WorksheetsMicrobiologie klas 2
Total questions: 72
Worksheet time: 36mins
Name
Class
Date
1.
Wie is de ontdekker van het proces waarbij ziekteverwekkende micro-organismen worden gedood?
a)
Van Leeuwenhoek
b)
Pasteur
c)
Koch
d)
Fleming
2.
Een voedingsmiddel dat met behulp van een schimmel wordt gemaakt, is:
a)
Bier
b)
Kwark
c)
Zuurkool
d)
Sojasaus
3.
Een coc is een .... bacterie
a)
Staafvormige
b)
bolvormige
c)
spiraalvormige
d)
kommavormige
4.
Streptococcen zijn bolvormige bacteriën die als een snoer aan elkaar gekoppeld zijn. Wat is de naam van staafvormige bacteriën die als een snoer aan elkaar gekoppeld zijn?
a)
Zweepdraden
b)
Vibrio's
c)
Streptobacillen
d)
Flagellen
5.
Welk micro-organisme wordt er gebruikt bij de productie van wijn?
a)
Gist
b)
Schimmel
c)
Bacterie
d)
Spruitvorming
6.
Op welke wijze plant een gist zich meestal voort?
a)
Ongeslachtelijke voortplanting
b)
Geslachtelijke voortplanting
7.
Bacteriën zijn groter dan gisten
a)
Juist
b)
Onjuist
8.
Na knopvorming ontstaat er een oudercel
a)
Juist
b)
Onjuist
9.
Schimmels hebben net als gisten een echte celkern
a)
Juist
b)
Onjuist
10.
Schimmels zijn meestal meercellig
a)
Juist
b)
Onjuist
11.
Zowel schimmels als gisten kunnen zich vermeerderen via knopvorming
a)
Juist
b)
Onjuist
12.
Een bacteriecel kan meerdere functies uitvoeren
a)
Juist
b)
Onjuist
13.
Een bacteriofaag kan zich geslachtelijk voortplanten
a)
Juist
b)
Onjuist
14.
De griep wordt veroorzaakt door een bacteriofaag
a)
Juist
b)
Onjuist
15.
Bij de productie van brood is er sprake van een fermentatieproces
a)
Juist
b)
Onjuist
16.
bij de productie van witte kool tot zuurkool daalt de voedingswaarde
a)
Juist
b)
Onjuist
17.
Een belangrijke tweedeling die we kunnen maken bij bacterien is de indeling op basis van
a)
Samenstelling celwand
b)
geslacht
c)
grootte
d)
groeisnelheid
18.
Een snoer van coccen wordt ook wel ... coccen genoemd
a)
Diplo
b)
Strepto
c)
Staphylo
d)
Tetra
19.
Welke bacterie komt vaak voor op de huid van de mens?
a)
Staphylococcus aureus
b)
Salmonella
c)
Listeria monocytogenes
d)
Clostridium botulinum
20.
Als gepasteuriseerde melk door een leiding gaat die niet goed schoon is, dan vindt er ..... plaatst
a)
Kruisbesmetting
b)
Nabesmetting
21.
Aan welke stoffen zit water meestal gebonden?
a)
Vetten, eiwitten en zouten
b)
Eiwitten, koolhydraten en zouten
c)
Zouten, koolhydraten, vetten en mineralen
d)
Eiwitten, koolhydraten, water en zouten
22.
Bij koelkasttemperatuur kan een bepaalde groep bacteriën goed groeien. Hoe heet deze groep?
a)
Psychrofielen
b)
Thermofielen
c)
Mesofielen
23.
Een voedselvergiftiging duurt meestal erg lang
a)
Juist
b)
Onjuist
24.
Op welke manier kunnen micro-organismen ons ziek maken?
a)
Via vergiftiging
b)
Via huidcontact
c)
Via infectie
d)
Zowel via infectie als vergiftiging
25.
De incubatietijd van een voedselinfectie is ... als bij een voedselvergiftiging
a)
langer
b)
korter
c)
even lang dan
26.
