Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

§ 2.5 + 2.6 + microscoop

Total questions: 18

Worksheet time: 10mins

Name
Class
Date
1.
Hoe heet het onderdeel  op de plek van het vraagteken
a)
Object
b)
Oculair
c)
Diafragma
d)
Statief
2.
Hoe heet het onderdeel  op de plek van het vraagteken
a)
Object
b)
Tubus
c)
Diafragma
d)
Voet
3.
Hoe heet het onderdeel  op de plek van het vraagteken
a)
tubus
b)
Lamp
c)
Preparaatklem
d)
Statief
4.
Hoe heet het onderdeel  op de plek van het vraagteken
a)
Revolver
b)
Lamp
c)
Oculair
d)
Tubus
5.
Hoe heet het onderdeel  op de plek van het vraagteken
a)
Revolver
b)
Objectief
c)
Oculair
d)
Tafel
6.
Hoe heet het onderdeel  op de plek van het vraagteken
a)
Tubus
b)
Voet
c)
Diafragma
d)
Revolver
7.

Het oculair heeft een vergroting van 5x. Het objectief met de 40x vergroting staat voor. Hoeveel keer wordt het preparaat vergroot?

a)

5x

b)

20x

c)

40x

d)

200x

8.

Hoeveel chromosomen heeft een mens?

a)

23

b)

56

c)

46

d)

48

9.

Wat is een gen?

a)

Een stukje van het DNA dat zorgt voor een specifieke erfelijke eigenschap.

b)

DNA

c)

Het membraan van de celkern

d)

Een langgerekte dunne draad die voornamelijk bestaat uit DNA

10.

Hoe noemen we de basenparen die samen nodig zijn voor een of meer eigenschappen

a)

gen

b)

chromosoom

c)

A, G, T of C

d)

DNA

11.

De bouwstenen van een organisme noemen we

a)

de celkern

b)

organen

c)

cellen

d)

weefsels

12.

De celkern is aangegeven met

a)

1

b)

2

c)

3

d)

4

e)

7

13.

Onderdelen in een organisme zijn: celkern, DNA, chromosoom, gen en cel. Zet deze organismen in de goede volgorde, het kleinste eerst, het grootste als laatste.

a)

DNA - Gen - Cel - Chromosoom - Celkern

b)

Gen - DNA - Chromosoom - Celkern - Cel

c)

Gen - Chromosoom - DNA - Celkern - Cel

d)

Chromosoom - DNA - Celkern - Gen - Cel

14.
Een celkern bevat de complete informatie voor alle erfelijke eigenschappen.
a)
juist
b)
onjuist
15.

Een cel gaat delen. In welk antwoord staan de stappen in de juiste volgorde als een cel gaat delen?

a)

plasmagroei - celdeling - kerndeling

b)

celdeling - kerndeling - plasmagroei

c)

kerndeling - celdeling - plasmagroei

16.

Waarvoor is celdeling nodig?

a)

Om te groeien

b)

Om dode cellen te vervangen

c)

Om te groeien en om oude (dode) cellen te vervangen

17.

Wat is de juiste volgorde van celdeling?

a)

Moedercel - celdeling - kerndeling - dochtercellen - plasmagroei

b)

Moedercel - kerndeling- celdeling - dochtercellen - plasmagroei

c)

Moedercel - kerndeling- celdeling - plasmagroei - dochtercellen

18.

Plantaardige cellen doen niet aan celdeling.


Dit is:

a)

Juist

b)

Onjuist