wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

🌱 BVJ | BK | Thema 3 Ordening | 3.1 t/m 3.5

Total questions: 44

Worksheet time: 1hrs 28mins

Name
Class
Date
1.

Een eigenschap waaraan je een organisme kunt onderscheiden van andere organismen noem je een...

(a)  

2.

Het organisme op dit plaatje hoort bij het rijk van de...

(a)  

3.

Het organisme op dit plaatje hoort bij het rijk van de...

(a)  

4.

Het organisme op dit plaatje hoort bij het rijk van de...

(a)  

5.

Het organisme op dit plaatje hoort bij het rijk van de...

(a)  

6.

De cellen op dit plaatje horen bij het rijk van de...

a)

Planten

b)

Dieren

c)

Schimmels

d)

Bacteriën

7.

De cellen op dit plaatje horen bij het rijk van de...

a)

Planten

b)

Dieren

c)

Schimmels

d)

Bacteriën

8.

De cellen op dit plaatje horen bij het rijk van de...

a)

Planten

b)

Dieren

c)

Schimmels

d)

Bacteriën

9.

De cellen op dit plaatje horen bij het rijk van de...

a)

Planten

b)

Dieren

c)

Schimmels

d)

Bacteriën

10.

De kleinste groep waarin je dieren kunt indelen noem je de...

(a)  

11.

Tot welke groep horen de dieren op dit plaatje volgens de biologie?

a)

Gewervelde dieren

b)

Zoogdieren

c)

Huisdieren

d)

Groepsdieren

12.

Welke groep heeft deze eigenschappen?
Heeft schubben met slijm, ademt met kieuwen, legt eieren zonder schaal en leeft in het water.

a)

Vissen

b)

Reptielen

c)

Amfibieën

d)

Zoogdieren

e)

Vogels

13.

Welke groep heeft deze eigenschappen?
Heeft huid met slijm, ademt met longen en de huid, legt eieren zonder schaal en leeft in het water en op land.

a)

Vissen

b)

Reptielen

c)

Amfibieën

d)

Zoogdieren

e)

Vogels

14.

Welke groep heeft deze eigenschappen?
Heeft droge huid met schubben, ademt met longen, legt eieren met zachte leerachtige schaal en leeft meestal op het land.

a)

Vissen

b)

Reptielen

c)

Amfibieën

d)

Zoogdieren

e)

Vogels

15.

Welke groep heeft deze eigenschappen?
Heeft huid met veren, ademt met longen, legt eieren met harde kalkachtige schaal en komt voor in de lucht.

a)

Vissen

b)

Reptielen

c)

Amfibieën

d)

Zoogdieren

e)

Vogels

16.

Welke groep heeft deze eigenschappen?
Heeft huid met haren, ademt met longen, worden geboren als jonge dieren en komt vooral voor op het land.

a)

Vissen

b)

Reptielen

c)

Amfibieën

d)

Zoogdieren

e)

Vogels

17.

Welke van deze eigenschappen passen bij vissen?

a)

Huid met schubben en slijm

b)

Eieren zonder schaal

c)

Leeft in het water

d)

Worden geboren als jong dier

e)

Huid met droge schubben

18.

Welke van deze eigenschappen passen bij amfibieën?

a)

Huid met slijm

b)

Eieren zonder schaal

c)

Ademt met longen en huid

d)

Worden geboren als jong dier

e)

Huid met droge schubben

19.

Welke van deze eigenschappen passen bij reptielen?

a)

Eieren met harde kalkachtige schaal

b)

Eieren met zachte leerachtige schaal

c)

Ademt met longen

d)

Worden geboren als jong dier

e)

Huid met droge schubben

20.

Welke van deze eigenschappen passen bij vogels?

a)

Eieren met harde kalkachtige schaal

b)

Eieren met zachte leerachtige schaal

c)

Ademt met longen

d)

Worden geboren als jong dier

e)

Huid met haren

21.

