wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Oefentoets Voortplanting en Fokkerij

Total questions: 75

Worksheet time: 38mins

Name
Class
Date
1.

Wat is de functie van de eierstokken bij een vrouwelijk dier?

a)

Ze slaan urine op

b)

Ze produceren sperma

c)

Ze produceren eicellen en hormonen

d)

Ze vervoeren embryo's naar de baarmoeder

2.

In welke fase van de bronstcyclus is het dier vruchtbaar?

a)

Pro-oestrus

b)

Met-oestrus

c)

Di-oestrus

d)

Oestrus

3.

Wat is de functie van de baarmoeder bij dieren?

a)

Opslag van melk

b)

Bescherming en voeding van het embryo

c)

Productie van eicellen

d)

Transport van sperma

4.

Wat gebeurt er tijdens de ovulatie?

a)

De dekking vindt plaats

b)

Een bevruchte eicel nestelt zich in de baarmoeder

c)

Een eicel komt vrij uit de eierstok

d)

De embryo's verlaten de baarmoeder

5.

Wat is een symptoom van een naderende geboorte bij veel diersoorten?

a)

Daling lichaamstemperatuur

b)

Verminderde eetlust bij de verzorger

c)

Agressief gedrag tegenover soortgenoten

d)

Harde hoest

6.

Wat is de functie van progesteron bij dieren?

a)

Het stimuleert melkproductie

b)

Het zorgt voor de afbraak van het baarmoederslijmvlies

c)

Het onderhoudt de dracht

d)

Het veroorzaakt bronstgedrag

7.

Hoe noem je het proces waarbij een jonge pup aan menselijk contact leert wennen?

a)

Spenen

b)

Fokken

c)

Socialiseren

d)

Domesticeren

8.

Wat is een kenmerk van een natuurlijke dekking?

a)

Er wordt gebruik gemaakt van hormonen

b)

De dekking gebeurt kunstmatig

c)

Het mannetje dekt het vrouwtje zelf

d)

Er is altijd een dierenarts bij nodig

9.

Wat betekent het begrip 'dracht' bij dieren?

a)

Het moment van geboorte

b)

De tijd tussen dekking en geboorte

c)

Het opvoeden van jonge dieren

d)

Het steriliseren van een dier

10.

Wat is het verschil tussen fokken en voortplanten?

a)

Fokken is ongeslachtelijk, voortplanten geslachtelijk

b)

Fokken gebeurt alleen bij wilde dieren

c)

Bij fokken kiest de mens doelgericht ouderdieren

d)

Voortplanten is een kunstmatig proces

11.

Wat is het genotype van een dier?

a)

De kleur van de vacht

b)

Het gedrag van het dier

c)

De genetische informatie in de cellen

d)

De voedingstoestand

12.

Wat doet een fokker met een kruisingsschema?

a)

Hij plant een vaccinatie

b)

Hij bepaalt de verwachte kenmerken van het jong

c)

Hij stelt het voerplan op

d)

Hij kiest een geschikte dierenarts

13.

Wat is de functie van de testikels bij mannelijke dieren?

a)

Voortbrengen van urine

b)

Productie van eicellen

c)

Opslag van melk

d)

Productie van sperma en hormonen

14.

Wat is een primaire geslachtskenmerk bij een kater?

a)

De aanwezigheid van een penis

b)

Een zware lichaamsbouw

c)

Gedrag tegenover poezen

d)

Een dikkere vacht

15.

Wat is het doel van hygiënisch werken tijdens het dekken?

a)

Het versnelt de dracht

b)

Het voorkomt genetische afwijkingen

c)

Het verkleint de kans op infecties

d)

Het verhoogt de melkproductie

16.

Wat is de belangrijkste rol van het hormoon oxytocine tijdens de geboorte?

a)

Het veroorzaakt bronstgedrag

b)

Het stimuleert de melkproductie

c)

Het remt de weeënactiviteit

d)

Het zorgt voor samentrekken van de baarmoeder

17.

