wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

B3 Thema 3 Ordening Bs 4 Dieren

Total questions: 25

Worksheet time: 13mins

Name
Class
Date
1.

Welk kenmerk hebben gewervelden allemaal?

a)

Een inwendig skelet van kalk

b)

Leggen eieren met een schaal

c)

Hebben een huid met een vacht

d)

Hebben allemaal een skelet met een ruggengraat

2.

Welk dier hoort bij de geleedpotigen?

a)
b)
c)
d)
3.
Waar of niet waar? Een wants (zie het plaatje) is tweezijdig symmetrisch.
a)
Waar
b)
Niet waar
4.

Een kwal is veelzijdig symmetrisch

a)

Juist

b)

Onjuist

5.

Een kokkel (zie afbeelding) hoort tot de weekdieren

a)

Juist

b)

Onjuist

6.

Bij welke groep van het dierenrijk hebben de dieren een uitwendig skelet?

a)

Geleedpotigen

b)

Gewervelden

c)

Wormen

d)

Stekelhuidigen

7.

Kijk goed naar de afbeelding. Welk type cellen is dit?

a)

dieren

b)

planten

c)

schimmels

d)

bacteriën

8.

Stekelhuidigen zijn veelzijdig symmetrisch.

a)

Waar

b)

Niet waar

9.

Hieronder staan enkele kenmerken die voorkomen bij organisme:

1) Elke cel heeft bladgroenkorrels.

2) Elke cel heeft een celwand.

3) Elke cel heeft een celkern.

Welke kenmerken komen voor bij dieren?

a)

Alleen kenmerk 1

b)

Alleen kenmerk 2

c)

Alleen kenmerk 3

d)

Kenmerken 1 en 2

e)

Kenmerken 2 en 3

10.

Welk dier is niet-symetrisch?

a)

Kwal

Kwal

b)

Slak

Slak

c)

Gele buis spons

Gele buis spons

d)

Zee-egel

Zee-egel

11.

In de afbeelding zie je een dier. Wat voor skelet heeft dit dier?

a)

Een inwendig skelet.

b)

Een uitwendig skelet.

c)

Geen skelet.

12.

Dieren hebben celwanden om de cellen

a)

Juist

b)

Onjuist

13.

De stekelhuidigen hebben een inwendig skelet met een wervelkolom

a)

Juist

b)

Onjuist

14.
Welk dier heeft geen inwendig skelet?
a)

Ezel

Ezel

b)

Kip

Kip

c)

Salamander

Salamander

d)

Schorpioen

Schorpioen

15.
Welk dier is veelzijdig symmetrisch
a)
Zeekomkommer
b)
Zeebaars
c)
Zeester
d)
Dolfijn
16.
Het huisje van een huisjesslak is een voorbeeld van een...
a)
Inwendig skelet
b)
Beschermend skelet
c)
Hard skelet
d)
Uitwendig skelet
17.
Waarom leven de meeste dieren zonder skelet onder water?
a)
Deze dieren kunnen niet tegen de lucht.
b)
De dieren hebben kieuwen
c)
De dieren hebben geen skelet nodig.
d)
Deze dieren hebben geen stevigheid nodig, omdat alles zweeft onder water.
18.
Dit is een gordeldier. Een gordel dier heeft een ..1.. en is daarom een ...2...
a)
Inwendig skelet - geleedpotigen
b)
Inwendig skelet - gewervelden
c)
Uitwendig skelet - geleedpotigen
d)
Uitwendig skelet - worm
19.

Dieren met een Uitwendig skelet zijn:

(Selecteer meerdere)

a)

Vissen

b)

Mossels

c)

Honden

d)

Krabben

e)

Slakken

20.

Dieren met een inwendig skelet zijn:

(Selecteer meerdere)

a)

Vissen

b)

Mensen

c)

Honden

d)

Slangen

e)

Slakken

21.

In de afbeelding zie je een wants. Deze is:

a)

Tweezijdig symmetrisch

b)

Niet-symmetrisch

c)

Veelzijdig symmetrisch

22.

Tot welk STAM behoort onderstaand organisme?

a)

Sponzen

b)

Neteldieren

c)

Gewervelden

d)

Weekdieren

e)

Geleedpotigen

23.

Tot welke STAM behoort het dier in de afbeelding?

a)

Wormen

b)

Weekdieren

c)

Neteldieren

d)

Stekelhuidigen

24.

Tot welke STAM behoort de kreeft?

a)

Gewervelden

b)

Kreeftachtigen

c)

Geleedpotigen

d)

Stekelhuidigen

25.

Tot welke STAM behoort het dier in de afbeelding?

a)

Weekdieren

b)

Neteldieren

c)

Stekelhuidigen

d)

Sponzen

e)

Gewervelden