wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Risico en informatie (P6 K6 Hfdst 1)

Total questions: 31

Worksheet time: 18mins

Name
Class
Date
1.

Wat is risico?

a)

Risico is de verwachte opbrengst x het verwachte risico

b)

Risico is de kans op schade x de waarde van de schade

c)

Risico is de kans op schade x de verwachte opbrengst per schade

d)

Risico is de gemiddelde opbrengst - gemiddelde kosten

2.

Leg uit wat verzekeraars kunnen doen om averechtse selectie te voorkomen:

a)

Ze kunnen aan premiedifferentiatie doen

b)

Ze kunnen alle deelnemers die risico-avers zijn uitsluiten van de verzekering

c)

Ze kunnen proberen de moral hazard te verminderen

d)

Ze kunnen door informatie-asymmetrie zorgen dat niet iedereen verzekerd kan worden

3.

Bereken de premie voor de volgende verzekering:

Schade is €340 per keer; er zijn 250.000 deelnemers, de kans op schade is 3%, de poliskosten zijn €5,75 en de assurantiebelasting is 21%.

a)

€16,95

b)

€17,16

c)

€18,09

d)

€19,30

4.

Waarvoor is het Bonus-malus systeem uitgevonden?

a)

Om averechtse selectie te verminderen

b)

Om moral hazard te verminderen

c)

Om zowel averechtse selectie als moral hazard te verminderen

5.

Wat is het eigen risico en waarvoor is het bedoeld?

a)

Het deel waarvoor je je niet kunt verzekeren, waardoor de verzekeraar minder risico loopt

b)

Het deel van de schade dat je niet zelf hoeft te betalen als je alleen wettelijk aansprakelijk (WA) verzekerd bent, omdat de andere partij de schuld aan de schade heeft.

c)

Je betaalt een deel van de schade zelf, zodat je minder snel zult claimen (voorzichtiger zult zijn)

d)

Je betaalt een deel van de schade zelf zodat de verzekeraar minder last heeft van averechtse selectie

6.

Wat is een onzeker voorval?

a)

Een gebeurtenis die je niet vooraf kunt voorspellen.

b)

Een gebeurtenis waarbij de verzekering geen schade vergoed.

c)

Een gebeurtenis waarvoor je geen dekking kunt krijgen.

d)

Een gebeurtenis waarvoor je niet verzekerd bent.

7.

Vink alle juiste uitspraken aan.

a)

Als je een eigen risico hebt, hoeft de verzekeraar minder schade te vergoeden.

b)

Bij een verzekering met eigen risico moet je een deel van de schade zelf betalen.

c)

Een onzeker voorval krijg je alleen vergoed als je een eigen risico hebt.

d)

Wanneer je een eigen risico hebt, moet je een hogere premie betalen.

8.

Onderweg naar huis maakt Eelco met zijn auto een lange kras op de auto van Gerard. De schade aan Gerard’s auto is € 1.300. Via welke verzekering wordt de schade aan de auto van Gerard vergoed?

a)

aansprakelijkheidsverzekering voor particulieren (AVP)

b)

cascoverzekering voor motorvoertuigen

c)

fietsverzekering

d)

WA-verzekering voor motorvoertuigen

9.

Bekijk het gedeelte uit de polisvoorwaarden voor een fietsverzekering hierboven.

Na een inbraak in haar schuur vindt Marije haar fiets vlak bij haar huis weer terug. De fiets is flink beschadigd en wordt voor € 390 gerepareerd.

Ze claimt de schade bij de verzekeringsmaatschappij.

Hoeveel procent van de schade krijgt Marije uitgekeerd?

a)

32,1%

b)

47,2%

c)

67,9%

d)

100%

10.

Bekijk de premietabel van de fietsverzekering van UltraSure. Lex heeft een nieuwe sportfiets die hij voor € 2.390 kocht.

Bij aankoop nam hij een verzekering met eigen risico bij UltraSure. Lex woont in Utrecht.

Hoeveel premie gaat hij betalen?

(a)  

11.

Bekijk de premietabel van aansprakelijkheidsverzekering SURE. Simone is getrouwd en heeft twee kinderen.

Ze sluit een aansprakelijkheidsverzekering af bij SURE.

Ze kiest voor een verzekering zonder eigen risico. Bereken de verzekeringskosten in het eerste jaar.

(a)  

12.

Bekijk de bonus-malusladder.

