Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

jeugdculturen 3 bk 2024 (les 3)

Total questions: 44

Worksheet time: 26mins

Name
Class
Date
1.

Amerikanisering kwam door....

a)

massaconsumptie

b)

massacultuur

c)

consumptiemaatschappij

d)

Marshallplan

2.

Welke volgorde klopt?

a)

nozems - provo's - gabbers

b)

nozems - punkers - hippies

c)

provo's - nozems - hippies

d)

provo's - hippies - nozems

3.

Waar hielden de provo's zich mee bezig?

a)

liefde en muziek

b)

vetkuiven en weg van de sociale controle

c)

huisje boompje beestje

d)

politiek en milieu

e)

acties bedenken tegen mensen met veel geld

4.

Wat vonden de hippies belangrijk?

a)

geen geweld en strenge regels

b)

geen consumptiemaatschappij en vrije seks

c)

geen gezag en een traditionele gezinsleven

5.

Wat vonden hippie en provo's allebei belangrijk?

a)

vrede

b)

sociale controle

c)

massacultuur

d)

milieu

6.

Noem een oorzaak van ontkerkelijking.

a)

massaconsumptie

b)

democratisering

c)

massacultuur

d)

jeugdcultuur

7.

Noem een gevolg van ontkerkelijking. Noem er twee.

a)

individualisering

b)

ontzuiling

c)

democratisering

d)

jeugdcultuur

e)

massacultuur

8.

Wie droegen leren jacks en reden op brommers?

a)

Nozems

b)

Provos

c)

Hippies

d)

Gothics

9.

In de jaren 60 nam de welvaart..

a)

Toe

b)

Af

10.

Provo’s waren..

a)

Hoog opgeleid

b)

Alleen in Amsterdam actief

c)

Opzoek naar samenwerking

d)

gek op brommers

11.

Steeds minder mensen gaan naar de kerk. Dit noemen we..

a)

Ontkerkelijking

b)

Individualisering

c)

Democratisering

d)

Secularisering

12.

Consumptiemaatschappij =

a)

reclame

b)

amerikanisering

c)

massacultuur

d)

kopen kopen

13.

Door de komst van de informatiemaatschappij....

a)

kochten meer mensen dure spullen

b)

kwam er verzuiling

c)

was er meer kennis voor een grotere groep beschikbaar

14.

Wat hoort bij "sociale controle"?

a)

elkaar opzoeken bij verjaardagen

b)

mensen letten op elkaar

c)

de kerk zorgt voor zieken

d)

sociaal gedrag wordt beloond door de overheid

15.

Waar hielden de provo's zich mee bezig?

a)

liefde en muziek

b)

vetkuiven en weg van de sociale controle

c)

huisje boompje beestje

d)

politiek en milieu

e)

acties bedenken tegen mensen met veel geld

16.

Wat kenmerkte de jaren '60?

a)

Economische recessie

b)

Emancipatie van jongeren en vrouwen

c)

Opkomst van technologie

d)

Toename van politieke conflicten

17.

Wat zorgde voor de grote golf van jongeren in de sixties?

a)

Toegenomen welvaart

b)

Natuurrampen

c)

Politieke onrust

d)

Bevolkingskrimp

18.

Wat was een kenmerk van de nozems?

a)

Vetkuiven en brommers

b)

Hippies en bloemenkransen

c)

Techno en computers

d)

Punkmuziek en piercings

19.

Wat was een kenmerk van de provo's?

a)

Zakelijke kleding

b)

Klassieke muziek

c)

Ludieke acties

d)

Sportwagens

20.

Welke jeugdcultuur zie je hier?

a)

gabber

b)

nozem

c)

hippie

d)

provo

21.

Bij welke jaren horen de nozems eigenlijk?

a)

jaren '40

b)

jaren '50

c)

jaren '60

d)

jaren '70

22.

En jaren '50 daarmee bedoelen we....

a)

van 1940 tot 1950

b)

van 1950 tot 1959

c)

van 1960 tot 1969

d)

van 1950 tot 2000

e)

de Tweede Wereldoorlog

23.

Waarom hadden jongeren nu tijd over om zelf hun tijd in te delen?

a)

Ze hoefde niet meer te werken om hun ouders te helpen

b)

Ze hoefde niet meer naar school

c)

Ze luisterden niet meer naar hun ouders

24.

