Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Bijvoeglijk vs Bijwoord - deel 1: 20 items

Total questions: 20

Worksheet time: 12mins

Name
Class
Date
1.

'Ik vind dat een heel rare uitleg.'
Bevat deze zin een bijwoord?

a)

vind

b)

heel

c)

rare

d)

geen bijwoord

2.

'De kleine jongen rende hard.'

Is er een bijwoord in deze zin?

a)

jongen

b)

hard

c)

geen bijwoord

d)

kleine

3.

'We zagen het verschrikkelijk mooie vuurwerk.'

Is er een bijwoord?

a)

verschrikkelijk

b)

mooie

c)

geen bijwoord

d)

vuurwerk

4.

Hij is ziek.

a)

bijwoord

b)

bijvoeglijk naamwoord

5.

'Het gouden horloge van Stephan is gestolen.'

a)

bijvoeglijk naamwoord

b)

bijwoord

c)

zelfstandig naamwoord

6.

Over welke woordsoort kunnen bijwoorden niets zeggen?

a)

werkwoord

b)

bijvoeglijk naamwoord

c)

zelfstandig naamwoord

d)

lidwoord

7.

Waar of niet waar? Een bijvoeglijk naamwoord kan je verbuigen, een bijwoord niet.

a)

Waar

b)

Niet waar

8.

Welke functie heeft het onderstreepte woord?

Morgen gaan we naar het zwembad.

a)

bijvoeglijk naamwoord

b)

bijwoord

c)

aanwijzend voornaamwoord

d)

zelfstandig naamwoord

9.

Wat is de functie van het onderstreepte woord?

Kato heeft het versleten, blauwe jasje eindelijk weggegooid.

a)

zelfstandig naamwoord

b)

bijwoord

c)

bijvoeglijk naamwoord

d)

vragend voornaamwoord

10.

Benoem het bijwoord.

Zij bouwde een ontzettend groot gebouw.

a)

bouwde

b)

ontzettend

c)

groot

d)

gebouw

11.

Benoem het bijwoord.

Na de les mochten ze eindelijk hun telefoon gebruiken.

a)

Na

b)

eindelijk

c)

hun

d)

gebruiken

12.

Benoem de bijwoorden.

Achteraf weet ze dat ze beter had moeten oefenen.

a)

Achteraf, had

b)

ze, ze

c)

beter, oefenen

d)

Achteraf, beter

13.

Benoem de woordsoort.


Misschien ga ik morgen naar de bioscoop.

a)

Zelfstandig naamwoord (zn)

b)

Bijwoord (bw)

c)

Vragend voornaamwoord (vrag.vnw.)

14.

Welk woord zegt iets over het werkwoord of het bijvoeglijk naamwoord?

a)

Voorzetsel

b)

Voornaamwoord

c)

Bijwoord

d)

Voegwoord

15.

Volgend schooljaar zijn er weer nieuwe vakken en uitdagingen.

a)

Bijwoord

b)

Bijvoeglijk naamwoord

c)

Werkwoord

d)

Zelfstandig naamwoord

16.

Mijn zus is erg streng aan het lijnen.

a)

Bijvoeglijk naamwoord

b)

Bijwoord

17.

Daar kwam ik erachter dat hij eigenlijk helemaal niet zo aardig is.

a)

Bijvoeglijk naamwoord

b)

Bijwoord

18.

Gelukkig hebben we de foto’s nog.

a)

Bijvoeglijk naamwoord

b)

Bijwoord

19.

Pas op, dat handvat kan heel warm worden.

a)

Bijvoeglijk naamwoord

b)

Bijwoord

20.

De hele Belgische bevolking was uiterst kwaad over de vreemde beslissing.

Categorize the following

Belgische

hele

uiterst

vreemde

kwaad

bijvoegelijk naamwoord
bijwoord