Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Quizvragen Design Thinking

Total questions: 13

Worksheet time: 7mins

Name
Class
Date
1.

Wat is het belangrijkste doel van de ontdek-fase?

a)

Creatieve oplossingen genereren

b)

Empathie met de gebruiker en hun behoeften begrijpen

c)

Een prototype ontwerpen

d)

De oplossing evalueren

2.

Juist of onjuist: In de ontdek-fase probeer je voornamelijk je eigen aannames te bevestigen.

a)

Juist

b)

Onjuist

3.

Welke vraag hoort het beste bij de interpreteer-fase?

a)

Wat zijn de belangrijkste behoeften van de gebruiker die we willen aanpakken?

b)

Welke oplossing werkt het best in de praktijk?

c)

Hoeveel ideeën kunnen we bedenken in 10 minuten?

d)

Hoe ziet een mogelijk prototype eruit?

4.

Juist of onjuist: Het formuleren van een scherpe probleemstelling in de interpreteer-fase helpt om later meer gefocust te werken.

a)

Juist

b)

Onjuist

5.

Wat is het belangrijkste doel van de fase ‘ideeën genereren’?

a)

Zo snel mogelijk één goed idee kiezen

b)

Zo veel mogelijk ideeën bedenken, zonder onmiddellijk te oordelen

c)

Het testen van ideeën bij de doelgroep

d)

Een prototype ontwikkelen

6.

Welke techniek hoort NIET typisch bij ideeën genereren?

a)

Brainstormen

b)

Mindmapping

c)

Crazy 8's

d)

Snelle prototyping

7.

Wat is een goed kenmerk van een prototype in de fase ‘testen & verbeteren’?

a)

Het is meteen volledig uitgewerkt en af

b)

Het is goedkoop, snel te maken en eenvoudig aan te passen

c)

Het is vooral bedoeld om de docent te overtuigen

d)

Het is een theoretische beschrijving van de oplossing

8.

Juist of onjuist: Een prototype hoeft niet altijd een fysiek object te zijn.

a)

Juist

b)

Onjuist

9.

Wat is het doel van testen en verbeteren?

a)

Bewijzen dat de oplossing perfect is

b)

Feedback verzamelen en het idee verder ontwikkelen

c)

Nieuwe ideeën genereren

d)

De fase interpreteren opnieuw doen

10.

Wat wordt bedoeld met de fase 'evolueren'?

a)

Het project afsluiten en nooit meer aanpassen

b)

Kleine verbeteringen doorvoeren, leren van feedback en de oplossing laten meegroeien

c)

Teruggaan naar de ontdek-fase en alles opnieuw doen

d)

Een eindrapport schrijven

11.

Juist of onjuist: Evolueren betekent dat je altijd terug kan grijpen op eerdere fasen..

a)

Juist

b)

Onjuist

12.

Wat maakt Design Thinking (met deze 5 fasen) anders dan traditionele probleemoplossing?

a)

Het is altijd sneller

b)

Het is lineair en eindigt na de laatste fase

c)

Het benadrukt de gebruiker, experimenteren en continue verbetering

d)

Het vermijdt fouten

13.

Vul de lege ruimte in: De vijf fasen van Design Thinking zijn: (a)   - interpreteren - idee generatie - testen & verbeteren - evolueren.