wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

oefenquiz thema 5

Total questions: 36

Worksheet time: 20mins

Name
Class
Date
1.
Met welk nummer is het harde oogvlies aangegeven?
a)
9
b)
12
c)
5
d)
8
2.
Met welk nummer is het glasachtige lichaam aangegeven?
a)
11
b)
2
c)
8
d)
12
3.
Met welk nummer wordt de pupil aangeven?
a)
11
b)
10
c)
12
d)
8
4.
De blinde vlek:
a)
Bevat geen zintuigcellen.
b)
Is bij blinde mensen groter.
c)
Is bij blinde mensen niet aanwezig.
d)
Bevat minder zintuigcellen.
5.
Wat kost meer kracht en energie?
a)
TV kijken
b)
Naar de blaadjes van bomen kijken.
c)
Een boek lezen.
6.
Het beeld dat zich op het netvlies vormt is:
a)
Omgekeerd
b)
Het zelfde
c)
Groter
7.
In welke volgorde komt het licht je oog binnen?
a)
hoornvlies, lens, pupil, glasachtig lichaam, vaatvlies, netvlies
b)
harde oogvlies, pupil, lens, glasachtig lichaam, netvlies
c)
harde oogvlies, lens, pupil, glasachtig lichaam, vaatvlies, netvlies
d)
hoornvlies, pupil, lens, glasachtig lichaam, netvlies
8.

welk onderdeel wordt er als eerst bereikt wanneer de trilling van de lucht je gehoorgang binnen is gekomen?

a)

gehoorbeentjes

b)

trommelvlies

c)

slakkenhuis

d)

venster

9.

wat is de functie van de buis van Eustachius?

a)

het verder vervoeren van geluidstrillingen

b)

afvoeren van overtollig oorsmeer

c)

afvoeren van binnendringende stofdeeltjes

d)

het gelijk houden van luchtdruk aan beide kanten van het trommelvlies

10.

'Zorgt ervoor dat zweet langs de ogen loopt en niet er in'

Deze functie hoort bij:

a)

Wenkbrauwen

b)

Wimpers

c)

Oogleden

d)

Traanvocht

e)

Traanbuizen

11.

'Traanvocht over de ogen verspreiden'

Deze functie hoort bij:

a)

Wenkbrauwen

b)

Wimpers

c)

Oogleden

d)

Traanvocht

e)

Traanbuizen

12.

Wat is GEEN zintuig?

a)

Oor

b)

Oog

c)

Hand

d)

Neus

13.

Wat is een prikkel?

a)

Een elektrisch signaal

b)

Een voorwerp

c)

Je ruggenwervel

d)

Informatie uit de omgeving

14.

Welke prikkel kan je waarnemen met je neus?

a)

Geluid

b)

Geur

c)

Licht

d)

Smaak

15.

Waar gaan impulsen doorheen?

a)

Zenuwen

b)

Bloedvaten

c)

Botten

d)

Haren

16.

Eelt is een dikke laag cellen van de ...

a)

Kiemlaag

b)

Hoornlaag

c)

Lederhuid

d)

Opperhuid

17.

Welk onderdeel van de neus kan geurstoffen waarnemen?

a)

Reukharen

b)

Neusslijmvlies

c)

Zenuw

d)

Neusholte

18.

Elk zintuig is gevoelig voor

a)

dezelfde prikkel

b)

veel prikkels

c)

één eigen prikkel

d)

geen prikkel

19.

In je huid heb je vier soorten zintuigen, welke zintuigen zijn dat?

a)

Warmtezintuigen, bloedvaten, tastzintuigen en pijnzintuigen

b)

Drukzintuigen, zweetkliertjes, bloedvaten en koudezintuigen

c)

Warmtezintuigen, tastzintuigen, koude zintuigen en drukzintuigen

20.

Welke zintuig reageert op de adequate prikkel 'licht'?

a)

Oor

b)

Oog

c)

neus

d)

huid

21.

Wat hoort niet bij de (centrale)zenuwstelsel?

a)

hersenen

b)

zenuwen

c)

ruggenmerg

d)

zintuigen

22.
Je neemt pas waar als de impulsen
a)
in je hersenen zijn aangekomen
b)
onderweg zijn naar je hersenen
c)
in je ruggenmerg zijn aangekomen
d)
in je spieren zijn aangekomen
23.

Welke lagen heeft de huid, van buiten naar binnen

a)

Opperhuid - lederhuid - onderhuids bindweefsel

b)

Opperhuid - onderhuids bindweefsel - lederhuid

c)

Lederhuid - onderhuids bindweefsel - opperhuid

d)

Onderhuids bindweefsel - lederhuid - opperhuid

24.

Aangeboren of aangeleerd?

a)

Aangeboren

b)

Aangeleerd

25.

Aangeboren of aangeleerd?

a)

Aangeboren

b)

Aangeleerd

26.

Aangeboren of aangeleerd?

a)

Aangeboren

b)

Aangeleerd

27.

Gaat het hier om waarden of over normen?


EERLIJKHEID

a)

waarden

b)

normen

28.

Gaat het hier over waarden of normen?


Niet liegen is hier een voorbeeld van

a)

waarden

b)

normen

29.

Niet roken hoort bij de waarde:

a)

Gezondheid

b)

Ontspanning

c)

Eerlijkheid

d)

Respect

30.

Ouderen helpen oversteken hoort bij de waarde:

a)

Eerlijkheid

b)

Openheid

c)

Ontspanning

d)

Respect

31.

Niet liegen hoort bij de waarde:

a)

Gezondheid

b)

Ontspanning

c)

Eerlijkheid

d)

Respect

32.
Collega Delphine heeft vandaag de rapporten geschreven.
a)
Observatie
b)
Interpretatie
33.
Ben heeft vandaag twee liter bier gedronken.
a)
Observatie
b)
Interpretatie
34.
Bram is zenuwachtig.
a)
Observatie
b)
Interpretatie
35.
Marie heeft rode vlekken in haar hals.
a)
Observatie
b)
Interpretatie
36.
Inneke is aan het bibberen. 
a)
Observatie
b)
Interpretatie