Wat is een belangrijke reden om kunstmatige inseminatie toe te passen in de fokkerij?

a)

Dieren hoeven niet vruchtbaar te zijn

b)

Het voorkomt erfelijke ziektes automatisch

c)

Het vergroot de genetische spreiding

d)

De drachtduur wordt korter

18.

Wat is een teken van een probleem tijdens de geboorte?

a)

Het dier gaat liggen en ademt diep

b)

De vruchtblaas is zichtbaar, maar er volgt geen jong

c)

Het dier eet wat minder

d)

De temperatuur van het dier stijgt licht

19.

Hoe noem je het als een eicel bevrucht wordt buiten het lichaam van het dier?

a)

Parthenogenese

b)

Embryotransfer

c)

Externe bevruchting

d)

IVF

20.

Waarom is het belangrijk om het gedrag van het moederdier na de geboorte goed te observeren?

a)

Om te zien of ze vruchtbaar is

b)

Om vast te stellen of ze melk geeft

c)

Om te beoordelen of ze haar jong accepteert

d)

Om te controleren of ze opnieuw gedekt wil worden

21.

Wat is een secundair geslachtskenmerk bij de hengst?

a)

Aanwezigheid van testikels

b)

De penis

c)

Dominant gedrag en gespierde hals

d)

De zaadleiders

22.

Wat gebeurt er bij een kruisingsschema op basis van Mendel?

a)

Je bepaalt welke dieren het meeste melk geven

b)

Je berekent de draagtijd

c)

Je voorspelt de kans op bepaalde erfelijke kenmerken

d)

Je plant het voedingsschema van jonge dieren

23.

Wat is een voordeel van drachtcontrole bij dieren?

a)

Je kunt de bronst nauwkeuriger inschatten

b)

Je voorkomt dat dieren ouder worden

c)

Je kunt tijdig ingrijpen bij problemen

d)

Je verkort de lactatieperiode

24.

Wat doet het hormoon oestrogeen bij vrouwelijke dieren?

a)

Het veroorzaakt weeën tijdens de geboorte

b)

Het stimuleert bronstgedrag en ontwikkeling van eicellen

c)

Het voorkomt bevruchting

d)

Het remt de ontwikkeling van de baarmoeder

25.

Wat is typisch voor ongeslachtelijke voortplanting?

a)

Er is genetische variatie tussen ouder en nakomeling

b)

Het gebeurt alleen bij zoogdieren

c)

Er ontstaat een genetisch identieke nakomeling

d)

Het is een vorm van kunstmatige inseminatie

26.

Wat is het risico bij slechte hygiëne tijdens kunstmatige inseminatie?

a)

Dieren worden agressief

b)

De drachtduur wordt te lang

c)

Er ontstaan vruchtbaarheidsproblemen door infectie

d)

Het jong wordt te vroeg geboren

27.

Waarom is socialisatie belangrijk bij jonge dieren?

a)

Voor het verbeteren van hun voortplantingscyclus

b)

Zodat ze beter reageren op prikkels in hun omgeving

c)

Om hun hormonale balans te stimuleren

d)

Zodat ze sneller geslachtsrijp worden

28.

Wat is het belangrijkste verschil tussen genotype en fenotype?

a)

Genotype is zichtbaar, fenotype niet

b)

Genotype is erfelijk, fenotype is het uiterlijk resultaat

c)

Genotype verandert met voeding, fenotype niet

d)

Genotype wordt bepaald door gedrag

29.

Wat is een reden om een dier vroegtijdig te spenen?

a)

Voor snellere groei van het jong

b)

Om het moederdier opnieuw drachtig te maken

c)

Om ziekteoverdracht via melk te beperken

d)

Zodat het jong geen moederbinding ontwikkelt

30.

Wat is een ethisch aandachtspunt bij fokken met dieren?

a)

De juiste temperatuur tijdens de dracht

b)

Het inzetten van zieke dieren om unieke kenmerken te behouden

c)

Het voorkomen van erfelijke afwijkingen door selectie

d)

Het toepassen van natuurlijke dekking

31.

