WorksheetsHerhaling zwakke ww + volt. dw.
Total questions: 20
Worksheet time: 10mins
Vervoeg het volgende werkwoord: füttern - Du ... die Kühe.
(a)
Vervoeg het volgende werkwoord: kaufen - Ich ... die Zeitung.
(a)
Vervoeg het volgende werkwoord: besuchen - Wir ... unsere Großeltern.
(a)
Vervoeg het volgende werkwoord: tanzen - ... du jeden Montag?
(a)
Vervoeg het volgende werkwoord: kommen - Ihr ... zusammen zu uns.
(a)
Vervoeg het volgende werkwoord: hören - Er ... dich singen.
(a)
Vervoeg het volgende werkwoord: singen - Sie (mv.) ... sehr schön.
(a)
Vervoeg het volgende werkwoord: machen - Sie (ev) ... eine Ausbildung.
(a)
Vervoeg het volgende werkwoord: wohnen - Ich ... in Roermond.
(a)
Vervoeg het volgende werkwoord: malen - Es ... ein schönes Bild.
(a)
Vervoeg het volgende werkwoord: versorgen - Das Mädchen ... die Tiere.
(a)
Vervoeg het volgende werkwoord: fragen - Herr Dieters ... mich etwas.
(a)
Vervoeg het volgende werkwoord: spielen - Faya und Ingrid ... mit einander.
(a)
Vervoeg het volgende werkwoord: sagen - Deine Mutter ... dass du das nicht machen sollst.
(a)
Vul het voltooide deelwoord in: besorgen - Das Essen wird ...
(a)
Vul het voltooide deelwoord in: studieren - Er hat an der Universität ...
(a)
Vul het voltooide deelwoord in: versorgen - Hast du dein Vater ...?
(a)
Vul het voltooide deelwoord in: kochen - Du hast die Speisen ...
(a)
Vul het voltooide deelwoord in: sagen - Was hat er dir ...?
(a)
Vul het voltooide deelwoord in: basteln - Du hast etwas schönes ...
(a)
