wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

installatie

Total questions: 44

Worksheet time: 29mins

Name
Class
Date
1.

Tamara gebruikt na het douchen een föhn om haar haren te drogen.

Welke omzetting van energie vindt plaats in de föhn?

a)

Chemische energie wordt omgezet in elektrische energie.

b)

Chemische energie wordt omgezet in warmte.

c)

Elektrische energie wordt omgezet in chemische energie.

d)

Elektrische energie wordt omgezet in warmte.

2.

Welke warmtebron zet chemische energie om?

a)

een cv-ketel

b)

een lamp

c)

een strijkijzer

3.

Welke brandstof wordt in een open haard gebruikt?

a)

aardgas

b)

hout

c)

houtskool

d)

spiritus

4.

Jesper en Ireen verwarmen water op een gasstel tot het kookt. Ireen heeft 100 mL water in haar ketel en Jesper 150 mL. Wie heeft de minste warmte nodig?

a)

Jesper

b)

Ireen

5.

Jesper en Ireen verwarmen water op een gasstel tot het kookt. Ireen heeft 100 mL water in haar ketel en Jesper 150 mL. Wie gebruikt het meeste gas?

a)

Jesper

b)

Ireen

6.

De meeste huizen in Nederland worden verwarmd met:

a)

een cv-installatie.

b)

een houtkachel.

c)

een kolenkachel.

d)

een oliekachel.

7.

In een cv-installatie zitten gasbranders.

Welke bewering over deze gasbranders is waar?

a)

De gasbranders produceren hete verbrandingsgassen.

b)

De gasbranders zetten warmte om in chemische energie.

c)

De gasbranders verwarmen het water met elektrische energie.

d)

De gasbranders verwarmen lucht in de warmtewisselaar.

8.

Om een bosbrand te blussen wordt soms een deel van het bos omgehakt. Wat is de functie van het omhakken van het bos?

a)

de brandstof afkoelen

b)

de brandstof wegnemen

c)

de brandstof van de zuurstof afsluiten

d)

de ontbrandingstemperatuur verlagen

9.

Tijdens een klassengesprek over warmte-isolatie schrijft de leraar een aantal opmerkingen van leerlingen op het bord. Welke van onderstaande opmerkingen is juist?

a)

Met isolatiemateriaal kun je een woning verwarmen.

b)

In een dikke winterjas kun je bevroren vlees koud houden.

c)

Glas is een goed isolatiemateriaal.

10.

Jos zegt: “Lucht is een goede warmtegeleider.”

Maaike zegt: “Lucht is een slechte warmtetransporteur.”

Wie heeft gelijk?

a)

Alleen Jos heeft gelijk.

b)

Alleen Maaike heeft gelijk.

c)

Jos en Maaike hebben allebei gelijk.

d)

Geen van beiden heeft gelijk

11.

In een koelkast zit een koelelement dat warmte uit de lucht wegneemt.

Wat gebeurt daardoor met de lucht rond het koelelement?

a)

De lucht rond het koelelement krimpt in, wordt lichter en stijgt op.

b)

De lucht rond het koelelement krimpt in, wordt zwaarder en daalt.

c)

De lucht rond het koelelement zet uit, wordt lichter en stijgt op.

d)

De lucht rond het koelelement zet uit, wordt zwaarder en daalt.

12.

In een radiator zit warm water.

Welke vorm van warmtetransport zorgt ervoor dat de buitenkant van de radiator warm wordt?

a)

geleiding

b)

straling

c)

stroming

13.

De binnenkant van een thermosfles is glanzend.

Daardoor:

a)

absorbeert de binnenkant veel warmte.

b)

geleidt de binnenkant de warmte goed.

c)

kaatst de binnenkant de warmte terug.

d)

stroomt de warmte terug in de fles.

14.

Wat is het hoofdbestandsdeel van aardgas?

a)

CH3

b)

C2H4

c)

CH4

d)

2CH4

15.

Wat is de scheikundige vergelijking van aardgas?

a)

CH4 + O2 = CO2 + H4

b)

2CH2 + O2 = 4CHO2

c)

CH4 + 2O2 = 2CO2 + H20^

d)

CH4 + 2O2 = CO2 + 2H2O

16.

druk. 1 Bar is gelijk aan...

a)

100 mbar

b)

100.000 Pa

c)

10 kpa

d)

0,1 Bar

17.

Wat is de absolute temperatuur bij 22 gr C ?

a)

295 K

b)

293 K

c)

275 K

d)

22 K

18.

op een rookgasafvoer leiding staat: EN14471-T160-P-W

wat betekend T160 en W?

a)

temperatuur hoger als 160 gr C en alleen voor waterafvoer

b)

temperatuur max 160 gr C en alleen voor waterafvoer

c)

temperatuur gelijk aan 160 gr C en condenserende rookgassen

d)

temperatuur max 160 gr C en condenserend

19.

Wat zijn geen geschikte plaatsen voor een CO melder? meerdere antwoorden zijn goed.

a)

boven een kookplaat

b)

bij de cv ketel

c)

buitenhuis

d)

in een vochtige / natte ruimte

20.

