wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Erfelijkheid 2024

Total questions: 36

Worksheet time: 31mins

Name
Class
Date
1.

Geef de definitie van het genotype

(a)  

2.

Geef de definitie van het fenotype

(a)  

3.

Geef de definitie van chromosomen

(a)  

4.

Geef de definitie van DNA

(a)  

5.

Geef de definitie van homologe chromosomen

(a)  

6.

Geef de definitie van mitose

(a)  

7.

Geef de definitie van meiose

(a)  

8.

Geef de definitie van een gen

(a)  

9.

Geef de definitie van een allel

(a)  

10.

Geef de definitie van homozygoot

(a)  

11.

Geef de definitie van heterozygoot

(a)  

12.

Geef de definitie van dominant

(a)  

13.

Geef de definitie van recessief

(a)  

14.

Geef de definitie van intermediair

(a)  

15.

Geef de definitie van geslachtschromosomen

(a)  

16.

Door haar te verven verandert het...

a)

Genotype

b)

Fenotype

17.

Een geit heeft 56 chromosomen, hoeveel zitten er in een eicel van de geit?

(a)  

18.

Een paard heeft 64 chromosomen, hoeveel zit er in een bevruchte eicel?

(a)  

19.

Een chimpansee heeft 48 chromosomen, hoeveel zitten er in een zaadcel?

(a)  

20.

Een kat heeft 38 chromosomen, hoeveel paar zijn er?

(a)  

21.

Een erwtenplant heeft 14 chromosomen, hoeveel chromosomen liggen er per paar in een bladcel?

(a)  

22.

Een rund heeft 60 chromosomen, hoeveel liggen er per paar in een geslachtscel?

(a)  

23.

Wie is er verantwoordelijk voor het geslacht van de nakomeling?

a)

Moeder

b)

Vader

24.

Welke geslachtschromosomen liggen er in de spiercel van een vrouw?

a)

X en X

b)

X en Y

c)

Een X

d)

X of Y

25.

Welke geslachtschromosomen liggen er in een oogcel van de man?

a)

X en X

b)

X en Y

c)

Een X

d)

X of Y

26.

Welke geslachtschromosomen liggen er in een eicel?

a)

X en X

b)

X en Y

c)

Een X

d)

X of Y

27.

Welke geslachtschromosomen liggen er in een zaadcel?

a)

X en X

b)

X en Y

c)

Een X

d)

X of Y

28.

Wat is waar over mitose?

a)

Er ontstaan 2 identieke dochtercellen uit 1 moedercel

b)

Er ontstaan 2 verschillende dochtercellen uit 1 moedercel

c)

Er ontstaan 4 verschillende zaadcellen uit 1 moedercel

d)

Er ontstaan 4 verschillende eicellen uit 1 moedercel

29.

Wat is waar over meiose?

a)

Er ontstaan 2 identieke dochtercellen uit 1 moedercel

b)

Er ontstaan 2 verschillende dochtercellen uit 1 moedercel

c)

Er ontstaan 4 verschillende zaadcellen uit 1 moedercel

d)

Er ontstaan 4 verschillende eicellen uit 1 moedercel

30.

Welk proces is hier te zien?

(a)  

31.

Hoeveel eicellen ontstaan er uit 1 moedercel bij meiose?

(a)  

32.

Welke past bij de definitie Gen

a)

Oogkleur

b)

Blauwe ogen

33.

Een moeder met krullen en een vader met steil haar krijgen een kindje met golvend haar. Hoe noemen we deze vorm van overerving?

(a)  

34.

Van een onbekend zoogdier wordt een cel gevonden met daarin 35 chromosomen. Zal dit een lichaamscel of geslachtscel zijn?

a)

Lichaamscel

b)

Geslachtscel

35.

2 muizen met een zwarte vachtkleur krijgen samen alleen maar zwarte nakomelingen.

2 muizen met een witte vachtkleur krijgen witte EN zwarte nakomelingen.

Welke eigenschap is dominant?

a)

Wit

b)

Zwart

c)

Dat is niet te zeggen

d)

Ze zijn intermediair

36.

Een man met een recessief fenotype (aa) krijgt kinderen die allemaal een dominant fenotype hebben.

Wat is het genotype van de moeder?

(a)