wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

H9 Gezondheid (Havo-2)

Total questions: 30

Worksheet time: 21mins

Name
Class
Date
1.

Genotmiddelen: Je hebt het gevoel dat je niet zonder kunt. Je denkt er steeds aan. Je voelt je niet prettig als je het middel niet kunt gebruiken.

We noemen dit:

a)

lichamelijk afhankelijk

b)

geestelijk afhankelijk

c)

sociaal afhankelijk

2.

Dit micro-organisme vermenigvildigt zich heel snel, het vormt snel nieuwe varianten. Als je daar ziek van bent, dan zit het in al jouw lichaamscellen.

a)

bacterie

b)

gist

c)

virus

d)

schimmel

3.

Dit micro-organisme vermenigvuldigt zich niet door mannetje/vrouwtjes, maar door deling!

a)

gist

b)

bacterie

c)

schimmel

d)

virus

4.

Genotmiddelen: Je lijf heeft het nodig om te kunnen functioneren. Als je stopt, dan krijg je hoofdpijn, zweten, trillen.

a)

lichamelijk afhankelijk

b)

geestelijk afhankelijk

c)

sociaal afhankelijk

5.

Voorbeelden van stimulerende middelen zijn

a)

nicotine

b)

wiet

c)

cocaine

d)

alcohol

e)

paddo's

6.

Voorbeelden van verdovende middelen zijn

a)

nicotine

b)

wiet

c)

alcohol

d)

lsd

e)

cafeine

7.

Voorbeelden van bewustzijnsveranderende middelen zijn

a)

slaapmiddleen

b)

wiet

c)

alcohol

d)

paddo's

e)

lsd

8.

Roken is ongezond. Wat is de naam van de verslavende stof in tabak?

(a)  

9.

Roken is ongezond. Wat is de naam van de stof die je longen zwart maakt en je slijmvlies beschadigt?

(a)  

10.

Roken is ongezond. Wat si de naam van de stof die ervoor zorgt dat je minder conditie krijgt en waardoor je minder zuurstof kunt opnemen in je bloed?

(a)  

11.

Goed geregeld: De afvalstoffen die je longen uitscheiden zijn:

a)

zuurstof en water

b)

koolstofdioxide en water

c)

zuurstof en afvalstoffen

d)

koolstofdioxide en glucose

12.

Goed geregeld: De afvalstoffen die je lever uitscheidt zijn

a)

zouten

b)

water

c)

kleurstoffen

d)

alcohol

e)

glucose

13.

Goed geregeld: Je afvalstoffen die je nieren uitscheiden zijn:

a)

water

b)

koolstofdioxide

c)

zouten

d)

afvalstoffen

e)

alcohol

14.

Goed geregeld: Je dunne darm zorgt voor:

a)

het in je bloed opnemen van glucose en voedingsstoffen

b)

het uit je bloed halen van glucose en voedingsstoffen

c)

het in je bloed opnemen van water en voedingszouten

d)

het uit je bloed halen van voedingszouten

15.

De ader die van je lever naar je hart terug stroomt heet de

a)

poortader

b)

leverader

c)

leverslagader

d)

nierader

16.

De ader die vanaf je dunne darm naar je lever toe loopt heet de

a)

poortader

b)

nierader

c)

leverader

d)

leverslagader

17.

Je ziet hier een doorsnede van de huid. wat is de naam van nummer 1?

a)

opperhuid

b)

lederhuid

c)

hoornlaag

d)

onderhiuds bindweefsel

e)

kiemlaag

18.

Je ziet hier een doorsnede van de huid. wat is de naam van nummer 2?

a)

opperhuid

b)

lederhuid

c)

hoornlaag

d)

onderhiuds bindweefsel

e)

kiemlaag

19.

Je ziet hier een doorsnede van de huid. wat is de naam van nummer 3?

a)

opperhuid

b)

lederhuid

c)

hoornlaag

d)

onderhiuds bindweefsel

e)

kiemlaag

20.

Je hebt in de zon gelegen, je huid is verbrand en er laten kleine velletjes huid los. Welke laag van je huid is dit?

a)

lederhuid

b)

opperhuid

c)

hoornlaag

d)

kiemlaag

21.

Sommige mensen hebben een tattoo. In welke laag van de huid wordt een tattoo gezet?

a)

hoornlaag

b)

lederhuid

c)

kiemlaag

d)

onderhuids bindweefsel

22.

Hoe zorgt je huid ervoor dat ze op temperatuur blijft?

a)

door pigment aan te maken

b)

door te zweten

c)

door de opperhuid af te stoten

d)

door fibrinedraden te vormen

23.

Een bacterie vermenigvuldigt zich elke 30 minuten. Hoeveel bacterien zijn er dan na 3 uur?

a)

64

b)

128

c)

256

d)

512

24.

Een bacterien vermenigvuldigt zich elk uur. Na hoeveel uur zijn er al 4096 bacterien?

a)

na 9 uur

b)

na 10 uur

c)

na 11 uur

d)

na 12 uur

25.

Wat betekent incubatietijd?

a)

hoelang je ziek op bed ligt

b)

de tijd dat tussen het 'ziek voelen' en 'beter worden'

c)

de tijd tussen 'ziek worden' en 'ziek voelen'

d)

de tijd tussen 'ziek worden' en 'beter worden'

26.

Wat is het gevaarlijke aan een lange incubatietijd?

a)

je kunt ondertussen andere mensen besmetten

b)

je bent dan te lang ziek

c)

je hebt dan meer medicijnen nodig

d)

andere mensen kunnen jou dan besmetten

27.

actieve immuniteit betekent:

a)

zelf antistoffen toegediend krijgen

b)

zelf antistoffen aanmaken

c)

zelf gehuegencellen aanmaken

d)

een seruminjectie ontvangen

28.

Als je door een giftige slang bent gebeten, dan krijg je een

a)

seruminjectie

b)

inenting

c)

vaccinatie

d)

immuniteitsinjectie

29.

Een bactie vermenigvuldigt zich elke 20 minuten. Na hoeveel uur zijn er al meer dan 4000 bacterien?

a)

na 4 uur

b)

na 4.20 uur

c)

na 4.40 uur

d)

na 5 uur

30.

Ik denk dat ik voor deze toets het volgende cijfer ga halen:

a)

lager dan een 6

b)

tussen 6 en 7

c)

tussen 7 en 8

d)

tussen 8 en 9

e)

hoger dan een 9 !