Wat is een jongerencultuur?

a)

Een land waarin jongeren de baas zijn

b)

Een cultuur waarin niemand iets doet

c)

Een cultuur alleen voor jongeren die zich afzet tegen hun ouders

25.

Welke van de onderstaande groepen was geen deel van de jongerenculturen?

a)

Provo's

b)

Hippies

c)

Nozems

d)

Amerikanen

26.

Wat gebeurde er in de jaren '60 waardoor de consumptiemaatschappij kon ontstaan?

a)

De welvaart in Nederland steeg

b)

Minder mensen gingen met pensioen

c)

Mensen hadden meer spullen nodig

27.
Welke kledingstijl hoort bij 'Hippies'?
a)
Leren jassen, gescheurde jeans
b)
Sportschoenen, bomberjacks, petjes
c)
Lange en kleurrijke kleding, sandalen, bloemenprint
d)
Losse kleding, gouden kettingen, sportschoenen
28.
"Haren geheel of gedeeltelijk kaalgeschoren" hoort bij:
a)
Hardrockers
b)
Punkers
c)
Gabbers
d)
Rock-'n-rollers
29.
Rock'n-rollers komen uit 
a)
Jaren '90 tot nu
b)
Jaren '60
c)
Jaren '50
d)
Jaren '70 - '80
30.
Dit is een: 
a)
Gabber
b)
Punker
c)
Hardrocker
d)
Hiphopper
31.
"Oospronkelijk waren het jongeren uit arme wijken die bendes vormden" 
a)
Gabbers
b)
Punkers
c)
Hippies
d)
Hiphoppers
32.
"Heavy methal en death metal" zijn muziekstijlen van
a)
Hippies
b)
Punkers
c)
Hardrockers
d)
Hiphoppers
33.

Waarom is de jongerencultuur in Nederland ontstaan?

a)

Jongeren kregen te weinig zakgeld en er was veel armoede.

b)

Er was meer welvaart, meer vrije tijd en te veel regels van ouders.

c)

Jongeren waren boos op de nazi's in de Tweede Wereldoorlog.

34.

Wie droegen leren jacks en reden op brommers?

a)

Nozems

b)

Provos

c)

Hippies

d)

Gothics

35.

Bij welke jeugdcultuur hoort deze foto?

a)

Gabbers

b)

Krakers

c)

Hippies

d)

Punkers

36.

Bij welke jeugdcultuur hoort bijgaande afbeelding?

a)

Kraakbeweging

b)

Nozems

c)

Punkers

d)

Rappers

37.

Waarom namen veel mensen in Nederland de levensstijl van de Amerikanen over in de jaren 50 en 60?

a)

De Nederlanders wilden kosten wat het kost niet met de Nazi's verward worden

b)

De Nederlanders waren bevrijd door de Amerikanen en wilden zich aan hen binden

c)

De Nederlanders vonden hun eigen levensstijl saai

38.

Wat is Amerikanisering?

a)

Het proces waarbij landen minder op Amerika gaan lijken

b)

Het proces waarbij landen de Amerikaanse manier van leven overnemen

c)

Het idee dat Amerika slecht is

d)

Het idee dat Amerika het beste land ter wereld is

39.

waardoor ontstonden de jongerenculturen in Nederland

a)

Dat wilde de regering

b)

jongeren hadden geld en vrije tijd

c)

dat wilden de ouders graag

d)

jongeren gingen minder naar school

40.

welke jongerencultuur is dit?

a)

nozems

b)

hippies

c)

punkers

d)

gothics

41.

welke jongerencultuur is dit?

a)

nozems

b)

hippies

c)

punkers

d)

gothics

42.

welke jongerencultuur is dit?

a)

nozems

b)

hippies

c)

punkers

d)

gothics

43.

welk begrip past hier?

a)

jongerencultuur

b)

dominante cultuur

c)

amerikanisering

d)

hippies

44.

Geef de drie veranderingen aan die in Nederland in de jaren zestig plaatsvonden:

a)

Mensen gingen vaker op vakantie

b)

Steeds meer autobezit

c)

Meer mensen gingen naar de kerk

d)

De verzuiling nam verder toe

e)

Komst supermarkten