Worksheets2 havo H3 voc E23 en F12
Total questions: 19
Worksheet time: 7mins
Vertaal FN
tout de suite
onmogelijk
onmiddelijk
onlogisch
alles mogelijk
wanneer
mardi
que
quand
quoi
Vertaal NF
vanavond
(a)
Vertaal NF
helemaal
tout de suite
tout à fait
tout le monde
toutes les choses
Bron H aanwijzend voornaamwoord
Welk aanwijzend vnw kies je bij een vrouwelijk zelfstandig naamwoord?
ces
ce
cet
cette
Vertaal FN
rien
(a)
Vertaal FN
tout lu
allemaal klaar
helemaal
alles goed
alles gelezen
Vertaal NF
de plaats
(a)
Bron H
Welk aanwijzend vnw gebruik je voor mannelijke woorden?
bijvoorbeeld bij garçon
cet
cette
ces
ce
le membre
(a)
Welk aanwijzend voornaamwoord zet ik voor ..........articles
cets
cet
ces
cette
Vertaal NF
de handtekening
(a)
Vertaal FN
Marc et Luc posent une question.
Marc en Luc vragen elkaar.
Marc en Luc stellen een vraag.
Marc en Luc vragen naar de kwestie.
Marc en Luc beantwoorden een vraag.
Bron H aanwijzend voornaamwoord
Welk aanwijzend vnw zet je voor (a) chance
Vertaal NF
beter
mieus
miuex
mieuex
mieux
Vertaal FN
La première chance
De eerste keus
De laatste keus
De eerste voorstelling
De eerste kans
Vertaal NF
gelijk hebben
être raison
avoir raison
être d'accord
raison avoir
Hoe goed heb je geleerd voor deze online toets?
Heel erg goed!
Best wel geleerd.
Half geleerd.
Een klein beetje geleerd.
Eerlijk gezegd niets geleerd :(
Meer dan 8 antwoorden goed? Een voldoende en goed gedaan!
Minder dan 8 goed, leer je vocabulaire goed en laat je overhoren door iemand.
