Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Voegwoorden oefenen

Total questions: 15

Worksheet time: 8mins

Name
Class
Date
1.

Vul de juiste voegwoord in: Ik ga naar de supermarkt ___ ik brood nodig heb.

a)

daarom

b)

terwijl

c)

omdat

d)

dus

2.

Kies het juiste voegwoord: Hij houdt van voetballen, ___ zij houdt van dansen.

a)

dus

b)

of

c)

maar

d)

en

3.

Welk voegwoord hoort hier: Ik ga naar buiten, ___ het mooi weer is.

a)

daarom

b)

omdat

c)

want

d)

dus

4.

Vul in: Hij is moe, ___ hij heeft de hele dag gewerkt.

a)

omdat

b)

dus

c)

maar

d)

want

5.

Kies het juiste voegwoord: Ik ga naar de winkel, ___ ik heb geld nodig.

a)

dus

b)

want

c)

maar

d)

omdat

6.

Welk voegwoord hoort hier: Zij gaat naar bed, ___ ze moe is.

a)

want

b)

omdat

c)

of

d)

dus

7.

Vul de juiste voegwoord in: Ik ga naar de film, ___ ik eigenlijk naar school moet.

a)

terwijl

b)

omdat

c)

dus

d)

of

8.

Kies het juiste voegwoord: Hij houdt van lezen, ___ zij houdt van sporten.

a)

of

b)

dus

c)

maar

d)

en

9.

Welk voegwoord hoort hier: Ik ga naar huis, ___ het begint te regenen.

a)

want

b)

omdat

c)

dus

d)

maar

10.

Vul in: Zij is blij, ___ ze geslaagd is.

a)

terwijl

b)

daarom

c)

omdat

d)

aangezien

11.

Kies het juiste voegwoord: Ik wil een ijsje, ___ ik heb trek.

a)

maar

b)

dus

c)

of

d)

want

12.

Welk voegwoord hoort hier: Hij gaat naar de stad, ___ hij nieuwe schoenen nodig heeft.

a)

of

b)

want

c)

dus

d)

omdat

13.

Vul de juiste voegwoord in: Ik ga naar de bioscoop, ___ ik van films houd.

a)

want

b)

dus

c)

daarom

d)

omdat

14.

Kies het juiste voegwoord: Hij houdt van zwemmen, ___ zij houdt van zonnen.

a)

of

b)

dus

c)

maar

d)

en

15.

Welk voegwoord hoort hier: Ik ga alleen naar de dierentuin, ___ het mooi weer is.

a)

omdat

b)

dus

c)

als

d)

terwijl