wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Zinsontleding: LV en MV - moeilijke gevallen AT3

Total questions: 15

Worksheet time: 8mins

Name
Class
Date
1.
De docent gaf hem het proefwerk terug.
a)
lijdend voorwerp
b)
meewerkend voorwerp
c)
voorzetselvoorwerp
d)
bijwoordelijke bepaling
2.
Bij deze verschrikkelijke hitte ga ik dat werk niet doen.
a)
lijdend voorwerp
b)
meewerkend voorwerp
c)
voorzetselvoorwerp
d)
bijwoordelijke bepaling
3.
Wij zagen hem al in de verte.
a)
lijdende voorwerp
b)
meewerkend voorwerp
c)
voorzetselvoorwerp
d)
bijwoordelijke bepaling
4.
Zij is dol op haar hondje.
a)
lijdend voorwerp
b)
meewerkend voorwerp
c)
voorzetselvoorwerp
d)
bijwoordelijke bepaling
5.
Hij gaf het haar.
a)
lijdend voorwerp
b)
meewerkend voorwerp
c)
voorzetselvoorwerp
d)
bijwoordelijke bepaling
6.
Hij gaf het haar.
a)
lijdend voorwerp
b)
meewerkend voorwerp
c)
voorzetselvoorwerp
d)
bijwoordelijke bepaling
7.
Ze hebben iedereen een gratis drankje aangeboden.
a)
lijdend voorwerp
b)
meewerkend voorwerp
c)
voorzetselvoorwerp
d)
bijwoordelijke bepaling
8.
Je moet hem wel zijn boek teruggeven.
a)
lijdend voorwerp
b)
meewerkend voorwerp
c)
voorzetselvoorwerp
d)
bijwoordelijke bepaling
9.
Mijn telefoon? Tijdens de uitwisseling in Denemarken heb ik die verloren.
a)
lijdend voorwerp
b)
meewerkend voorwerp
c)
voorzetselvoorwerp
d)
bijwoordelijke bepaling
10.
Dat lijkt mij niet handig.
a)
lijdend voorwerp
b)
meewerkend voorwerp
c)
voorzetselvoorwerp
d)
bijwoordelijke bepaling
11.
Tijdens het toernooi zal de sponsor de drankjes betalen.
a)
lijdend voorwerp
b)
meewerkend voorwerp
c)
voorzetselvoorwerp
d)
bijwoordelijke bepaling
12.
Ze gaf hem een brutaal antwoord.
a)
lijdend voorwerp
b)
meewerkend voorwerp
c)
voorzetselvoorwerp
d)
bijwoordelijke bepaling
13.
Op Terschelling stonden borden op het strand die waarschuwden voor de sterke stroming.
a)
lijdend voorwerp
b)
meewerkend voorwerp
c)
voorzetselvoorwerp
d)
bijwoordelijke bepaling
14.
Wij gaan met de trein naar Amsterdam.
a)
lijdend voorwerp
b)
meewerkend voorwerp
c)
voorzetselvoorwerp
d)
bijwoordelijke bepaling
15.
Ze brachten hem direct naar het ziekenhuis.
a)
lijdend voorwerp
b)
meewerkend voorwerp
c)
voorzetselvoorwerp
d)
bijwoordelijke bepaling