Wanneer is een extra condensafvoer (4/5) gewenst?

a)

als het rookgasafvoerkanaal van een ander metaal is gemaakt als de warmtewisselaar van de cv ketel

b)

bij gebruik van een kunststof flexibele rookgasafvoer

c)

als er problemen met te veel condenswater te verwachten is

d)

altijd toepassen

21.

Hoeveel bedraagt het gasverbruik van een cv ketel met een belasting bw van 30 kW per 36 sec?

a)

circa 28 liter

b)

circa 35 liter

c)

circa 25 liter

d)

circa 30 liter

22.

de NEN 3028 is van toepassing op:

a)

alle verbrandingsinstallaties

b)

alle aardgas gestookte verbrandingsinstallaties

c)

verbrandingsinstallaties tot 100 kW

d)

propaan installaties

23.

Wat staat hier afgebeeld?

a)

een lage druk beveiliging

b)

een eindschakelaar voor de ventilator

c)

een hoge drukbeveiliging van Siemens

d)

een branderautomaat

24.

Waarvoor dient dit apparaat?

a)

een overstort beveiliging

b)

een zogenaamde AVDO

c)

een kortsluitleiding met druk instelling

d)

een aftapkraan voor de verwarming

25.

Welke energiebron wordt hier afgebeeld?

a)

windenergie

b)

kern-energie

c)

zonne-energie

d)

bio-energie

26.

Welke brandstof wordt hier verwerkt tot energie?

a)

steenkool

b)

bio-energie

c)

kern-energie

d)

zonne-energie

27.

Waar wordt aardolie opgehaald?

a)
b)
c)
d)
28.

Welke grondstof is nodig om kern-energie te maken?

a)

steenkool

b)

meststof

c)

uranium

29.

Wat is zonne-energie?

a)

een fossiele brandstof

b)

een duurzame brandstof

30.

Wat zijn aardolie en aardgas?

a)

Het zijn duurzame brandstoffen.

b)

Het zijn fossiele brandstoffen.

31.

Waar of niet waar?

Kern-energie is milieuvriendelijk.

a)

Waar

b)

Niet waar

32.

Welk nadeel past bij kern-energie?

a)

Het omzetten van afval naar energie kost veel geld. De installaties zijn duur.

b)

Je hebt snelstromend water nodig om voldoende energie op te wekken.

c)

Bij radioactieve straling is schadelijk voor de mens. Het afval wordt opgeslagen omdat er geen gepaste verwerking gekend is.

33.

Welk nadeel past bij het verwerken van steenkool?

a)

Het kan ontploffen en het is zeer giftig.

b)

De verbranding leidt tot luchtverontreiniging. Mijnwerkers werken in ongezonde en gevaarlijke omstandigheden.

c)

Als het windstil is, heb je geen energie.

34.

Welk voordeel wordt hier besproken?

Het is duurzaam en zorgt voor een vermindering van de uitstoot van CO2. Afval wordt toch nog nuttig gebruikt.

a)

Zonne-energie

b)

Bio-massa

c)

kern-energie

d)

geen van bovenstaand antwoorden

35.

Welke brandstof is relatief goedkoop?

a)

bio-massa

b)

aardolie

c)

zonne-energie

36.

Welke bewering past bij aardgas?

a)

Op sommige plaatsen zijn er nog grote voorraden, maar in België is het uitgeput.

b)

Het kost niets, het is milieuvriendelijk en het is duurzaam.

c)

Het is gemakkelijk te vervoeren. Ondergrondse leidingen brengen het tot in de huizen.

d)

Het veroorzaakt geen luchtvervuiling. Er zijn grote voorraden uranium.

37.

Waar of niet waar?

Aardolie is ontstaan uit resten van planten en dieren.

a)

Waar

b)

Niet waar

38.

Waar of niet waar?

Energie van windturbines kan opgeslagen worden in een accu.

a)

waar

b)

niet waar

39.

Welke brandstof wordt afgebeeld?

a)

bio-massa

b)

steenkool

c)

uranium

40.

Welke brandstof wordt hier afgebeeld?

a)

Aardolie

b)

Aardgas

c)

Uranium

d)

Steenkool

41.

Zonne-energie wordt omgezet naar ...

a)

stromend water

b)

elektriciteit

c)

gas om te koken

42.

Vandaag stond dit in de krant:

"Kernreactor Doel 4 heropgestart, vroeger dan voorzien"

Over welke energiebron spreekt men hier?

a)

Zonne-energie

b)

Windturbines in de Schelde

c)

Kern-energie

43.

Op 6 juni las ik dit in de krant:

"11 doden bij ontploffing in Chinese mijn, 23 mijnwerkers gered"

Naar welke grondstof zochten deze mensen?

a)

Aardgas

b)

steenkool

c)

aardolie

44.

Waarover gaat dit artikel?

a)

Een vat ruwe olie is uitgelopen.

b)

Er was mogelijk een gaslek.

c)

Een vrachtwagen geraakte zijn uranium kwijt.