wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

De Sporter / stevigheid en beweging

Total questions: 31

Worksheet time: 1hrs 23mins

Name
Class
Date
1.

Welk bot is gebroken?

a)

Handwortelbeentje

b)

Middenhandsbeentje

c)

Vingerkootje

2.

Welke onderdelen behoren tot de borstkas?


(het zijn er 3!)

a)

Borstbeen

b)

Schouderblad

c)

Borstwervels

d)

Ribben

e)

Sleutelbeen

3.

Hoe heet bot 3?

(a)  

4.

De vier functies van het skelet zijn:

stevigheid, bescherming, bewegen en v (a)   ?

5.

Hoe heet bot/been 1?

(a)  

6.

Op welke plaatsen zit kraakbeen in je lijf?

a)

In je neus

b)

Tussen je wervels (rug)

c)

Tussen je borstbeen en ribben

d)

In je oor

7.

Hoe heet het groene bot?

a)

Heiligbeen

b)

Heupbeen

c)

Staartbeen

8.

Welk been/bot is gebroken?

(a)  

9.

Hoe heet het groene bot/been?

a)

Schouder

b)

Schouderblad

c)

Sleutelbeen

d)

Wervelkolom

10.

Hoe heet bot A?

a)

Bovenarmbeen

b)

Ellepijp

c)

Spaakbeen

d)

Opperarmbeen

11.

Hoe heet bot/been C

a)

borstbeen

b)

Ribbenkast

c)

Ribben

d)

Wervelkolom

12.

Waar in het lichaam zijn beenderen met elkaar verbonden door een gewricht?

a)

Schedelbeenderen

b)

Heupbeen - dijbeen

c)

Heiligbeen - staartbeen

d)

Ribben - bostbeen

13.

Hoe zitten spieren vast aan botten?


Met (a)   ?

14.

Waar komt dit gewricht voor? Kies de juiste antwoorden (2)

a)

Tussen opperarmbeen en schouder

b)

In je knie

c)

In je wervelkolom

d)

Tussen heupbeen en dijbeen

e)

In je schedel

15.

Welke beenverbinding is beweeglijk?

a)

1

b)

2

c)

3

16.

Welke letter geeft de biceps/armbuigspier aan?

a)

A

b)

B

c)

C

17.

De paarse en groene spier zijn elkaars .............................?

a)

Antigen

b)

Gelijken

c)

Antagonisten

d)

Tegenwerkers

18.

Welke uitspraken zijn juist?


Lees goed en probeer het uit met je been, helpt echt!

a)

Als spier 2 samentrekt gaat het onderbeen omhoog

b)

Als spier 1 samentrekt gaat het onderbeen omhoog

c)

Als spier 1 en 2 samen samentrekken gaat het onderbeen omhoog

19.

De 4 manieren hoe botten aan elkaar kunnen zitten zijn gewrichten, vergroeid, kraakbeenverbinding of via een (a)  

20.

Waar in het lichaam zijn beenderen met elkaar verbonden door een naadverbinding?

a)

Schedelbeenderen

b)

Heupbeen - dijbeen

c)

Heiligbeen - staartbeen

d)

Ribben - bostbeen

21.

Welk type gewricht is dit?

a)

Scharniergewricht

b)

Rolgewricht

c)

Kogelgewricht

22.

In de afbeelding zijn de botten in een hand en een deel van de onderarm weergegeven.

Welke letter geeft een handwortelbeentje aan?

a)

P

b)

Q

c)

R

d)

S

e)

T

23.

In de afbeelding zijn de botten in een hand en een deel van de onderarm weergegeven.

Welke letter geeft een ellepijp aan?

a)

P

b)

Q

c)

R

d)

S

e)

T

24.

De achillespees is een grote pees die spier P met het hielbeen verbindt.

Hoe heet de plek waar de pees vastzit aan het bot?


(het begint met: aanhe (a)   )

25.

In de afbeelding zijn drie gewrichten met een cijfer aangegeven (1, 2 en 3).

Welk nummer geeft een kogelgewricht aan?

a)

1

b)

2

c)

3

26.

Wat is de naam van bot 4?

(a)  

27.
a)

1=dijbeen, 2=kuitbeen, 3=hielbeen

b)

1=bovenbeen, 2=scheenbeen, 3=kuit

c)

1=dijbeen, 2=scheenbeen, 3=kuitbeen

28.

Welke definities voor orgaan zijn de juiste?

(er zijn meer antwoorden goed!)

a)

Een orgaan bestaat uit weefsels

b)

Een orgaan is een deel van een organisme met 1 of meer functies

c)

Een plant heeft organen

d)

Organen werken vaak samen

29.

Welk orgaanstelsel zie je op de afbeelding?

a)

Bloedvatenstelsel

b)

Beenderenstelsel

c)

Spierstelsel

d)

Zenuwstelsel

30.

Welke bewering is juist?

a)

Spieren kunnen niet samentrekken, pezen wel

b)

Spieren kunnen samentrekken, pezen niet

c)

Zowel spieren als pezen kunnen samentrekken

d)

Als een spier samentrekt, wordt hij langer en dunner

31.

Waar in het lichaam zijn beenderen met elkaar verbonden door vergoeiing?

a)

Schedelbeenderen

b)

Heupbeen - dijbeen

c)

Heiligbeen - staartbeen

d)

Ribben - bostbeen