Wat is de draagtijd van een drachtige hond gemiddeld?

a)

Ongeveer 30 dagen

b)

Ongeveer 63 dagen

c)

Ongeveer 90 dagen

d)

Ongeveer 120 dagen

32.

Wat gebeurt er bij de fase pro-oestrus in de bronstcyclus van de hond?

a)

De ovulatie vindt plaats

b)

Het dier is dekbereid

c)

Het baarmoederslijmvlies wordt opgebouwd

d)

De bevruchting vindt plaats

33.

Welke methode van geboortebeperking is permanent bij dieren?

a)

Hormooninjectie

b)

Sterilisatie of castratie

c)

Vruchtbaarheidstracking

d)

Anticonceptiechip

34.

Welk geslachtskenmerk is typisch secundair bij een volwassen reu?

a)

De aanwezigheid van testikels

b)

De penis

c)

Een vollere kraag en dominant gedrag

d)

De zaadblaasjes

35.

Wat is een risico van een te vroege dekking bij jonge dieren?

a)

Verlies van bronstsignalen

b)

Hormonale balans raakt juist stabiel

c)

Kans op complicaties bij dracht en geboorte

d)

Hogere melkproductie

36.

Wat is de functie van de zaadblaasjes bij mannelijke dieren?

a)

Productie van eicellen

b)

Opslag van urine

c)

Productie van zaadvocht

d)

Bescherming van testikels

37.

Wat is een belangrijk kenmerk van het embryonale stadium?

a)

Het jong drinkt melk

b)

De bevruchting vindt plaats

c)

De organen beginnen zich te ontwikkelen

d)

Het dier verlaat de baarmoeder

38.

Wat is het doel van bronstdetectie in de fokkerij?

a)

Om te bepalen of een dier drachtig is

b)

Om het juiste moment van de geboorte te voorspellen

c)

Om het meest vruchtbare moment voor bevruchting te bepalen

d)

Om het geslacht van het jong te voorspellen

39.

Wat gebeurt er met progesteron als een dracht niet tot stand komt?

a)

Het stijgt verder

b)

Het blijft stabiel

c)

Het daalt snel

d)

Het wordt omgezet in oestrogeen

40.

Wat is het belangrijkste verschil tussen lijnenteelt en inteelt in de fokkerij van dieren?

a)

Lijnenteelt richt zich op het vergroten van genetische variatie, terwijl inteelt dat juist vermindert

b)

Lijnenteelt is een vorm van gecontroleerde inteelt binnen een specifieke bloedlijn, terwijl inteelt elke vorm van paring tussen verwante dieren omvat

c)

Inteelt wordt alleen toegepast bij dieren, terwijl lijnenteelt alleen bij planten voorkomt

d)

Lijnenteelt is altijd voordelig voor de gezondheid van het dier, terwijl inteelt dat niet is

41.

Welke van de onderstaande soorten bevruchting is geslachtelijk?

a)

Parthenogenese

b)

Klonen

c)

Natuurlijke dekking

d)

Vegetatieve vermeerdering

42.

Wat is het eerste signaal dat een geboorte nabij is bij een teef (vrouwelijke hond)?

a)

De teef gaat hard hijgen

b)

De lichaamstemperatuur daalt

c)

Ze begint veel te drinken

d)

Haar vacht wordt doffer

43.

Wat wordt bedoeld met 'spenen' van een jong dier?

a)

Het afbouwen van moedermelk en overschakelen op vast voedsel

b)

Het leren omgaan met soortgenoten

c)

Het wegnemen van stress na de geboorte

d)

Het afleren van ongewenst gedrag

44.

Wat is een reden om een fokkerijprogramma te starten binnen een dierverblijf?

a)

Om diersoorten aan elkaar te laten wennen

b)

Voor controle op dierziekten

c)

Om gewenste eigenschappen gericht door te geven

d)

Om hygiëneprotocollen te testen

45.

