wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Oefentoets T6 Ecologie M3

Total questions: 17

Worksheet time: 13mins

Name
Class
Date
1.

Wat is altijd de eerste schakel in de voedselketen?

a)

Plant met bladgroenkorrels

b)

Vleeseter

c)

Planteneter

d)

Organisme met bladgroenkorrels

2.

Wat is de reactievergelijking van fotosynthese?

4 lines
3.

Welke organismen zijn reducenten?

a)

Bacteriën

b)

Planten

c)

Dieren

d)

Schimmels

4.

Is het biotisch of abiotisch?

Koelkast

a)

Biotisch

b)

Abiotisch

5.

In de afbeelding wordt een piramide weergegeven. Welk soort piramide?

a)

Piramide van biomassa

b)

Piramide van aantallen

6.

Er zijn verschillende manieren waarop energie uit de voedselketen kan verdwijnen. Noem er 2.

4 lines
7.

Door welke bacteriën wordt ammonium omgezet in nitraat?

a)

Ammoniumbindende bacteriën

b)

Stikstofbindende bacteriën

c)

Reducenten

d)

Wortelknolletjes

8.

Hoe wordt het proces genoemd waarvoor planten koolstofdioxide gebruiken?

4 lines
9.

Welk type piramide wordt in de afbeelding weergegeven?

a)

Piramide van aantallen

b)

Piramide van biomassa

10.

Is het biotisch of abiotisch?

Boter

a)

Biotisch

b)

Abiotisch

11.

Wat zijn de 4 niveaus van de ecologie?

a)

Individu, populatie, ecosysteem, biotoop

b)

Populatie, leefgemeenschap, ecosysteem, biotoop

c)

Individu, populatie, leefgemeenschap,ecosysteem

d)

Cel, orgaan, individu, populatie

12.

Wat is het tolleratiegebied waarin de Guppy's kunnen overleven?

a)

5 tot 22 graden

b)

22 tot 38 graden

c)

10 tot 28 graden

d)

5 tot 38 graden

13.

Wie kunnen hard rennen?

a)

Zoolgangers

b)

Teengangers

c)

Hoefgangers

14.

Zoek de verschillen.

Welke drie aanpassingen verschillen tussen de poolvos en de woestijnvos?

a)

Oor grootte, schudkleur, vachtdikte

b)

Schudkleur en vachtdikte

c)

Oor grootte, gestroomlijnd, vachtdikte

d)

Gestroomlijnd, vachtdikte, schudkleur

15.

Waarvoor heeft een roofvogel grote klauwen en een haaksnavel nodig?

4 lines
16.

In een gebied leven vossen en konijnen. Een jager gaat konijnen schieten en eet ze op. Wat is het gevolg hiervan?

4 lines
17.

Wat zijn 2 voorbeelden van aanpassingen bij planten aan een droge omgeving?

a)

Hechtwortels

b)

Luchtkanalen

c)

Waslaagje

d)

Geen huidmondjes

e)

Weinig huidmondjes