wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

M1: Grammatica H5

Total questions: 13

Worksheet time: 7mins

Name
Class
Date
1.
Hoe vind je het mv?
a)
door de vragen wie/wat + ov + gez + lv
b)
door te vragen aan wie/voor wie + ow + gez + lv
c)
door te vragen aan wie/voor wie + ow + gez + lv + mv
2.
Wat is de juiste volgorde van een zin ontleden?
a)
ow - pv - gez - lv - mv
b)
ow - pv - gez - mv - lv
c)
pv - ow - gez - lv - mv
d)
pv - ow - gez - mv - lv
3.
Hoe kun je de pv vinden?
a)
Zin vragend maken
b)
Vragen wat het onderwerp doet
c)
Kijken hoeveel zinsdelen er in de zin staan
4.
Hoe vind je het werkwoordelijk gezegde?
a)
wie of wat + pv
b)
Vragen wat het onderwerp is
c)
Alle werkwoorden in de zin
5.
Als er een lijdend voorwerp in de zin staat, staat er geen meewerkend voorwerp in.
a)
Juist
b)
Onjuist
6.
Als er een onderwerp in de zin staat, staat er nooit een lijdend voorwerp in.
a)
Juist
b)
Onjuist
7.
Wat is een voorzetsel?
a)
Een woordje dat je voor 'een voorzetsel' kunt zetten
b)
Een woordje dat een tijd aangeeft
c)
Een woordje dat je voor een zelfstandig naamwoord kunt zetten
d)
Een woordje dat een plaats aangeeft
8.
Wat is geen voorzetsel?
a)
voor
b)
tijdens
c)
wie
d)
na
9.
Wat is geen voorzetsel?
a)
vanwege
b)
haar
c)
over
d)
naast
10.
Wat is wel een voorzetsel?
a)
vanuit
b)
onmiddellijk
c)
verwachte
d)
toen
11.
Wat is het gekleurde woord?
Deze leerlingen zijn goed bezig!
a)
voorzetsel
b)
lidwoord
c)
aanwijzend voornaamwoord
d)
bezittelijk voornaamwoord
12.
Wat is het gekleurde woord?
Toen ik een voldoende haalde, was ik heel erg blij.
a)
bijvoeglijk naamwoord
b)
lidwoord
c)
zelfstandig naamwoord
d)
vragend voornaamwoord
13.
Hoeveel voorzetsels bevat deze zin?:
In de zomervakantie ga ik lekker naar Spanje op vakantie.
a)
1
b)
2
c)
3
d)
4