De infectieuze dosis is voor een baby ... voor zijn gezonde ouder
a)
lager
b)
hoger
c)
even hoog als
27.
Prionen bestaan uit..
a)
Eiwitten
b)
Zetmeel
c)
Zouten
d)
Diermeel
28.
Toxinen worden met name gemaakt door
a)
Bacteriesporen
b)
Gisten
c)
Bacteriën
d)
Virussen
29.
Welk product kan je bemonsteren met een steker?
a)
Kaas
b)
Olijfolie
c)
Cacaoboter
d)
Water
30.
De functie van agar in een voedingsbodem is:
a)
Electieve stof
b)
Bindmiddel
c)
Selectieve stof
d)
Antibioticum
31.
Deze stof wordt aan voedingsbodems toegevoegd om schimmels en gisten wel te laten groeien, maar bacteriën niet
a)
Penicilline
b)
Ampiciline
c)
Oxytocine
d)
Oxatetracycline
32.
Een drinkwaterbedrijf wil monsters drinkwater onderzoeken op de aanwezigheid van pathogenen. Wat is de meest voor de hand liggende methode?
a)
Rodac-plaatje
b)
Petrifilm
c)
Strijkplaatmethode
d)
Membraanfiltratie
33.
Welk organisme is indicator van (na)besmetting met menselijke ontlasting
a)
Enterobacteriaceae
b)
E.coli
c)
Schimmels
d)
Gisten
34.
Als je snel wilt weten of er ziekteverwekkers in de ophopingsvloeistof zitten, kies je voor de PCR-methode
a)
Juist
b)
Onjuist
35.
Bij de PCR-test kan je in één keer bepalen welke verschillende soorten micro-organismen in één monster zitten
a)
Juist
b)
Onjuist
36.
Waarom wordt melk gepasteuriseerd?
a)
Waarborgen voedselveiligheid
b)
Verbeteren van sensorische eigenschappen
c)
Vergroten van gebruiksgemak
d)
Bewerkstelligen van specifieke producteigenschappen
37.
In een pak spaghetti zitten allemaal rijstmeelkevers. Er is hier sprake van ... bederf
a)
Microbiologisch
b)
Biologisch
c)
Biochemisch
d)
Chemisch
38.
Een pak melk staat bol en ruikt zuur. Er is hier sprake van ... bederf
a)
Microbiologisch
b)
Biologisch
c)
Biochemisch
d)
Chemisch
39.
Een krop ijsbergsla wordt gesneden en niet gelijk gebruikt. Er is hier sprake van ... bederf
a)
Microbiologisch
b)
Biologisch
c)
Biochemisch
d)
Chemisch
40.
Als schimmels toxinen vormen, is er sprake van chemisch bederf
a)
Juist
b)
Onjuist
41.
Microbiologisch bederf gaat sneller dan chemisch bederf
a)
Juist
b)
Onjuist
42.
De aanwezigheid van zuurstof is gunstig om chemisch bederf tegen te gaan
a)
Juist
b)
Onjuist
43.
Als wijn verandert in wijnazijn is er sprake van:
a)
Microbiologisch bederf
b)
Biologisch bederf
c)
Biochemisch bederf
d)
Chemisch bederf
44.
Als je een klacht over zachte chips moet rubriceren, onder welk soort bederf valt deze klacht dan?
a)
Microbiologisch bederf
b)
Fysisch bederf
c)
Biochemisch bederf
d)
Chemisch bederf
45.
Welke conserveermethode wordt o.a. toegepast bij de productie van melkpoeder?
a)
Fermenteren
b)
Drogen
c)
Gasverpakken
d)
Doorstralen
46.
De vorming van alcohol in producten is altijd een gunstig proces
a)
Juist
b)
Onjuist
47.
Licht gebrande koffie kan een licht zure smaak hebben. Hoe is deze ontstaan?
a)
Door het toevoegen van cafeïne zuur
b)
Door de lage brandtemperatuur
c)
Door de vorming van fermentatieproducten
d)
Door de Maillard-reactie
48.