Welke van deze eigenschappen passen bij zoogdieren?

a)

Leeft in het water

b)

Eieren met zachte leerachtige schaal

c)

Ademt met longen

d)

Worden geboren als jong dier

e)

Huid met haren

22.

Bij welk soort organisme hoort cel 3?

a)

Plant

b)

Dier

c)

Schimmel

d)

Bacterie

23.

Bij welk soort organisme hoort cel 4?

a)

Plant

b)

Dier

c)

Schimmel

d)

Bacterie

24.

Van welk organisme hebben de cellen GEEN celwand?

a)

Plant

b)

Dier

c)

Schimmel

d)

Bacterie

25.

Een ezel en een paard kunnen een baby krijgen. De babies zijn altijd ONVRUCHTBAAR. Een ezel en paard behoren dus tot de ZELFDE soort.

a)

Waar

b)

Niet waar

26.

Een labrador en poedel kunnen een baby krijgen. De babies zijn VRUCHTBAAR. Een labrador en poedel behoren dus tot de ZELFDE soort.

a)

Waar

b)

Niet waar

27.

Welk van deze dieren kan door huid EN longen ademen?

a)

Vissen

b)

Amfibieën

c)

Reptielen

d)

Vogels

e)

Zoogdieren

28.

Tik alle dieren aan die longen gebruiken om te ademen

a)

Vissen

b)

Amfibieën

c)

Reptielen

d)

Vogels

e)

Zoogdieren

29.

Welk soort plant zie je op dit plaatje?

a)

Zaadplant

b)

Sporenplant

30.

Welke manier van voorplanting zie je op dit plaatje?

a)

Sporenhoopjes

b)

Sporendoosjes

c)

Zaadjes

d)

Delen

31.

Welk soort plant zie je op dit plaatje?

a)

Zaadplant

b)

Sporenplant

32.

Welke manier van voorplanting zie je op dit plaatje?

a)

Sporenhoopjes

b)

Sporendoosjes

c)

Zaadjes

d)

Delen

33.

Schimmels bestaan uit...

(a)  

34.

Het organisme in de afbeelding plant zich voort met...

a)

Sporen

b)

Zaden

c)

Deling

35.

Tik alle NUTTIGE dingen aan die schimmels doen.

a)

Dode natuur opruimen

b)

Voedsel bederven

c)

Antibiotica maken

d)

Schimmelinfectie geven

e)

Kan gebruikt worden om eten te maken (brood, champignons, bier)

36.

Welke producten worden gemaakt met behulp van SCHIMMELS? Tik alle goede antwoorden aan.

a)

Brood

b)

Yoghurt

c)

Blauwe kaas

d)

Bier

e)

Zuurkool

37.

Welke producten worden gemaakt met behulp van BACTERIEN? Tik alle goede antwoorden aan.

a)

Yoghurt

b)

Blauwe kaas

c)

Bier

d)

Zuurkool

e)

Kaas

38.

Hoe planten bacteriën zich voort?

a)

Sporen

b)

Zaden

c)

Deling

39.

In je darmen zitten bacteriën die je helpen met eten verteren. Hoe noem je deze bacteriën?

a)

Darm bacteriën

b)

Darmflora

c)

Verteringssappen

d)

Yakult

40.

Je kan 84 bacteriën zien onder de microscoop. Hoeveel bacterie cellen zijn dan zichtbaar?

a)

84

b)

168

c)

1

d)

42

41.

Wat kun je met antibiotica bestrijden (dood maken)?

a)

Schimmels

b)

Bacteriën

c)

Planten

d)

Dieren

42.

Welk organisme MAAKT antibiotica?

a)

Schimmels

b)

Bacteriën

c)

Planten

d)

Dieren

43.

Een bacterie deelt zich elke 30 minuten. Hoeveel bacteriën heb je na een uur? (antwoord alleen in getal)

(a)  

44.

Een bacterie deelt zich elke 30 minuten. Hoeveel bacteriën heb je na 3 uur? (antwoord alleen in getal)

(a)