wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

BA Hoofdstuk 5

Total questions: 20

Worksheet time: 11mins

Name
Class
Date
1.

Welke soort rekeningen komen er in rubriek 1?

a)

opbrengstenrekeningen

b)

kostenrekeningen

c)

vlottende activa (exclusief voorraden) en kortlopende schulden

d)

vaste activa, eigen vermogen en langlopende schulden

2.

In welke rubrieken staan de balansrekeningen?

a)

rubrieken 0, 2, 4 en 8

b)

rubrieken 4 en 8

c)

rubrieken 0, 1, 2 en 7

d)

rubrieken 4, 8 en 9

3.

Uitspraak 1:   De rekening Privé vind je op de balans aan de creditzijde.
Uitspraak 2:    De rekening Privé staat in rubriek 0.
Kies het juiste antwoord.

a)

Uitspraak 1 is juist, uitspraak 2 is onjuist.

b)

Uitspraak 1 is onjuist, uitspraak 2 is juist.

c)

Beide uitspraken zijn juist.

d)

Beide uitspraken zijn onjuist.

4.

Omschrijf het volgende begrip.

Journaliseren is:

(a)  

5.

Welk van de onderstaande beweringen klopt niet als je de volgende zin daarmee aanvult?
                                                           Als de totaaltellingen van het journaal en de proefbalans aan elkaar gelijk zijn, dan ………..

a)

heb je vanuit het journaal alle bedragen in het grootboek aan de juiste kant geboekt.

b)

ben je vanuit het journaal geen post in het grootboek vergeten over te nemen.

c)

heb je alle bedragen op de juiste grootboekrekeningen geboekt.

d)

heb je vanuit het journaal de juiste bedragen op de grootboekrekeningen overgenomen.

6.

Het maken van een journaalpost heet:

a)

boeken

b)

journaliseren

c)

groot-boeken

d)

coderen

7.

Bij een journaalpost van een inkoop gebruik je het woordje ‘Aan’:

a)

één keer

b)

twee keer

c)

drie keer

d)

niet één keer

8.

Met welke aanvulling maak je een correcte zin?

Het woordje ‘Aan’ in een journaalpost ...

a)

laat zien welke rekening wordt gecrediteerd.

b)

zet je voor het rekeningnummer dat wordt gedebiteerd.

c)

komt maar één keer per journaalpost voor.

d)

spreek je niet uit bij het oplezen van de journaalpost.

9.

Maak een kloppende zin door één of meerdere goede antwoorden aan te geven.

Het journaal ... (meerdere antwoorden zijn juist)

a)

is altijd in evenwicht.

b)

is een stap in de boekhoudkundige cyclus tussen financiële feiten en grootboek in.

c)

wordt geopend met een totaaltelling van de beginbalans

10.

Als de proefbalans geen evenwicht vertoont, dan: (meerdere antwoorden zijn juist)

a)

kun je een post in het grootboek vergeten zijn te boeken.

b)

vermoedelijk het woordje ‘Aan’ vergeten te noteren.

c)

kun je een verkeerd bedrag in het grootboek hebben geboekt.

d)

kun je een rekening aan de verkeerde kant van het grootboek hebben geboekt.

11.

Alle nummers van de schuldrekeningen beginnen met het cijfer 1.

a)

Juist

b)

Onjuist

12.

De rubrieknummers 0.., 1.., 2.. en 7.. behoren tot de balansrekeningen.

a)

Juist

b)

Onjuist

13.

In het decimale rekeningenstelsel worden alle gelijksoortige rekeningen binnen dezelfde rubriek geplaatst.

a)

Juist

b)

Onjuist

14.


Rubrieken 8.. en 9.. omvatten alle hulprekeningen van het eigen vermogen.

a)

Juist

b)

Onjuist

15.

Coderen is het verkort opschrijven van de informatie uit een journaalpost.

a)

Juist

b)

Onjuist

16.

Het journaal bevat journaalposten van alle financiële feiten in een periode.

a)

Juist

b)

Onjuist

17.

Het is zinloos om grootboeknummers uit je hoofd te leren, omdat de nummers per administratie kunnen wisselen.

a)

Juist

b)

Onjuist

18.

Inkoopwaarde, Bedrijfskosten en Privé zijn de rekeningen die je gebruikt bij het vaststellen van de nettowinst.

a)

Juist

b)

Onjuist

19.


Het journaal wordt samengesteld vanuit de grootboekrekeningen.

a)

Juist

b)

Onjuist

20.

De winst-en-verliesrekeningen beginnen met de rubrieknummers 4.., 7.., 8.. en 9..

a)

Juist

b)

Onjuist