Waarom is het belangrijk om na pasteurisatie snel terug te koelen?
a)
Het scheelt energie
b)
Het scheelt tijd
c)
Pathogenen kunnen zich minder snel vermeerderen
d)
Sporenvormers kunnen anders tot ontwikkeling komen
49.
Pascalisatie is een conserveringstechniek waarbij hoge temperaturen worden gebruikt
a)
Juist
b)
Onjuist
50.
UV-straling is zeer geschikt om plastic folie te desinfecteren
a)
Juist
b)
Onjuist
51.
Welke van de volgende producten worden geconserveerd met behulp van suiker?
a)
Zoetzure augurken
b)
Cake
c)
Jam
d)
Melkpoeder
52.
De conserverende werking van alcohol berust op het onttrekken van water aan micro-organismen
a)
Juist
b)
Onjuist
53.
De conserverende werking van suiker berust op het onttrekken van water aan micro-organismen
a)
Juist
b)
Onjuist
54.
Welke van de volgende producten kan niet worden geconserveerd met behulp van drogen?
a)
Zoetzure augurken
b)
Melk
c)
Vis
d)
Groenten
55.
Pseudomonas behoort tot de PAAF-groep. Wat is een kenmerkende eigenschap van de PAAF-groep?
a)
Psychrofielen
b)
Grampositief
c)
Bolvormig
d)
Voorkeur voor een lage aw
56.
Tegen welke groep micro-organismen is nitriet speciaal gericht?
a)
Bacteriën
b)
Gisten
c)
Schimmels
57.
Welk schimmelwerend middel wordt toegepast op het oppervlak van (droge) worst en kaas?
a)
Lysosym
b)
Natamycine
c)
Nisine
d)
Aflaxtoxine
58.
Het naspoelen van groente na het wassen gebeurt met water van drinkwaterkwaliteit
a)
Juist
b)
Onjuist
59.
Na het snijden van groente en fruit zijn deze minder vatbaar voor bederf
a)
Juist
b)
Onjuist
60.
Bij het bactofugeren van melk zitten de meeste bacteriën in het/de:
a)
Bactofugaat
b)
Bacterieslib
c)
Gebactofugeerde melk
61.
Bij microfiltratie bepaalt de grootte van de porie-diameter de maximale afmetingen van de deeltjes die achterblijven op het filter
a)
Juist
b)
Onjuist
62.
Een kritisch punt bij aseptisch verpakken is de verbinding tussen de productsterilisatie en de verpakkingslijn
a)
Juist
b)
Onjuist
63.
Zuurstof werkt remmend op oxidatieve processen
a)
Juist
b)
Onjuist
64.
Zuurstof werkt remmen op de groei van anaerobe micro-organismen
a)
Juist
b)
Onjuist
65.
Welke van de volgende gassen is geen belangrijk verpakkingsgas
a)
Stikstof
b)
Zuurstof
c)
Argon
d)
Koolstofdioxide
66.
Een nadeel van vacuümverpakken is dat anaerobe micro-organismen tot ontwikkeling kunnen komen
a)
Juist
b)
Onjuist
67.
Wat is het grote verschil tussen MAP en EMAP?
a)
Toepassen van duurdere gasmengsels
b)
Toepassen van doorzichtige folie
c)
Toepassen van geperforeerde folies
d)
Toepassen van vacuüm in combinatie met een gasmengsel
68.
Welk van de volgende producten worden geconserveerd met behulp van één horde
a)
Gepasteuriseerde melk
b)
Gesterilliseerde melk
c)
Zoetzure augurken
d)
Jam
69.
Een verlengde houdbaarheid is een van de redenen waarom een fabrikant voor hordentechnologie kiest
a)
Juist
b)
Onjuist
70.
De vorming van beschermende eiwitten door bacteriën is gunstig voor het conserveren van voedingsmiddelen
a)
Juist
b)
Onjuist
71.
Ingeblikte doperwten worden eerst geblancheerd en dan gesteriliseerd
a)
Juist
b)
Onjuist
72.
Synergisme treedt altijd op bij toepassing van hordentechnologie
a)
Juist
b)
Onjuist
100 %
