Font size
WorksheetsSignaalwoorden
Total questions: 25
Worksheet time: 18mins
Van welk verband is sprake in de volgende zin?
Ik ga straks eerst naar huis, dan ga ik mijn huiswerk maken en daarna ga ik tv-kijken.
Opsommend
Chronologisch
Redengevend
Doel-middel
Van welk verband is sprake in de volgende zin?
Hij blijft langer weg dan normaal, dus er zal wel iets aan de hand zijn.
Redengevend
Samenvattend
Concluderend
Oorzakelijk
Van welk verband is sprake in de volgende zin?
Ik heb je verhaal gelezen, maar je opdracht nog niet nagekeken.
Tegenstellend
Toelichtend
Vergelijkend
Voorwaardelijk
Van welk verband is sprake in de volgende zin?
Hij viel van zijn fiets, doordat hij teveel gedronken had.
Doel-middel
Toelichtend
Oorzakelijk
Voorwaardelijk
Bij welk tekstverband hoort het signaalwoord 'vervolgens'?
Toelichtend
Samenvattend
Chronologisch
Vergelijkend
Bij welk tekstverband hoort het signaalwoord 'kortom'?
Concluderend
Doel-middel
Voorwaardelijk
Oorzakelijk
Welk tekstverband geeft het gekleurde woord aan?
Mijn tante houdt niet van winkelen, maar mijn moeder vindt het heel erg leuk.
tijd
reden
tegenstelling
opsomming
Welk tekstverband geeft het gekleurde woord aan?
Mijn oom is heel erg avontuurlijk. Mijn tante daarentegen is helemaal niet avontuurlijk en wil niet graag nieuwe dingen beleven.
opsomming
volgorde
voorbeeld
tegenstelling
Welk tekstverband geven de gekleurde woorden aan?
Eerst deed ik mijn pyjama aan en vervolgens poetste ik mijn tanden. Daarna stapte ik in bed en uiteindelijk viel ik weer in slaap.
reden
tegenstelling
tijd
voorbeeld
Welk tekstverband geven de gekleurde woorden aan?
Mijn moeder wil groenten en fruit kopen. Verder brood en daarnaast wat broodbeleg en tot slot een paar toetjes.
tijd
opsomming
voorbeeld
reden
'Ik vind je aardig, maar ik kan je niet helpen'
'Maar' geeft een vergelijking aan
'Maar' geeft een tegenstelling aan
Voorbeelden van signaalwoorden zijn:
Maar, en, toch, daarna, ten slotte.
Dat, doen, daar, het, om, uit.
Juist, deze, hij, die.
Geen van allen.
Welk verband hoort bij: bijvoorbeeld, zo, zoals?
reden
voorbeeld
tegenstelling
opsomming
Welk signaalwoorden passen het beste in de volgende zin:
Als eerste sta ik op, ???was ik mij.
Daarna
Tenslotte
Vervolgens
Welk signaalwoord past het beste in de volgende zin?
Ik moet eerst de groentjes wassen om ze ???in de saus te mengen.
Uiteindelijk
Ten slotte
Vervolgens
Daarna
Welk signaalwoord past het beste in de volgende zin?
Tijdens de zomer had ik een vakantiejob, ???nu heb ik daar geen tijd meer voor.
Dan
Daarna
Doordat
Maar
Welk signaalwoord past het beste in de zin?
Eerst ga ik naar de kapper, ???kom ik bij jou langs.
(a)
Welk signaalwoord past het beste in de zin?
???het morgen regent, gaat de sportdag niet door.
(a)
Welk signaalwoord past het beste in de zin?
Het regent, ???ik word nat.
(a)
Welk signaalwoord past het beste in de zin?
Het regent, ???word ik nat.
(a)
Welk signaalwoord past het beste in de zin?
Ik gebruik een paraplu ???niet nat te worden.
(a)
Welk signaalwoord past het beste in de zin?
Mijn band is plat ???ik over een stuk glas reed.
(a)
Welk signaalwoord kan ik gebruiken?
Ik krijg elke week zakgeld???ik kan sparen voor een nieuwe fiets.
Daardoor
Doordat
Zodat
Maar
Welk signaalwoord kan ik gebruiken?
Ik ga snel naar huis, ???mijn mama ging pannenkoeken bakken.
Want
Doordat
Zodat
Maar
