wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

H6 Ecologie BS 1 t/m 3 BKG

Total questions: 24

Worksheet time: 13mins

Name
Class
Date
1.

Een prooidier is een abiotische factor.

a)

Juist

b)

Onjuist

2.

Hoe noemen we de groene planten in een voedselketen?

a)

Consumenten

b)

Reducenten

c)

Producenten

d)

Afvaleters

3.

In deze voedselketen is het koolmeesje...

a)

een producent.

b)

een consument van de eerste orde.

c)

een consument van de tweede orde.

d)

een consument van de derde orde.

4.

Ecologie kun je bestuderen op verschillende niveaus. In welk rijtje staan de niveaus op de juiste manier van klein naar groot?

a)

Individu - levensgemeenschap - populatie - ecosysteem

b)

Individu - populatie - ecosysteem - levensgemeenschap

c)

Individu - populatie - levensgemeenschap - ecosysteem

d)

Populatie - individu - levensgemeenschap - ecosysteem

5.

Welke van onderstaande factoren is biotisch?

a)

Reducenten

b)

Bodemvochtigheid

c)

Waterdiepte

d)

Grondsoort

6.

Welke onderstaande factor is abiotisch?

a)

Predator

b)

Parasiet

c)

Zuurgraad

d)

Prooidier

7.

Welk begrip hoort bij deze beschrijving:

"Alle levende organismen in de rivier. In een rivier leven onder andere vissen, kreeften, insecten en waterplanten."?

a)

Ecosysteem

b)

Individu

c)

Levensgemeenschap

d)

Populatie

8.

Welk begrijp hoort bij deze beschrijving:

"Alle biotische factoren en abiotische factoren in en om de sloot."?

a)

Ecosysteem

b)

Populatie

c)

Individu

d)

Levensgemeenschap

9.

Wat is een voedselweb?

a)

Een reeks van eten en gegeten worden.

b)

Alle biotische factoren in een ecosysteem.

c)

Alle voedselrelaties in een ecosysteem.

10.

Wat ontbreekt bij nummer 2?

a)

Consument

b)

Producent

c)

Reducent

d)

Afvaleters

11.
Een soortgenoot is een biotische factor.
a)
juist
b)
onjuist
12.
De zon is een biotische factor.
a)
juist
b)
onjuist
13.
In deze afbeelding zie je een:
a)
levensgemeenschap
b)
individu
c)
biotoop
d)
populatie
14.
Hoe noem je alle biotische en abiotische factoren samen?
a)
ecosysteem
b)
bioom
c)
biotoop
d)
biosfeer
15.
Lijsterbes-sprinkhaan-kikker-slang vormen een voedselketen.
a)
juist
b)
onjuist
16.
De libel is een consument van de 4e orde.
a)
juist
b)
onjuist
17.
Uit hoeveel schakels bestaat de kortste voedselketen in de afbeelding?
a)
1
b)
2
c)
3
d)
4
18.
Wat is een voedselweb?
a)
Een reeks van eten en gegeten worden.
b)
Alle biotische factoren in een ecosysteem.
c)
Alle voedselrelaties in een ecosysteem.
19.
Hoe noemen we de bacteriën en schimmels in een voedselketen?
a)
afvaleters
b)
consumenten
c)
reducenten
20.
Wat ontbreekt bij nummer 3?
a)
consument
b)
reducent
c)
producent
d)
afvaleters
21.
Welke schakel in een voedselketen vormt altijd de basis?
a)
planten
b)
kleine diertjes
c)
kleine vogels
d)
roofvogel
22.
Het proces dat je in de afbeelding ziet noemen we....
a)
aanpassing.
b)
successie.
c)
biologisch evenwicht.
d)
optimaal.
23.
Het klimaat heeft veel invloed op de grootte van een populatie.
a)
juist
b)
onjuist
24.
Dit diagram noemen we ook wel een...
a)
minimum-maximumkromme.
b)
staafdiagram.
c)
milieukromme.
d)
optimumkromme.