wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

werkwoordspelling

Total questions: 10

Worksheet time: 5mins

Name
Class
Date
1.
De ... (begroten) kosten klopten niet.
a)
begrootte
b)
begroten
c)
begrote
d)
begroote
2.
Men ... (vermoeden) dat het morgen allemaal anders zal zijn.
a)
vermoedde
b)
vermoed
c)
vermoedt
d)
vermoeden
3.
... (vermoeden) je zus dat er iets aan de hand is?
a)
vermoed
b)
vermoedt
4.
De ... (redden) man werd door de ambulance afgevoerd.
a)
redden
b)
geredde
c)
reddende
d)
gerede
5.
Hij ... (upgraden) gisteren het programma op zijn laptop.
a)
upgraded
b)
upgrade
c)
upgradde
d)
upgradede
6.
Het ... (verbranden) huis was helemaal vernietigd.
a)
verbrande
b)
verbrandde
c)
verbranden
d)
verbrandte
7.
De ... (sluiten) winkel ging echt niet eerder open.
a)
geslote
b)
gesloten
8.
De groep boswachters ... (verbranden) veel bomen in dit deel van het bos, toen bleek dat er veel dode bomen tussen stonden.
a)
verbrandden
b)
verbrande
c)
verbrandde
d)
verbranden
9.
Engelse werkwoorden, s-klank, het doet er eigenlijk niet toe; wij hebben gewoon lekker ... (kanoën)
a)
gekanod
b)
gekanoot
c)
gekanood
d)
gekanoëd
10.
Hij ... (vinden) dat té makkelijk.
a)
vond
b)
vondt