WorksheetsWoordsoorten 2vbp
Total questions: 36
Worksheet time: 19mins
Heb jij het nieuwe spel van Pokémon ook al gespeeld?
Welke woordsoort is 'het'?
lidwoord
werkwoord
bijvoeglijk naamwoord
zelfstandig naamwoord
"Volgens mij is die lopende man de dief."
Wat is in deze zin het werkwoord?
(a)
De gelopen afstand was in totaal 14 kilometer.
Wat is in deze zin het bijvoeglijk naamwoord?
(a)
zelfstandig naamwoord
bijvoeglijk naamwoord
lidwoord
aanwijzend voornaamwoord
persoonlijk voornaamwoord
aanwijzend vnw
bijvoeglijk vnw
zelfstandig naamwoord
Is deze fiets door jou beschilderd?
Wat is het gekleurde woordsoort?
pers.vnw
zelfstandig naamwoord
De verdachte is acht uur lang ondervraagd.
Onderstreept woord is een:
Zelfstandig werkwoord
Koppelwerkwoord
Hulpwerkwoord
Zij is in Hengelo geweest.
Onderstreept woord is een:
Zelfstandig werkwoord
Koppelwerkwoord
Hulpwerkwoord
De muggen op mijn kamer zijn heel vervelend.
Onderstreept woord is een:
Bijvoeglijk naamwoord
Voorzetsel
Voegwoord
Bijwoord
De mooie bloemen staan in de tuin.
Wat is het gekleurde woordsoort?
bijvoeglijk naamwoord
zelfstandig naamwoord
lidwoord
werkwoord
Hij heeft de wedstrijd gewonnen.
Onderstreept woord is een:
Hulpwerkwoord
Koppelwerkwoord
Zelfstandig werkwoord
Ik heb jouw boek gelezen. Wat is het gekleurde woordsoort?
persoonlijk voornaamwoord
bezittelijk voornaamwoord
aanwijzend voornaamwoord
zelfstandig naamwoord
Wat is een bijvoeglijk naamwoord?
Dat zegt iets over een ander woord.
Dat zegt iets over een werkwoord.
Dat zegt iets over de staat van de zin.
Dat zegt iets over een zelfstandig naamwoord.
In welke zin is het zelfstandig werkwoord vetgedrukt?
Die lieve hond poepte op straat.
Die lieve hond poepte op straat.
Die lieve hond poepte op straat.
Die lieve hond poepte op straat.
Waar is het bezittelijk voornaamwoord vetgedrukt?
Heeft het leuke jongetje haar gepest?
nergens
Heeft het leuke jongetje haar gepest?
Heeft het leuke jongetje haar gepest?
Waar is een onbepaald rangtelwoord vetgedrukt?
Een onbelangrijke fout wordt vaak als laatste ontdekt.
Een onbelangrijke fout wordt vaak als laatste ontdekt.
Een onbelangrijke fout wordt vaak als laatste ontdekt.
nergens
In welke zin is een wederkerend voornaamwoord vetgedrukt?
Die soldaat moet zich elke dag wassen met koud water.
Die soldaat moet zich elke dag wassen met koud water.
Die soldaat moet zich elke dag wassen met koud water.
Die soldaat moet zich elke dag wassen met koud water.
Waar is een koppelwerkwoord dikgedrukt?
Zij heeft zich in geen tijden zo vermaakt.
Omdat hij zo verdrietig was, huilde hij tranen met tuiten.
Zij heeft zich in geen tijden zo vermaakt.
Omdat hij zo verdrietig was, huilde hij tranen met tuiten.
Wat voor fiets wil je kopen?
Wat is het gekleurde woordsoort?
Waar of niet waar?
Namen zijn zelfstandige naamwoorden.
waar
niet waar
Waar of niet waar?
Een werkwoord zegt wat iets of iemand doet of wat er gebeurt.
waar
niet waar
Vanwege de warmte vielen alle lessen 's middags uit.
Onderstreept woord is een:
Bijvoeglijk naamwoord
Voorzetsel
Voegwoord
Bijwoord
De muggen op mijn kamer zijn heel vervelend.
Onderstreept woord is een:
Bijvoeglijk naamwoord
Voorzetsel
Voegwoord
Bijwoord
In mijn categorie van de wedstrijd deden er maar weinig mee.
Onderstreept woord is een:
Bepaald hoofdtelwoord
Onbepaald hoofdtelwoord
Bepaald rangtelwoord
Onbepaald rangtelwoord
Ik eindigde de wedstrijd als tweede.
Onderstreept woord is een:
Bepaald hoofdtelwoord
Onbepaald hoofdtelwoord
Bepaald rangtelwoord
Onbepaald rangtelwoord
In het Nederlands bestaat er maar één wederkerig voornaamwoord.
Waar
Niet waar
Jullie vergissen je, we beginnen pas het tweede uur.
Onderstreept woord is een:
Aanwijzend voornaamwoord
Onbepaald voornaamwoord
Wederkerig voornaamwoord
Wederkerend voornaamwoord
Mijn vader die altijd hard rijdt, heeft nooit een boete.
Onderstreept woord is een:
Betrekkelijk voornaamwoord
Antecedent
Onbepaald voornaamwoord
Wederkerend voornaamwoord
Welk woord geeft onder andere extra informatie bij een werkwoord of een bijvoeglijk naamwoord?
bijwoord
zelfstandig naamwoord
bijvoeglijk naamwoord
voorzetsel
Wat is het bijwoord in de volgende zin?
De olifant stampte hard op de grond om een worm een te vinden.
De olifant
stampte
hard
een worm
Woordsoorten zijn hetzelfde als zinsdelen.
juist
fout
