Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Terugkoppeling leermodule 'signaleren'

Total questions: 20

Worksheet time: 11mins

Name
Class
Date
1.

Signaleren = weten wie cognitief begaafd is

a)
WAAR
b)
Onwaar
2.

Cognitief begaafde leerlingen zijn leerlingen die een IQ-score van ±120 of meer hebben. Ze behoren tot de top 10% van hun leeftijdsgenoten.

a)
WAAR
b)
Onwaar
3.

Signaleren van sterk functionerende leerlingen doe je best zo vroeg mogelijk.

a)
WAAR
b)
Onwaar
4.

Vermoedens van cognitieve begaafdheid worden vaak uitgesproken door de ouders.

a)
WAAR
b)
Onwaar
5.

Leerlingen die zich ostentatief zitten te vervelen in de klas, zijn vaker cognitief begaafd.

a)
WAAR
b)
Onwaar
6.

Cognitief begaafde meisjes worden vaak niet gezien.

a)
WAAR
b)
Onwaar
7.

Cognitief begaafde leerlingen halen altijd mooie cijfers.

a)
WAAR
b)
Onwaar
8.

Om te bepalen of leerlingen cognitief begaafd zijn, laten leerkrachten zich sterker leiden door de rapportcijfers dan door de IQ-scores van die leerlingen.

a)
WAAR
b)
Onwaar
9.

Observatie van cognitieve leerkenmerken (sterke zelfregulatie, abstract denken...) valt onder fase 1 (verhoogde zorg) van het zorgcontinuüm.

a)
WAAR
b)
Onwaar
10.

Observatie van cognitieve leerkenmerken (sterke zelfregulatie, abstract denken...) gebeurt enkel tijdens verplichte klasactiviteiten.

a)
WAAR
b)
Onwaar
11.

Duid alle voorbeelden van cognitieve leerkenmerken aan (= deze zijn het meest algemeen van toepassing op alle cognitief begaafde leerlingen).

a)

sterk geheugen

b)

perfectionisme

c)

denken en leren erg snel

d)

hebben minimale instructie nodig

e)

weten veel

12.

Elke cognitief begaafde leerling is even sterk in elk cognitief leerkenmerk (uitstekend geheugen, abstract denken...).

a)
WAAR
b)
Onwaar
13.

Uitdagend signaleren is kijken hoe sterkere leerlingen reageren op een aanbod dat afwijkt van de standaardmethode.

a)
WAAR
b)
Onwaar
14.

Naast observatie, kan er ook gebruikgemaakt worden van verschillende toetsen om sterk functionerende leerlingen te signaleren.

a)
WAAR
b)
Onwaar
15.

Methodetoetsen kunnen niet bijdragen tot het signaleren van cognitief sterk functionerende leerlingen.

a)
WAAR
b)
Onwaar
16.

Wanneer een leerling steeds boven het percentiel ... (vul een getal in) scoort op LVS-toetsen, kan dit opnieuw een signaal zijn van cognitieve begaafdheid.

(a)  

17.

Leerlingen die in de fase van basiszorg gesignaleerd werden als mogelijks cognitief begaafd, kunnen worden doorgetoetst a.d.h.v. LVS-toetsen.

a)
WAAR
b)
Onwaar
18.

De zorgleerkracht neemt dan de LVS-toets af van een ... schooljaar verder en bekijkt de totaalscore hiervan.

a)

half

b)

volledig

19.

Bij het LVS-doortoetsen mag de zorgleerkracht geen uitleg geven over leerstofonderdelen die de leerling nog niet aangeboden kreeg in de les.

a)
WAAR
b)
Onwaar
20.

Pre-toetsen (met methodetoetsen) valt onder het thema compacten en verrijken, onze volgende leermodule.

a)
WAAR
b)
Onwaar