NEW
Font size
S
M
L
XL
WorksheetsWoordenschat 2 (spelling)
Total questions: 25
Worksheet time: 13mins
Name
Class
Date
1.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
De ............. is een echte herfstbloem.
De ............. is een echte herfstbloem.
a)
chrysant
b)
chrisant
c)
chriesant
d)
chryzant
2.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
Huishoudelijke ................ worden vaak van aluminium gemaakt.
Huishoudelijke ................ worden vaak van aluminium gemaakt.
a)
artikelen
b)
artiekelen
c)
artikkelen
d)
artikellen
3.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
Baardwalvissen zeven met hun ................. plankton uit het water.
Baardwalvissen zeven met hun ................. plankton uit het water.
a)
baleinen
b)
balijnen
c)
balynen
d)
balleinen
4.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
Een tropische ..................., een hele harde storm, richt met zijn kracht veel schade aan.
Een tropische ..................., een hele harde storm, richt met zijn kracht veel schade aan.
a)
cycloon
b)
ciecloon
c)
cicloon
d)
cykloon
5.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
De verdachte werd vrijgelaten, omdat hij een goed ........... had.
De verdachte werd vrijgelaten, omdat hij een goed ........... had.
a)
alibi
b)
allibi
c)
alibie
d)
Ali B
6.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
Een nieuwe ............... kun je herkennen aan een inspringen of een witregel.
Een nieuwe ............... kun je herkennen aan een inspringen of een witregel.
a)
alinea
b)
allinea
c)
alienea
d)
alinia
7.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
Heb je vannacht die ........... geluiden ook gehoord?
Heb je vannacht die ........... geluiden ook gehoord?
a)
mysterieuze
b)
misterieuze
c)
misteryeuze
d)
mysterieuse
8.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
Een klokkenspel in een toren noem je ook wel een ...................
Een klokkenspel in een toren noem je ook wel een ...................
a)
beiaard
b)
bijaard
c)
byaard
d)
bieaard
9.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
Na de modernisering van de winkel is de ................. sterk toegenomen.
Na de modernisering van de winkel is de ................. sterk toegenomen.
a)
klandizie
b)
klandisie
c)
klandiezie
d)
klandissie
10.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
Wij plaatsen in onze krant geen .................... stukken.
Wij plaatsen in onze krant geen .................... stukken.
a)
anonieme
b)
annonieme
c)
anonime
d)
anonyme
11.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
Wie met dit hondenweer de deur uit moet is niet te ........................
Wie met dit hondenweer de deur uit moet is niet te ........................
a)
beneiden
b)
benijden
c)
benieden
d)
beneidden
12.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
Deze ................. moet geslepen worden.
Deze ................. moet geslepen worden.
a)
beitel
b)
bijtel
c)
bytel
d)
bietel
13.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
Grote rotsblokken werden met ................ losgemaakt.
Grote rotsblokken werden met ................ losgemaakt.
a)
dynamiet
b)
dienamiet
c)
dynamite
d)
dinamiet
14.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
Wij ..................... naar het moment waarop we onze prijs in ontvangst konden nemen.
Wij ..................... naar het moment waarop we onze prijs in ontvangst konden nemen.
a)
reikhalsden
b)
rijkhalsden
c)
reikhalsten
d)
rijkhalsten
15.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
Van takken en bladeren bouwden zij een ................ woning.
Van takken en bladeren bouwden zij een ................ woning.
a)
primitieve
b)
priemitieve
c)
priemitive
d)
primietieve
16.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
Je moet eikenhout met ................. behandelen, als je het donkerder wilt maken.
Je moet eikenhout met ................. behandelen, als je het donkerder wilt maken.
a)
beits
b)
bijts
c)
bites
d)
beist
17.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
Op de ........... van de flat lagen bergen opgewaaide sneeuw.
Op de ........... van de flat lagen bergen opgewaaide sneeuw.
a)
galerij
b)
galerei
c)
galei
d)
gallerei
18.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
Veel mensen denken dat een ............... een woordenboek is; weet jij het verschil?
Veel mensen denken dat een ............... een woordenboek is; weet jij het verschil?
a)
encyclopedie
b)
encieclopedie
c)
ensyclopedie
d)
encyclopeddie
19.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
Bij een ...................... wordt het gesproken woord door gebaren vervangen.
Bij een ...................... wordt het gesproken woord door gebaren vervangen.
a)
pantomime
b)
pantomyme
c)
pantonime
d)
pantomine
20.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
Toen het bedrijf zijn schuldeisers niet meer kon betalen, werd het .................. verklaard.
Toen het bedrijf zijn schuldeisers niet meer kon betalen, werd het .................. verklaard.
a)
failliet
b)
faijiet
c)
faillite
d)
faillyt
21.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
.................... verspreiden een sterke geur.
.................... verspreiden een sterke geur.
a)
Hyacinten
b)
Hiacynten
c)
Hyacinthen
d)
Hyacynten
22.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
Vraag eens aan de kok hoe je kippensoep .............. moet.
Vraag eens aan de kok hoe je kippensoep .............. moet.
a)
bereiden
b)
berijden
c)
bereidden
d)
berijdden
23.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
Een ................... onweersbui noodzaakte ons de tocht te onderbreken.
Een ................... onweersbui noodzaakte ons de tocht te onderbreken.
a)
dreigende
b)
drijgende
c)
dreiggende
d)
dreggende
24.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
De .................. begint al in de zomer.
De .................. begint al in de zomer.
a)
voetbalcompetitie
b)
voetbalcompettitie
c)
voetbalcompetietie
d)
voetbalcompentitie
25.
Hoe spel je het woord wat op de open plek past?
Die verpleegkundige is ook verantwoordelijk voor de ......................... verzorging op de afdeling.
Die verpleegkundige is ook verantwoordelijk voor de ......................... verzorging op de afdeling.
a)
hygiënische
b)
higiënische
c)
hygienische
d)
hygiënise
Reset
