wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Woordtekens

Total questions: 44

Worksheet time: 36mins

Name
Class
Date
1.

Ik gebruik een trema bij een (...) (bv. ruïne)

a)

grondwoord

b)

afleiding

c)

samenstelling

2.

Ik gebruik een trema bij een (...) Bv. geërfd

a)

afleiding

b)

grondwoord

c)

samenstelling

3.

Ik gebruik een koppelteken bij een (...) Bv. college-uitstap

a)

afleiding

b)

grondwoord

c)

samenstelling

4.

Ik gebruik een apostrof bij een (...) Bv. oma's

a)

afleiding

b)

grondwoord

c)

samenstelling

5.

Ik gebruik een (...) bij klinkerbotsing in getallen.

a)

trema

b)

apostrof

c)

koppelteken

6.

Ik gebruik een (...) bij een samenstelling met cijfers, letters, afkortingen en symbolen.

a)

trema

b)

koppelteken

c)

apostrof

7.

Ik gebruik een (...) bij een afleiding met afkortingen, letters, cijfers en symbolen.

a)

trema

b)

koppelteken

c)

apostrof

8.

Ik gebruik een (...) bij een voorvoegsel + een woord dat begint met een hoofdletter.

a)

trema

b)

koppelteken

c)

apostrof

9.

Dit is geen voorbeeld van botsende klinkers:

a)

U+I

b)

A+E

c)

U+O

d)

A+A

10.

Welke botsende klinkers komen er extra bij, bij de regels van het koppelteken? (meerdere antwoorden)

a)

I+J

b)

E+UI

c)

E+IJ

d)

I+I

11.

Wanneer er 1 klinker achteraan, lang klinkt. Gebruik ik bij afleidingen een (...)

a)

trema

b)

koppelteken

c)

apostrof

12.

Welk woord werd correct geschreven?

a)

café's

b)

cafés

13.

Welk woord werd correct geschreven?

a)

oma'tje

b)

omaatje

14.

Deze regel telt bij een (...). 'In een groep van drie, of meer, na de i mag et ni.'

a)

trema

b)

koppelteken

c)

apostrof

15.

Om herhaling van woorddelen te vermijden, gebruik je een (...)

a)

trema

b)

koppelteken

c)

apostrof

16.

Om weggelaten letters te vervangen, gebruik je een (...)

a)

trema

b)

koppelteken

c)

apostrof

17.

Schrijf het woord opnieuw. Voeg het juiste woord- of hulpteken toe waar het nodig is: ge + interesseerd

(a)  

18.

Schrijf het woord opnieuw. Voeg het juiste woord- of hulpteken toe waar het nodig is: mond + tot + mond + reclame

(a)  

19.

Schrijf het woord opnieuw. Voeg het juiste woord- of hulpteken toe waar het nodig is: nek + aan + nek + race

(a)  

20.

Schrijf het woord opnieuw. Voeg het juiste woord- of hulpteken toe waar het nodig is: calorie + en

(a)  

21.

Schrijf het woord opnieuw. Voeg het juiste woord- of hulpteken toe waar het nodig is: na + apen

(a)  

22.

Schrijf het woord opnieuw. Voeg het juiste woord- of hulpteken toe waar het nodig is: water + dicht

(a)  

23.

Schrijf het woord opnieuw. Voeg het juiste woord- of hulpteken toe waar het nodig is: privé + eigendom

(a)  

24.

Schrijf het woord opnieuw. Voeg het juiste woord- of hulpteken toe waar het nodig is: ik + verteller

(a)  

25.

Schrijf het woord opnieuw. Voeg het juiste woord- of hulpteken toe waar het nodig is: ru + ine

(a)  

26.

Schrijf het woord opnieuw. Voeg het juiste woord- of hulpteken toe waar het nodig is: uit + zaai + ing

(a)  

27.

Schrijf het woord opnieuw. Voeg het juiste woord- of hulpteken toe waar het nodig is: geel + achtig

(a)  

28.

Schrijf het woord opnieuw. Voeg het juiste woord- of hulpteken toe waar het nodig is: up + to + date

(a)  

29.

Schrijf het woord opnieuw. Voeg het juiste woord- of hulpteken toe waar het nodig is: ski + uitrusting

(a)  

30.

Schrijf het woord opnieuw. Voeg het juiste woord- of hulpteken toe waar het nodig is: niet + roker

(a)  

31.

Schrijf het woord opnieuw. Voeg het juiste woord- of hulpteken toe waar het nodig is: anders + zijn

(a)  

32.

In de schuingeschreven zinnen staat 1 fout. Schrijf het foute woord correct. Annas scène in het hotel was gênant.

(a)  

33.

In tverslag van de klassenraad stonden veel fouten. Zoek de fout en schrijf het correcte woord in het kadertje.

(a)  

34.

Haar gsmetje zat in haar tasje. Zoek de fout. Schrijf het correcte woord in het kadertje.

(a)  

35.

Schrijf het meervoud van het woord baby.

(a)  

36.

Pieters beide opas zijn jarig op dezelfde dag. Zoek de fout en schrijf het correcte woord.

(a)  

37.

Yves ideeën waren de beste. Zoek de fout en herschrijf het correcte woord.

(a)  

38.

Zoek de fout en herschrijf het correcte woord. Gisterenavond was ik te gast op een diné waar ik een glas champagne kreeg.

(a)  

39.

Gebruik jij ook de pmd zak? Corrigeer de fout.

(a)  

40.

De ragoût van mijn grootmoeder is de allerbeste van de hele wereld. Corrigeer de fout in de zin.

(a)  

41.

Jockey's hebben de beste job ter wereld. Herschrijf het foute woord correct.

(a)  

42.

De arrivè was nog een heel eind verder. Corrigeer de fout in deze zin.

(a)  

43.

Anthonys vriend kwam niet opdagen. Herschrijf het foute woord correct.

(a)  

44.

De coureur kon de étappe niet winnen. Zoek de fout en herschrijf die correct.

(a)