wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Onderzoeken 1.1 formatieve toets

Total questions: 14

Worksheet time: 16mins

Name
Class
Date
1.

LD1. Hoe heet het orgaan aangegeven met nummer 3?

a)

Luchtpijp

b)

Long

c)

Hart

d)

Darmen

2.

LD1. Hoe heet het orgaan dat is aangegeven met nummer 5?

a)

Dikke darm

b)

Dunne darm

c)

Lever

d)

Maag

3.

Hoe wordt dit plastic model genoemd?

a)

Een model

b)

Een torso

c)

Een romp

d)

Geen idee

4.

LD3. Bij welk orgaanstelsel past de volgende omschrijving?


Heeft als functie (taak) het voedsel kleiner maken.

a)

Het ademhalingsstelsel

b)

Het bloedvatenstelsel

c)

Het beenderstelsel

d)

Het verteringsstelsel

5.

LD 3. De neusholte, de mondholte, de luchtpijp en de longen vormen samen het: ?

a)

ademhalingsstelsel

b)

beenderstelsel

c)

verteringsstelsel

d)

spierstelsel

6.

LD1. van groot naar klein...

a)

Orgaanstelsel - orgaan - weefsel - organisme - cel

b)

Organisme - orgaanstelsel - orgaan - weefsel - cel

c)

cel - weefsel - orgaan - orgaanstelsel - organisme

d)

organisme - orgaan - orgaanstelsel - weefsel - cel

7.

LD1./LD6. Hoe noem je de bouwsteentjes van het lichaam?

a)

Organen

b)

Orgaanstelsels

c)

Cellen

d)

Weefsels

8.

LD6. Een groep van dezelfde cellen met dezelfde vorm en functie (taak) noem je een?

a)

orgaan

b)

weefsel

c)

organisme

d)

cellen

9.

LD5. bekijk het plaatje. Welke weefsel denk je dat dit is?

a)

spierweefsel

b)

luchtpijpweefsel

c)

longweefsel

d)

hersenweefsel

10.

LD6. In de afbeelding zie je een tekening van een cel. Met welk nummer is cytoplasma aangegeven?

a)

1

b)

2

c)

3

d)

4

11.

LD6. bekijk de afbeelding van de cel. Met welk nummer is het celmembraan aangegeven?

a)

1

b)

2

c)

3

d)

4

12.

LD3. Welke taak behoort heeft het bloedvatenstelsel?

a)

Stevigheid geven aan het lichaam

b)

vervoeren va zuurstof en voedingsstoffen

c)

het voedsel kleiner maken

d)

geen van de genoemde functies

13.

LD1. bekijk het plaatjes. met welk nummer is de dikke darm aangegeven?

a)

4

b)

5

c)

6

d)

7

14.

LD23 Schrijf 5 orgaanstelsels op die je kent. Eerst alles opschrijven voordat je het opstuurt.

4 lines