wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Hof- of Feodale Stelsel

Total questions: 20

Worksheet time: 9mins

Name
Class
Date
1.

Horigheid

a)

Hofstelsel

b)

Feodale stelsel

c)

Allebei

d)

Geen van beiden

2.

Vazal

a)

Hofstelsel

b)

Feodale stelsel

c)

Allebei

d)

Geen van beiden

3.

Autarkie

a)

Hofstelsel

b)

Feodale stelsel

c)

Allebei

d)

Geen van beiden

4.

Diensten voor een heer

a)

Hofstelsel

b)

Feodale stelsel

c)

Allebei

d)

Geen van beiden

5.

Adel en geestelijken hebben alle macht

a)

Hofstelsel

b)

Feodale stelsel

c)

Allebei

d)

Geen van beiden

6.

Het vergaan van de overblijfselen van het West-Romeinse Rijk ligt ten grondslag aan?

a)

Hofstelsel

b)

Feodale stelsel

c)

Allebei

d)

Geen van beiden

7.

Leenheren

a)

Hofstelsel

b)

Feodale stelsel

c)

Allebei

d)

Geen van beiden

8.

Heren boden bescherming tegen geweld

a)

Hofstelsel

b)

Feodale stelsel

c)

Allebei

d)

Geen van beiden

9.

Standensamenleving

a)

Hofstelsel

b)

Feodale stelsel

c)

Allebei

d)

Geen van beiden

10.

Domein

a)

Hofstelsel

b)

Feodale stelsel

c)

Allebei

d)

Geen van beiden

11.

Kleine gemeenschappen bestuurd door een iemand

a)

Hofstelsel

b)

Feodale stelsel

c)

Allebei

d)

Geen van beiden

12.

Waar hoort deze afbeelding bij?

a)

Hofstelsel

b)

Feodale stelsel

c)

Allebei

d)

Geen van beiden

13.

Welke van de volgende is een monotheïstische godsdienst?

a)

Christendom

b)

Islam

c)

Jodendom

d)

Het zijn allemaal monotheïstische godsdiensten

14.

De eerste moslims waren tolerant tegenover Christenen en Joden

a)

Juist

b)

Onjuist

15.

De Islam richt zich in beginsel tot de hele mensheid

a)

Juist

b)

Onjuist

16.

De Islam heeft grote delen van Spanje ingenomen na de val van het West-Romeinse Rijk

a)

Juist

b)

Onjuist

17.

Met het verdrijven van de Islamieten uit Spanje in 1492 verdween de Islam uit Europa

a)

Juist

b)

Onjuist

18.

Het denken over burgerschap en politiek ontstond in het Romeinse Rijk

a)

Juist

b)

Onjuist

19.

Jager-verzamelaars kenden geen kunst

a)

Juist

b)

Onjuist

20.

In een tirannie heeft een persoon de macht geërfd

a)

Juist

b)

Onjuist