NEW
Font size
WorksheetsNederlands 1AB oefenen
Total questions: 45
Worksheet time: 23mins
Doel van een flyer
Overtuigen
Wat je moet doen
Informeren
Overhalen of activeren
Doel van een voorlichtingstekst
Overtuigen
Wat je moet doen
Informeren
Overhalen of activeren
Doel van een gebruiksaanwijzing
Overtuigen
Wat je moet doen
Informeren
Overhalen of activeren
Doel van een ingezonden brief
Overtuigen
Wat je moet doen
Informeren
Overhalen of activeren
Als je iets aanwijst, gebruik je een ... voornaamwoord
vragend
aanwijzend
Wat is het aanwijzende voornaamwoord: Hoeveel mensen heb je deze keer uitgenodigd?
Hoeveel
Mensen
Deze
Uitgenodigd
Wat is het aanwijzende voornaamwoord: Op het Wellantcollege gelden niet zulke strenge regels.
Op
Het
Wellantcollege
zulke
Wat is het vragende voornaamwoord: Wie is jullie dokter?
Wie
is
jullie
dokter
Wat is het vragende voornaamwoord: Wat heeft u verkocht via internet?
Wat
u
verkocht
internet
Je hart pompt bloed ... je hele lichaam.
om
in
door
van
Het valt niet mee ... een goede les te maken.
om
in
door
van
... Gelderland was het afgelopen weekend mooi weer.
om
in
door
van
De leerkracht heeft hoge verwachtingen ... de leerlingen.
om
in
door
van
Wat is het: Nederland
Lidwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoegelijk naamwoord
Werkwoord
Voorzetsel
Wat is het: kunnen
Lidwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoegelijk naamwoord
Werkwoord
Voorzetsel
Wat is het: achter
Lidwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoegelijk naamwoord
Werkwoord
Voorzetsel
Wat is het: slechte
Lidwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoegelijk naamwoord
Werkwoord
Voorzetsel
Wat is het: De
Lidwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoegelijk naamwoord
Werkwoord
Voorzetsel
Wat is het: doen
Lidwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoegelijk naamwoord
Werkwoord
Voorzetsel
Wat is het: naar
Lidwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoegelijk naamwoord
Werkwoord
Voorzetsel
Wat is het: een
Lidwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoegelijk naamwoord
Werkwoord
Voorzetsel
Wat is het: rode
Lidwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoegelijk naamwoord
Werkwoord
Voorzetsel
Wat is het: klaslokaal
Lidwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoegelijk naamwoord
Werkwoord
Voorzetsel
Wat is het: Henry
Lidwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoegelijk naamwoord
Werkwoord
Voorzetsel
Wat is het: staat
Lidwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoegelijk naamwoord
Werkwoord
Voorzetsel
Wat is het: onder
Lidwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoegelijk naamwoord
Werkwoord
Voorzetsel
Wat is het: na
Lidwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoegelijk naamwoord
Werkwoord
Voorzetsel
Wat is het: Geschiedenis
Lidwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoegelijk naamwoord
Werkwoord
Voorzetsel
Wat is het: oude
Lidwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoegelijk naamwoord
Werkwoord
Voorzetsel
Wat is het: het
Lidwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoegelijk naamwoord
Werkwoord
Voorzetsel
Meervoud van: feestje
feestjes
feestje's
Meervoud van: televisie
televisies
televisie's
Meervoud van: kano
kanos
kano's
Meervoud van: lepel
lepels
lepel's
In de VERLEDEN TIJD: Onze tuin ... aan die van onze ouders.
grenst
grensd
grenste
grensde
In de VERLEDEN TIJD: Het roofdier ... de prooi, omdat hij honger had.
doodt
dood
doodte
doodde
In de VERLEDEN TIJD: Vroeger op vakantie moesten wij ... om op onze bestemming te komen.
lift
liftd
liftten
liftden
In de VERLEDEN TIJD: De leerkracht ... de leerlingen langs alle bijzondere gebouwen in de oude stad.
leit
leid
leidte
leidde
In de VERLEDEN TIJD: Voor moederdag ... de dochter het cadeau in cadeaupapier.
wikkelt
wikkeld
wikkelte
wikkelde
De dame heeft ... haren
bruine
bruinen
De tafel heeft een ... poot.
kopere
koperen
Hij heeft altijd ... ideeën.
orginele
orginelen
Het ... idee was van een leerling
beste
besten
We eten vandaag van een ... bord.
papiere
papieren
Gelukkig is het nog maar een ... periode tot aan de vakantie.
korte
korten
