wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Thema 1 verbranding en ademhaling B 1, 2, 3, 4

Total questions: 41

Worksheet time: 1hrs 23mins

Name
Class
Date
1.
Welk gas heb ik nodig bij verbranding?
a)
koolstodioxide
b)
zuurtsof
c)
stikstof
d)
geen van de 3 genoemde
2.
Wat is bij deze verbranding de brandstof?
a)
de vlam
b)

het kaarsvet/ de lont

c)
de zuurstof 
3.
Welke 2 stoffen komen altijd vrij bij de verbranding van een kaars?
a)
zuurstof en water 
b)
kaarsvet en koolstofdioxide
c)
water en koolstofdioxide
d)
water en zuurstof 
water en kaarsvet
4.
Waarom gaat het vlammetje van de kaars uit?
a)
De koolstofdioxide in het potje raakt op
b)
De zuurstof in het potje raakt op
c)
Het lontje is te kort
d)
Het kaarsvet raakt op
5.
Wat is een indicator?
a)
Een stof waar iets inzit
b)
Een orgaan
c)
Een stof waarmee ik een andere stof aantoon
d)
Een stof waarmee ik een andere stof weg krijg
6.

Wat kan ik aantonen met helder kalkwater?

a)

zuurstof

b)

stikstof

c)

koolstodioxide

d)

helium

7.
Wat gebeurt er met het helder kalkwater tijdens dit proefje?
a)
het kalkwater verdwijnt
b)
het kalkwater gaat stinken
c)
het kalkwater doet niks
d)
het kalkwater wordt troebel
8.
Wat heb ik aangetoond met dit proefje?
a)
..dat er zuurstof vrijkomt bij verbranding
b)
...dat er stikstof vrijkomt bij verbranding
c)
....dat er koolstofdioxide vrijkomt bij verbranding
d)
..ik heb niks aangetoond
9.
Wat is niet waar?
a)
Als ik ga bewegen gaat het hart sneller kloppen
b)
Als ik ga bewegen gaat mijn ademhaling sneller
c)
Als ik ga bewegen heb ik meer koolstofdioxide nodig
d)
Als ik ga bewegen heb ik meer zuurstof nodig
10.

Welke weg legt de ingeademde lucht af in het ademhalingsstelsel? Wat is het juiste antwoord?

a)
Neusholte-strottenhoofd-keelholte-luchtpijp-bronchie
b)
neusholte-bronchie-strottenhoofd-keelholte-luchtpijp
c)
neusholte-keelholte-strottenhoofd-luchtpijp-bronchie
d)
keelholte-neusholte-strottenhoofd-luchtpijp-bronchie
11.
Wat is juist?
a)
De huig sluit de luchtpijp af
b)
Het strotklepje sluit de luchtpijp af
c)
De huig sluit de neusholte en de luchtpijp af
d)
Het strotklepje sluit de neusholte en luchtpijp af
12.
Het is beter om door je neus in te ademen omdat.....
a)
De lucht hierdoor gezuiverd wordt van stof en bacteriën en warm en droger wordt
b)
De lucht hierdoor warmer ,vochtiger en geroken wordt
c)
De lucht hierdoor gezuiverd,droger en kouder wordt
13.

Gaswisseling kan snel plaats vinden in de longblaasjes omdat?

a)

ze een heel groot oppervlakte samen hebben

b)

ze een dikke wand hebben

c)

ze makkelijk glucose kunnen uitwisselen

d)

ze makkelijk water kunnen uitwisselen

14.

Het precentage stikstof wat je in en uitademt is gelijk

a)

waar

b)

niet waar

15.

Welk nummer stelt de huig voor?

a)

1

b)

10

c)

2

d)

8

16.

Wat is de stand van de huig en strottenklep bij inademen?

a)

open, open

b)

dicht,open

c)

open, dicht

d)

beide dicht beide dicht

17.

Wat is de indicator voor CO2

a)

kalkwater

b)

jodium

c)

helder kalkwater

d)

Fehling A en B

18.

Lucht bestaat alleen maar uit zuurstof of koolstofdioxide.

a)

Waar

b)

Niet waar

19.

Alleen dieren en mensen ademen.

a)

Waar

b)

Niet waar

20.

Lucht kan zowel ingeademd worden via de neus als de mond.

a)

Waar

b)

Niet waar

21.

Van ziekteverwekkers in de lucht wordt je altijd ziek.

a)

Waar

b)

Niet waar

22.

Waar word glucose gemaakt?

a)

Bladgroenkorrels

b)

Mitochondriën

23.

Waar word glucose afgebroken?

a)

Mitochondriën

b)

Bladgroenkorrels

24.

Waarom bevatten spieren die veel gebruikt worden of die zwaar werk moeten verrichten (zoals beenspieren) meer mitochondriën ?

a)

In deze spieren vind weinig verbranding plaats

b)

In deze spieren vind veel verbranding plaats

25.

Welk gas komt vrij bij fotosynthese?

a)

Butaan

b)

Waterdamp

c)

Zuurstof

d)

Koolstofdioxide

26.

glucose + .... → .... + water + energie

a)

Zuurstof → koolstofdioxide

b)

Zuurstof → butaan

c)

Koolstofdioxide → zuurstof

d)

Waterdamp → zwavel

27.

In afbeelding 4 zie je vijf reageerbuizen met daarin planten en/of dieren. Alleen buis 5 staat in het donker, alle andere buizen staan in het licht.


In welke buis zit na een aantal uren het minste koolstofdioxide?

a)

Buis 1

b)

Buis 2

c)

Buis 3

d)

Buis 4

e)

Buis 5

28.
Wat is juist?
a)
De huig sluit de luchtpijp af
b)
Het strotklepje sluit de luchtpijp af
c)
De huig sluit de neusholte en de luchtpijp af
d)
Het strotklepje sluit de neusholte en luchtpijp af
29.
In de afbeelding zie je in het geel
a)
longen
b)
kieuwen
c)
nieren
d)
geen van de drie
30.
In de lucht die we uitademen zit
a)
meer zuurstof
b)
meer koolstofdioxide
c)
minder koolstofdioxide
d)
minder stikstof
31.

Bij welk nummer of nummers vindt gaswisseling plaats?

a)

7 en 8

b)

1, 7 en 8

c)

1 en 5

d)

8

32.

Welke letter geeft de luchtpijp aan?

a)

J

b)

K

33.

wat zie je hier

a)

de longblaasjes

b)

de luchtpijp

c)

de bronchien

d)

de luchtpijptakjes

34.

In welk orgaan vindt ademhaling plaats?

a)
b)
c)
d)
35.

Benoem cijfertje 1.

a)

Longblaasjes

b)

Luchtpijp

c)

Longtak

d)

Longhaarvaten

36.

Nummer 3 op de afbeelding is een ...

a)

longtak

b)

longtrechtertje

c)

longblaasje

d)

haarvaten

e)

luchtpijptak

37.

Wat is de naam van het onderdeel bij de pijl?

a)

keelholte

b)

mondholte

c)

neusholte

38.

Welke pijl geeft de richting van CO2 aan?

a)

Q

b)

P

c)

2

39.

Bloed dat naar de longblaasjes toestroomt is ...

a)

Zuurstofarm

b)

Zuurstofrijk

c)

Het is gewoon bloed

40.

In de bronchiën vindt gaswisseling plaats

a)

waar

b)

niet waar

41.

Zit de luchtpijp voor of achter de slokdarm?

a)

voor

b)

achter