Quinten zat op B/M-trede 15. Maar afgelopen jaar heeft hij een schade geclaimd, waardoor hij dit jaar meer premie moet betalen.

De brutopremie van Quinten is € 1.925 per jaar.

Bereken met hoeveel euro zijn netto maandpremie is gestegen.

(a)  

13.

Welke deel van de zorgverzekering is voor iedereen verplicht?

(a)  

14.

Wie moet betalen voor de zorgverzekering?

a)

Alle mensen.

b)

Alle mensen van 18 jaar en ouder.

c)

De gemeente.

d)

De zorgverzekeraar.

15.

Wat is waar over de aanvullende verzekering?

a)

Dat is verplicht.

b)

Je kunt zelf kiezen waarvoor je je extra wilt verzekeren.

c)

Dat is alleen voor kinderen.

d)

Voor de tandarts hoef je geen aanvullende verzekering te hebben.

16.

Wat is het bedrag aan eigen risico per jaar?

a)

285 euro

b)

315 euro

c)

385 euro

d)

450 euro

17.

Wanneer gaan de kosten niet van je eigen risico af?

a)

Als je naar de huisarts gaat.

b)

Als je naar de tandarts gaat.

c)

Als je ouder bent dan 18 jaar.

d)

Als je naar de fysiotherapeut gaat.

18.

Waar kun je zorgtoeslag aanvragen?

a)

de gemeente

b)

de zorgverzekeraar

c)

de belastingdienst

d)

het activerium

19.

Wanneer krijg je zorgtoeslag?

a)

Altijd

b)

Nooit

c)

Als je 18 jaar of ouder bent.

d)

Als je 18 jaar of ouder bent en je inkomen is niet te hoog.

20.

Is dit een voorbeeld van moral hazard?

Iemand heeft een autoverzekering afgesloten. Als hij inparkeert, let hij iets minder op. De kras wordt toch wel verzekerd.

a)

Waar

b)

Niet waar

21.

Is dit een voorbeeld van moral hazard?

Iemand heeft een inboedelverzekering. Er breekt brand uit door kortsluiting, gelukkig krijgt hij de waarde van zijn spullen terug.

a)

Waar

b)

Niet waar

22.

Is dit een voorbeeld van moral hazard?

Iemand heeft een inboedelverzekering. De TV is kapot. Hij zegt tegen de verzekeraar dat de TV 50 inch is in plaats van 40 inch.

a)

Waar

b)

Niet waar

23.

Een bewijs dat je een verzekering hebt afgesloten.

a)

polis

b)

arbeidscontract

c)

rentepercentage

d)

premie

e)

Aanvulling

24.

Het bedrag dat je betaalt voor een verzekering.

a)

polis

b)

premie

c)

aflossing

d)

rente

e)

poliskosten

25.

Een deel van de schade die je zelf moet betalen omdat die niet wordt vergoed door de verzekeraar.

a)

eigen premie

b)

eigen polis

c)

eigen risico

d)

eigen deel

26.
Welke verzekering is verplicht om met je scooter de weg op te mogen?
a)
WA-verzekering
b)
Cascoverzekering
c)
All-risk verzekering
d)
APV verzekering
27.

Bij welke verzekering kun je fysiotherapie laten vergoeden?

a)

WA-verzekering

b)

AVP

c)

Basisverzekering

d)

Aanvullende verzekering

28.

De ..................... (vul aan) is de partij die zich verzekert.

a)

Verzekeraar

b)

Verzekeringnemer

c)

Verzekeringsagent

29.

Welk gevolg kan dit hebben voor komend jaar? (zie afbeelding)

a)

Het eigen risico wordt verhoogd

b)

Er wordt minder schade uitgekeerd

c)

De premies worden hoger

d)

De overheid moet meer bijdragen

30.

Tijdens het wandelen heeft jouw hond de voetbal van spelende kinderen kapot gebeten. Onder de dekking van welke verzekering valt deze schade?

a)

Inboedelverzekering

b)

WA-verzekering (wettelijke aansprakelijkheid)

c)

AVP (Aansprakelijkheidsverzekering voor particulieren)

d)

Allrisksverzekering

31.

Welke verzekering zal het meest worden aangesproken? (zie afbeelding)

a)

Opstalverzekering

b)

Inboedelverzekering

c)

Aansprakelijkheidsverzekering

d)

Cascoverzekering