wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Persoonsvormen

Total questions: 10

Worksheet time: 5mins

Name
Class
Date
1.

Wij 'schaatsen' (pvvt) gisteren in Kardingen.

a)

schaatste

b)

schaadste

c)

schaatsten

d)

schaattsten

2.

Jij 'maken' (pvvt) vorige week een project over milieu vervuiling.

a)

maakt

b)

maakten

c)

maaktte

d)

maakte

3.

Gisteren waren de 'verhuizen' mensen even boodschappen aan het doen.

a)

verhuisden

b)

verhuisten

c)

verhuiste

d)

verhuisdde

4.

Ali B 'verdienen' (pvtt) veel geld met The Voice.

a)

verdiendt

b)

verdient

c)

verdien

d)

verdiend

5.

De docent 'herhalen' de zin zo meteen nog een keer.

a)

herhaald

b)

herhaaldt

c)

herhaalt

d)

herhaalde

6.

Jullie 'verven' toen dat huis in een mooie kleur.

a)

verfden

b)

verften

c)

vervden

d)

verfte

7.

Vandaag 'worden' je zusje voor één keer met de auto gebracht, want het regent heel hard.

a)

word

b)

werd

c)

werdt

d)

wordt

8.

Volgende week 'voetballen' (pvtt) ik samen met mijn team in Hoogezand tegen Winsum.

a)

voetbal

b)

voetbalt

c)

voetballen

d)

voetbalde

9.

Wij 'jagen' gisteren op wilde dieren en we hadden er 2 gevangen.

a)

joegen

b)

jaagden

c)

jagen

d)

jaagdden

10.

Jij 'wegen' zo meteen de aardbeien af, omdat ik precies moet weten hoe zwaar ze zijn.

a)

weegd

b)

weegt

c)

woog

d)

weegde