NEW
Font size
WorksheetsWerkwoorden huiswerk 29/11
Total questions: 20
Worksheet time: 10mins
Fleur en Jitte _________ over het nieuwe spel
fluisteren
fluistert
fluisterde
_____ je gisteren dan wel buiten?
stond
Staat
Stont
Stond
Afgelopen maand _____ ik elke dag het nieuws.
kijk
keek
keken
kijkt
Vroeger _____ Célest onder het lezen
fluit
fluitte
floot
floodt
Vorige week _____ ik het vlees van het bot.
kloof
kluifde
kluifte
Afgelopen zomer _____ ik in de vakantie Spaans.
spreek
spreekte
spreken
sprak
Julia _____ gisteren een handtekening aan Roos.
vraagt
vragen
vroeg
vroegen
Ik ______ aan de meester.
dacht
denk
denken
denkt
Ik _____ je op als je valt.
ving
vang
vong
vung
Mijn zusje prikte de _____ bel kapot
geblazen
geblaze
geblaasde
Ian en Kyano _____ de dieren in het land
molken
melkt
melken
Mijn vriend _____ vorige week zijn rapport onder in zijn tas.
stopt
stopte
Afgelopen donderdag _____ jij om eerder weg te mogen.
verzoekt
verzocht
verzoekte
We hebben in de sloot _____.
gevisd
gevist
gevissen
Dominique _____ haar afval in de prullebak.
gooide
gooid
gooidt
gooit
Vorige week _____ Jayvano-Jay het boek.
opent
opente
opende
Jij _____ de sloot in.
dook
duikt
duiken
duikd
Lex en Marit _____ gisteren de hond na schooltijd te wassen.
beloven
belooften
beloofde
beloofden
Evelien _____ door haar moeder opgehaald.
word
wort
wordt
wordtdt
Demi is op vakantie _____.
geweesd
geweest
geweesdt
