wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Les 5: Herhaling. Basis

Total questions: 33

Worksheet time: 17mins

Name
Class
Date
1.

Elize (25) is secretaresse. Na drie jaar krijgt ze ontslag. Elize heeft recht op een

a)

Bijstand

b)

een werkloosheidsuitkering

c)

een AOW-uitkering

d)

loonbelasting

2.

Achmed is bouwvakker en breekt zijn been. Achmed heeft recht op een ……..

a)

bijstandsuitkering

b)

werkloosheidsuitkering

c)

AOW-uitkering

d)

ziektegeld

3.

Meneer Joustra heeft altijd gewerkt. Hij wordt 67 en stopt met werken. Hij krijgt nu een....

a)

bijstand

b)

AOW

c)

ziektegeld

d)

werkloosheidsuitkering

4.

Waar heb je na ontslag meestal recht op?

a)

AOW

b)

Bijstand

c)

een werkloosheidsuitkering

d)

ziektegeld

5.

Nederland is een verzorgingsstaat

a)

juist

b)

onjuist

6.

In een verzorgingsstaat helpen de burgers de overheid

a)

juist

b)

onjuist

7.

Wanneer ga je naar het UWV?

a)

Je zoekt vakantiewerk

b)

Je sollicitatie wordt steeds afgewezen

c)

Je wilt ander werk proberen

d)

Je wilt een bedrijf oprichten

8.

Welke overheidsinstelling kijkt of je recht hebt op een WW-uitkering als je ontslagen bent?

a)

CAO

b)

AIVD

c)

NVWA

d)

UWV

9.

De afkorting AOW staat voor

a)

Algemene Onderwijswet

b)

Algemene Ouderdomswet

c)

Algemene Ondernemerswerk

10.

Wat is een vacature?

a)

netwerk van vrienden en kennissen

b)

open sollicitatie

c)

baan waarop je kunt solliciteren

d)

curriculum vitae (cv)

11.

Wat is een open sollicitatie?

a)

Een bedrijf vraagt jou om bij hen te gaan werken.

b)

Je gaat een periode werken bij een bedrijf om te kijken of je het werk leuk vindt.

c)

Je vraagt een bedrijf of ze werk voor je hebben.

d)

Je vraag hulp bij het solliciteren bij UWV WERKbedrijf.

12.

Wanneer ga je naar het UWV?

a)

Je zoekt vakantiewerk

b)

Je sollicitatie wordt steeds afgewezen

c)

Je wilt ander werk proberen

d)

Je wilt een bedrijf oprichten

13.

Je gebruikt je netwerk als je een baan zoekt;

a)

in de krant

b)

via bekenden

c)

via het UVW

d)

via een uitzendbureau

14.

wat staat er in een arbeidsovereenkomst?

a)

het loon

b)

de hoogte van de premies

c)

de straf op zwartwerken.

15.

in een arbeidsovereenkomst staan afspraken over het loon en de werktijden.

a)

juist

b)

onjuist

16.

in een sollicitatiebrief leg je je werkervaring uit

a)

juist

b)

onjuist

17.

Bij …..kan een baas je zomaar ontslaan

a)

zwartwerk

b)

witwerk

18.

Prinses Amalia heeft door haar ….. een hoge maatschappelijke positie. Welk woord is weggelaten

a)

macht

b)

kennis

c)

afkomst

d)

talent

19.

Autocoureur Max Verstappen heeft een hoge maatschappelijke positie. Dat komt vooral door zijn …..

a)

talent

b)

kennis

c)

afkomst

d)

geld

20.

Waaraan heeft atlete Daphne schippers haar maatschappelijke positie vooral te danken

a)

macht

b)

kennis

c)

talent

d)

geld

21.

Mensen met een hoge maatschappelijke positie hebben vaak geld en macht

a)

juist

b)

onjuist

22.

een docent dankt zijn maatschappelijke positie aan zijn afkomst

a)

juist

b)

onjuist

23.

Een voorkoop assistent heeft een hoge maatschappelijke positie

a)

juist

b)

onjuist

24.

In welk voorbeeld is er sprake van werk?

a)

Rick gaat het plafond van zijn slaapkamer witten.

b)

Deborah speelt in het derde team van volleybalclub Smash.

c)

John repareert zijn scooter.

d)

Grace maakt een kantoorpand schoon.

25.

Status is de waardering die mensen voor een beroep hebben

a)

juist

b)

onjuist

26.

Wat is GEEN voorbeeld van werk?

a)

Vuilnisman

b)

Kassamedewerker

c)

Krantenbezorger

d)

Vrijwillige voetbaltrainer

27.

In welk voorbeeld is er sprake van werk

a)

thuis de afwas doen

b)

een kantoorpand schoonmaken

c)

je vriend(in helpen met kleren kopen

28.

Jan bezorgt pakketjes. Hij verdient niet veel, maar hij vindt het toch leuk werk.

a)

werk

b)

hobby

29.

Wie werkt?

a)

Mohammed repareert zijn eigen scooter

b)

Romy verdient bij als kapster

30.

Als je werkt moet je zelf voor een eigen veilige werkplek zorgen

a)

juist

b)

onjuist

31.

In sommige beroepen draag je veiligheidskleding

a)

juist

b)

onjuist

32.

Het brutoloon is altijd hoger dan het nettoloon

a)

juist

b)

onjuist

33.

Wat is het verschil tussen werk en hobby?

a)

Voor werk krijg je betaald

b)

Voor werk krijg je meer waardering

c)

Werk vind je altijd leuk