wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

klas 4 §10.1 eicelrijping, menstruatiecyclus, bevruchting

Total questions: 18

Worksheet time: 9mins

Name
Class
Date
1.

op welke dagen wordt de baarmoederwand afgebroken?

a)

1-10

b)

1-4

c)

14-18

d)

20-24

2.

op welke dag vindt er ovulatie plaats?

a)

op dag 7

b)

op dag 20

c)

op dag 14

d)

op dag 1

3.

Wat is een jonge follikel?

a)

een vrijgekomen eicel

b)

Een geel lichaam die hormonen afgeeft

c)

een onrijpe eicel in de eierstok

d)

Een soort lollie

4.

Iris had op 3 maart haar eerste dag van de menstruatie. Op welke dag zal haar eerstevolgende eisprong vermoedelijk zijn?

a)

14 maart

b)

16 maart

c)

31 maart

d)

24 maart

5.

Wanneer is een vrouw het meest vruchtbaar?

a)

Vlak na de menstruatie

b)

Vlak voor de menstruatie

c)

Vlak na de eisprong

d)

Vlak voor de eisprong

6.
Bij een vrouw komt gemiddeld maar één follikel per twee weken tot volledige rijping
a)
Juist
b)
Onjuist
7.
 Met welke letter wordt de plek aangegeven waar een eicel wordt bevrucht?
a)
P
b)
Q
c)
S
d)
R
8.

Wat gebeurt er bij de ovulatie?

a)

De follikel barst open waardoor de eicel naar de eileider gaat

b)

De follikel sterft af

c)

De menstruatie begint

d)

De eicel sterft af

9.

Wat zie je op deze foto?

a)

een follikel in een eierstok

b)

een eicel

c)

zaadcellen

d)

bevruchting

10.

Wat zie je op deze foto?

a)

een follikel in een eierstok

b)

een eicel

c)

zaadcellen

d)

bevruchting

11.

Wat zie je op deze foto?

a)

een follikel in een eierstok

b)

een eicel

c)

zaadcellen

d)

bevruchting

12.

Wat zie je op deze foto?

a)

een follikel in een eierstok

b)

een eicel

c)

zaadcellen

d)

bevruchting

13.

Sperma bestaat uit:

a)

vocht uit de zaadblaasjes

b)

vocht uit de prostaat

c)

zaadcellen

d)

geslachtshormoon

14.

Welk onderdeel zorgt bij de man voor een erectie?

a)

de eikel

b)

de teelbal

c)

de zwellichamen

d)

de prostaat

15.

Hoe lang kan een zaadcel overleven in het lichaam van een vrouw?

a)

3 dagen

b)

5 dagen

c)

1 dag

d)

4 dagen

16.

Hoe lang blijft een eicel in leven?

a)

1 dag

b)

2 dagen

c)

3 dagen

d)

4 dagen

17.

In het lichaam van een vrouw wordt elke maand een nieuwe eicel gemaakt

a)

waar

b)

niet waar

18.

Welke route leggen zaadcellen na een zaadlozing in een vrouw af?

a)

baarmoeder-vagina-eileider

b)

eileider-vagina-baarmoeder

c)

vagina-baarmoeder-eileider

d)

vagina-eileider-baarmoeder