wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Voedselweb en voedselketens

Total questions: 20

Worksheet time: 10mins

Name
Class
Date
1.

Wat is een producent?

a)

een organisme dat zelf zijn voedsel maakt

b)

een organisme dat andere organismen nodig heeft voor zijn voedsel

c)

een organisme dat dode resten van andere organismen opruimt.

2.

Wat is een consument?

a)

een organisme dat zelf zijn voedsel maakt

b)

een organisme dat andere organismen nodig heeft voor zijn voedsel

c)

een organisme dat dode resten van andere organismen opruimt.

3.

Wat is een reducent?

a)

een organisme dat zelf zijn voedsel maakt

b)

een organisme dat andere organismen nodig heeft voor zijn voedsel

c)

een organisme dat dode resten van andere organismen opruimt.

4.

Producenten zijn altijd:

a)

planten

b)

dieren

c)

bacteriën en schimmels

5.

Consumenten zijn altijd:

a)

planten

b)

dieren

c)

bacteriën en schimmels

6.

Reducenten zijn altijd:

a)

planten

b)

dieren

c)

bacteriën en schimmels

7.

Bekijk de afbeelding goed. Klik eventueel op de afbeelding om deze te vergroten.

Welke organismen zijn producenten?

a)

vlierbes en weegbree

b)

bladluis en sprinkhaan

c)

koolmees en slang

8.

Bekijk de afbeelding goed. Klik eventueel op de afbeelding om deze te vergroten.

Welke organismen zijn plantenetende consumenten?

a)

vlierbes en weegbree

b)

bladluis en sprinkhaan

c)

koolmees en slang

9.

Bekijk de afbeelding goed. Klik eventueel op de afbeelding om deze te vergroten.

Welke organismen zijn vleesetende consumenten?

a)

vlierbes en weegbree

b)

bladluis en sprinkhaan

c)

koolmees en slang

10.

Bekijk de afbeelding goed. Klik eventueel op de afbeelding om deze te vergroten.

Welke organismen zijn reducenten?

a)

deze zijn niet afgebeeld

b)

bladluis en sprinkhaan

c)

koolmees en slang

11.

Bekijk de afbeelding goed. Klik eventueel op de afbeelding om deze te vergroten.

Welke voedselketen zie je in de afbeelding?

a)

vlierbes > sprinkhaan > kikker > slang > buizerd

b)

weegbree > sprinkhaan > konijn > libelle

c)

weegbree > konijn > koolmees > vos > buizerd

12.

Bekijk de afbeelding goed. Klik eventueel op de afbeelding om deze te vergroten.

Hoeveel voedselketens zie je in de afbeelding?

a)

3

b)

5

c)

7

d)

9

13.

Bekijk de afbeelding goed. Klik eventueel op de afbeelding om deze te vergroten.

Hoeveel voedselwebben zie je in de afbeelding?

a)

3

b)

5

c)

7

d)

1

14.

Bekijk de afbeelding goed.

Wat betekenen de pijlen tussen de verschillende organismen?

a)

wordt gegeten door

b)

eet op

c)

is groter dan

d)

is kleiner dan

15.

Bekijk de afbeelding goed.

In deze afbeelding zie je:

a)

een voedselketen

b)

een voedselweb

16.

Bekijk de afbeelding goed.

Uit hoeveel schakels bestaat deze voedselketen?

a)

uit 3 schakels

b)

uit 4 schakels

c)

uit 5 schakels

d)

uit 6 schakels

17.

Wat zijn herbivoren?

a)

planten die dieren (vlees) eten

b)

planten die planten eten

c)

dieren die planten eten

d)

dieren die dieren (vlees) eten

18.

Wat zijn carnivoren?

a)

planten die dieren (vlees) eten

b)

planten die planten eten

c)

dieren die planten eten

d)

dieren die dieren (vlees) eten

19.

Wat zijn omnivoren?

a)

planten die dieren (vlees) eten

b)

dieren die planten en dieren (vlees) eten

c)

dieren die planten eten

d)

dieren die dieren (vlees) eten

20.

Wat is een ander woord voor een omnivoor?

a)

een planteneter

b)

een vleeseter

c)

een alleseter

d)

een reducent