NEW
Font size
WorksheetsSpelling H5 2BK
Total questions: 20
Worksheet time: 10mins
De kat is uit de tuin … (verjagen)
verjaagt
verjaagd
verjagen
De … (verjagen) kat
verjaagde
verjaagden
De … (begrijpen) vraag
begrepen
begrepe
begrijpte
begrijpde
De … (verpotten) plant
verpoten
verpote
verpotten
verpotte
Het vliegtuig is … (landen)
gelanden
gelant
geland
Met meisje was ... (bijten)
gebeten
gebijt
Het … (bijten) meisje
gebeten
gebijt
gebete
Het … (ingooien) raam
ingegooiden
ingegooide
Als ik een voltooid deelwoord als bijvoeglijk naamwoord gebruik, doe ik in principe: v.dw. + e
Waar
Niet waar
Als het voltooid deelwoord op -en eindigt, verander ik het naar -e
Waar
Niet waar
De … (stelen) laptop
gestole
gestolen
gesteelde
gesteelden
Als een woord op een lange klank eindigt, schrijf ik de klinker dubbel bij een verkleinwoord
Waar
Niet waar
Café
Café'tje
Cafétje
Cafeetje
Caféetje
Wandeling
Wandelingtje
Wandelingje
Wandelingetje
Pudding
Puddingje
Puddingkje
Puddingetje
Puddinkje
Auto
Auto'tje
Autootje
Autotje
Jongen
Jongetje
Jongentje
Ski
Skiitje
Skietje
Ski'tje
Skitje
Boom
Boompje
Boomtje
Boomje
Boomje
Sla
Slaatje
Slatje
Sla'tje
Slaaatje
