hoort bij deze omschrijving?

Plek boven een mantelpluim waar vulkanisme voorkont. De hitte van mantelpluim verzwakt de aardkorst.

(a)  

25.

Welk begrip hoort bij deze omschrijving?

De kant van een berg waar de minste neerslag valt. Het wordt ook wel de regenschaduw genoemd.

(a)