wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

stereotype, vooroordeel of discriminatie

Total questions: 15

Worksheet time: 8mins

Name
Class
Date
1.
Als ik me een Schot voorstel, zie ik man met een grote, witte snor, een doedelzak en schotse rok voor me.
a)
stereotype
b)
vooroordeel
c)
discriminatie
2.
De nieuwe jongen in onze klas kleedt zich nogal ouderwets. Hij zal wel zo iemand zijn die nooit weggaat en altijd met zijn neus in de boeken zit.
a)
stereotype
b)
vooroordeel
c)
discriminatie
3.
Haar moeder heeft nog met mijn pa in de klas gezeten. Mijn pa zei dat haar moeder een goede studente was, dus zal mijn klasgenoot ook wel sterk zijn.
a)
stereotype
b)
vooroordeel
c)
discriminatie
4.
Zijn broer is blind, dus wil ik niet dat hij in mijn bedrijf komt werken.
a)
stereotype
b)
vooroordeel
c)
discriminatie
5.
Ze is een typisch blondje: gelnagels, kortgerokt, hoge hakken.
a)
stereotype
b)
vooroordeel
c)
discriminatie
6.
Ze is een typisch blondje, dus zal er ook wel niet veel inhoud in zitten.
a)
stereotype
b)
vooroordeel
c)
discriminatie
7.
Alle Nederlanders zijn gierig en dragen oranje kledij.
a)
stereotype
b)
vooroordeel
c)
discriminatie
8.
Er mogen geen homo’s in de voetbalclub.
a)
stereotype
b)
vooroordeel
c)
discriminatie
9.
Hij is dik en zal dus wel gezellig en grappig zijn.
a)
stereotype
b)
vooroordeel
c)
discriminatie
10.
Het is een man en zal dus niet kunnen stofzuigen.
a)
stereotype
b)
vooroordeel
c)
discriminatie
11.
Een Marokkaan kan je nooit vertrouwen. Let op mijn woorden.
a)
stereotype
b)
vooroordeel
c)
discriminatie
12.
Alle jongeren uit Aalst vieren graag carnaval.
a)
stereotype
b)
vooroordeel
c)
discriminatie
13.
Een vrouw met hoofddoek mag niet aan de balie staan.
a)
stereotype
b)
vooroordeel
c)
discriminatie
14.
Zwarten zijn een beetje simpel van geest.
a)
stereotype
b)
vooroordeel
c)
discriminatie
15.
In Afrika lopen ze nog in hun blootje rond.
a)
stereotype
b)
vooroordeel
c)
discriminatie