Wat is een juiste benaming voor een gecastreerde mannelijke kat?

a)

Kater

b)

Roes

c)

Rammelaar

d)

Gecastreerde kater

46.

Wat is het doel van een identificatiesysteem voor pasgeboren dieren?

a)

Om ze snel te kunnen fokken

b)

Voor administratie, gezondheid en afkomst

c)

Zodat het jong sneller zelfstandig wordt

d)

Om te zien of het jong agressief gedrag vertoont

47.

Welke structuur vervoert de eicel van de eierstok naar de baarmoeder?

a)

Urinebuis

b)

Eileider

c)

Endeldarm

d)

Blaashals

48.

Wat is typisch gedrag van een voedster (vrouwelijk konijn) tijdens de bronst?

a)

Ze graaft een nest

b)

Ze weigert voedsel

c)

Ze blijft stil zitten in een hoekje

d)

Ze zoekt contact met andere voedsters

49.

Wat gebeurt er met het baarmoederslijmvlies als er géén bevruchting plaatsvindt?

a)

Het wordt dikker

b)

Het blijft intact

c)

Het breekt af

d)

Het ontwikkelt zich tot placenta

50.

Wat is een voordeel van het gebruik van fokwaarden bij selectie?

a)

Je kunt beter inschatten welk dier de meeste melk geeft

b)

Je verkort de draagtijd

c)

Je voorkomt dat dieren ziektes krijgen

d)

Je verhoogt de voedingswaarde van het sperma

51.

Wat is een ethisch risico bij het fokken op uiterlijke kenmerken?

a)

Meerlingen worden vaker geboren

b)

De dieren worden minder vruchtbaar

c)

Er ontstaan erfelijke gezondheidsproblemen

d)

De dracht duurt korter

52.

Wat betekent 'fenotype' bij een dier?

a)

Het geslacht

b)

De genetische code

c)

De zichtbare eigenschappen

d)

De bloedgroep

53.

Wat is een signaal dat een moederdier haar jong niet accepteert?

a)

Ze likt het jong intensief

b)

Ze produceert veel melk

c)

Ze blijft ver van het jong

d)

Ze beschermt het jong fel

54.

Welke combinatie is correct?

a)

Rammelaar - Vrouwelijk konijn

b)

Ooi - Vrouwelijk schaap

c)

Hengst - Vrouwelijk paard

d)

Bok - Mannelijk rund

55.

Wat is een veelgebruikte methode van drachtcontrole bij runderen?

a)

Urinetest

b)

Röntgenfoto

c)

Echografie

d)

Vruchtwateronderzoek

56.

Wat is het doel van vroegtijdige socialisatie bij jonge honden?

a)

Sneller volwassen worden

b)

Beter gedrag en minder angst later

c)

Hogere melkproductie bij de moeder

d)

Verminderen van territoriaal gedrag bij katten

57.

Wat is de invloed van stress op de vruchtbaarheid van dieren?

a)

Stress verhoogt de kans op bevruchting

b)

Stress verlaagt de progesteronproductie

c)

Stress verlengt de bronst

d)

Stress verhoogt de ovulatiefrequentie

58.

Wat is een nadeel van inteelt in de fokkerij?

a)

Dieren worden actiever

b)

Er ontstaat te veel genetische variatie

c)

Erfelijke aandoeningen komen vaker voor

d)

De draagtijd wordt onvoorspelbaar

59.

Wanneer vindt de dekking bij voorkeur plaats bij de teef?

a)

Vlak voor het begin van de bronst

b)

In de met-oestrusfase

c)

Tijdens de oestrus

d)

Tijdens de di-oestrus

60.

Waarom moet het voer van een moederdier worden aangepast tijdens de dracht?

a)

Om de bronst op gang te houden

b)

Vanwege verhoogde energie- en voedingsbehoefte

c)

Zodat het jong sneller speent

d)

Om de melkproductie te verminderen

61.

Wat is de naam voor een mannelijk, ongecastreerd varken?

a)

Beer

b)

Ram

c)

Bok

d)

Stier

62.

