NEW
Font size
WorksheetsQuiz bijvoeglijk naamwoord, zelfstandig naamwoord en werkwoord
Total questions: 13
Worksheet time: 7mins
Janine is een slimme meid. Slimme =
bijvoeglijk naamwoord
lidwoord
zelfstandig naamwoord
werkwoord
De excursie naar de afvalcentrale was leuk en leerzaam. Excursie =
bijvoeglijk naamwoord
lidwoord
zelfstandig naamwoord
werkwoord
Karin heeft een roos aan haar vriend gegeven. Roos =
bijvoeglijk naamwoord
lidwoord
zelfstandig naamwoord
werkwoord
Ze geeft het eerste exemplaar aan haar vader. Het =
Werkwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoeglijk naamwoord
Lidwoord
Heb je op je favoriete kandidaat gestemd? Gestemd =
Werkwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoeglijk naamwoord
Lidwoord
Hoeveel kilometer hebben jullie gefietst? Gefietst =
Werkwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoeglijk naamwoord
Lidwoord
Wie heeft je bijzondere aanpak nageaapt? Bijzondere =
Werkwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoeglijk naamwoord
Lidwoord
De vijf beste kandidaten gaan door. Beste =
Werkwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoeglijk naamwoord
Lidwoord
We lopen heel wat kilometers tijdens de Avondvierdaagse. Lopen =
Werkwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoeglijk naamwoord
Lidwoord
We hebben de hoofdprijs gewonnen! De =
Werkwoord
Zelfstandig naamwoord
Bijvoeglijk naamwoord
Lidwoord
Opruimen doen de meeste kinderen niet graag. Opruimen =
werkwoord
zelfstandig naamwoord
Ik zal je daar nog over mailen. Mailen =
werkwoord
zelfstandig naamwoord
Voorlezen vindt ze erg leuk om te doen. Voorlezen =
werkwoord
zelfstandig naamwoord