Wat is de functie van colostrum (biestmelk)?

a)

Het onderdrukt bronst

b)

Het bevat afweerstoffen voor het jong

c)

Het stimuleert de melkproductie

d)

Het zorgt voor snelle spierontwikkeling

63.

Waarom wordt er gebruik gemaakt van dekregistratie?

a)

Voor registratie van vaccinaties

b)

Om de melkproductie te volgen

c)

Om het moment van de verwachte geboorte te bepalen

d)

Om te controleren of de voeding correct is

64.

Wat is een kenmerk van een natuurlijke geboorte?

a)

De dierenarts haalt het jong handmatig

b)

De moeder breekt de vruchtblaas zelf

c)

De bevruchting vindt buiten het lichaam plaats

d)

De geboorte gebeurt via een keizersnede

65.

Wat wordt bedoeld met lijnenteelt in de fokkerij van dieren?

a)

Het kruisen van dieren van verschillende rassen om hybride kracht te verkrijgen

b)

Het selecteren van dieren op basis van uiterlijke kenmerken zonder rekening te houden met verwantschap

c)

Het herhaaldelijk paren van nauw verwante dieren binnen een bepaalde bloedlijn om gewenste eigenschappen te behouden

d)

Het willekeurig paren van dieren binnen een populatie om genetische variatie te vergroten

66.

Wat is een belangrijk uitgangspunt bij ethisch verantwoord fokken?

a)

Het uiterlijk is belangrijker dan gedrag

b)

Alleen jonge dieren mogen worden ingezet

c)

Gezondheid en welzijn van ouderdieren staan centraal

d)

Inteelt is toegestaan bij zeldzame rassen

67.

Wat betekent het als een kat 'krols' is?

a)

Ze is net gesteriliseerd

b)

Ze is klaar voor de geboorte

c)

Ze vertoont bronstgedrag en is vruchtbaar

d)

Ze is agressief tegenover andere katten

68.

Welk orgaan produceert zaadcellen?

a)

Prostaat

b)

Zaadblaasjes

c)

Testikels

d)

Bijbal

69.

Wat is het verschil tussen sterilisatie en castratie bij dieren?

a)

Bij sterilisatie worden geslachtsorganen volledig verwijderd

b)

Castratie is alleen voor vrouwelijke dieren

c)

Castratie stopt hormoonproductie, sterilisatie niet

d)

Sterilisatie is alleen tijdelijk effectief

70.

Wat is het nut van een dekadvies bij fokdieren?

a)

Om kosten te besparen op voer

b)

Om het moment van geboorte te verplaatsen

c)

Om inteelt te voorkomen en genetische diversiteit te bevorderen

d)

Om alleen mannelijke nakomelingen te krijgen

71.

Wat zijn de gevolgen van onvoldoende socialisatie bij jonge dieren?

a)

Versnelde groei

b)

Overmatige melkproductie

c)

Angstig en onvoorspelbaar gedrag op latere leeftijd

d)

Onvruchtbaarheid

72.

Wat is het doel van een vruchtbaarheidscyclus bijhouden?

a)

Het voorspellen van de exacte geboortedatum

b)

Het plannen van een castratie

c)

Het vastleggen van het voerschema

d)

Het bepalen van het beste moment voor dekking

73.

Wat is een correcte combinatie van dier en draagtijd?

a)

Geit - 95 dagen

b)

Paard - 340 dagen

c)

Kat - 100 dagen

d)

Konijn - 75 dagen

74.

Welke van de volgende dieren is een rammelaar?

a)

Mannelijk konijn

b)

Gecastreerde ram

c)

Mannelijke kat

d)

Vrouwelijk cavia

75.

Wat is het doel van een fokdoel bij een fokkerijprogramma?

a)

Het stimuleren van onnatuurlijke gedragingen

b)

Het verhogen van het aantal jongen per worp

c)

Het bewust selecteren op gewenste eigenschappen

d)

Het vermijden van alle natuurlijke paringen